VS en Europa naar confrontatie over Iran

Europa en de Verenigde Staten lijken regelrecht op een confrontatie af te koersen naar aanleiding van de voorgenomen investeringen door de Franse oliemaatschappij Total in Iran.

ROTTERDAM, 1 OKT. Het Franse megacontract voor gaswinning in Iran heeft een ware gladiatorenstrijd op gang gebracht, die ernstige consequenties kan krijgen voor de relaties tussen de Verenigde Staten en Europa. Partijen graven zich in posities die ze steeds moeilijk kunnen prijsgeven: de VS vertrouwen Iran voor geen cent, de Europeanen willen gebruik maken van enorme energiereserves in dat land en stimuleren het nieuwe regime van president Khatami om een meer gematigde politiek te voeren. Die politiek moet zowel een betere economische ontwikkeling in Iran zelf op gang brengen, als een betere relatie tussen Iran en Europa die eventeel ook het vredesproces in het Midden-Oosten ten goede kan komen.

Total wil met het Russische Gazprom en het Maleisische Petronas het grootste project uitvoeren dat Iran sinds de Islamitische revolutie met een buitenlands bedrijf heeft gesloten. Het gaat om de exploitatie van aardgasvelden met een bewezen reserve van 8.000 miljard kubieke meter in de Golf, ter waarde van 4 miljard gulden. Het gas zou hoofdzakelijk in Iran zelf worden afgezet. Dat gaat lijnrecht in tegen de Amerikaanse sanctiepolitiek jegens Iran, die gericht is op isolatie van een land dat terrorisme steunt.

Madeleine Albright, de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, maakte dat gisteren nog eens duidelijk in antwoord op vragen van verslaggevers. Ze noemde Iran een “bandietenstaat” die het vredesproces ondermijnt. “Ze snappen het gewoon niet”, aldus Albright, doelend op de Franse regering en de Europese Unie die het contract van Total voluit steunen, een houding die Albright zich niet kon voorstellen. “Dit is inderdaad frusterend. We moeten ons beleid jegens Iran vasthouden”, aldus de minister.

De Franse premier Jospin verklaarde maandag al dat het contract van Total volledig binnen de Franse en internationale wetgeving past, en dat de Amerikaanse sanctiewet tegen Iran niet van toepassing is in Frankrijk. Hij kreeg gisteren steun van EU-commissaris Leon Brittan die een beroep op de Amerikanen deed om hun beleid nog eens nauwgezet te overwegen. Toepassing van de sanctiewet kan betekenen dat Total, Gazprom en Petronas geen leningen bij Amerikaanse banken krijgen en geen commerciële contracten met Amerikaanse bedrijven kunnen afsluiten. Total heeft al bekendgemaakt dat het daardoor niet zwaar getroffen wordt omdat het concern - anders dan Shell dat ook in Iran aan de gang wil - weinig activiteiten in de VS heeft.

Brittan op zijn beurt heeft duidelijk gemaakt dat Amerikaanse maatregelen tegen Total de handelsbetrekkingen met Europa ernstig zullen schaden. De EU overweegt in dat geval een klacht tegen de VS in de dienen bij de Wereldhandelsorganisatie WTO, maar de Amerikanen zullen zo'n uitspraak naast zich neerleggen. Iran, dat zich al sterk op de borst klopt en het contract met de Fransen als een overwinning op de VS presenteert, zou dan de lachende derde zijn.

Intussen poogt het Amerikaanse bedrijfsleven druk uit te oefenen op het Witte Huis om geen maatregelen tegen Total te nemen, om zelf weer een graantje mee te kunnen pikken van de grote kansen op de markt in het Midden-Oosten. Amerikaanse bedrijven mogen niet investeren in Iran, Irak en Libië. President Clinton kan - net als hij al deed met zijn goedkeuring van de gaspijpleiding van Turkmenistan door Iran naar Turkije eerder dit jaar - een uitzondering maken. Maar daarmee zou hij de Republikeinse meerderheid in het Congres bruskeren en Albright voor de voeten lopen.