Vrijlating om woede van Hamas af te kopen

Met het vertrek naar Jordanië van de doodzieke Hamas-oprichter sjeik Yassin is Israel af van een 'hete aardappel'. Maar veel Israeliërs kunnen zijn vrijlating niet begrijpen, en het Palestijnse Gezag is boos.

TEL AVIV/ JERUZALEM, 1 OKT. Veel Israeliërs kunnen vandaag de uitwijzing van de Hamas-leider sjeik Ahmed Yassin naar Jordanië niet rijmen met de waarschuwing van premier Benjamin Netanyahu van gisteravond voor nieuwe zelfmoordaanslagen door Hamas.

In Israelische regeringskringen wordt als het graf gezwegen over de sterker wordende speculaties dat Israel deze prijs heeft moeten betalen voor een mislukte aanslag van de Mossad op een kopstuk van Hamas in de Jordaanse hoofdstad Amman. Het zou dan gaan om een uitwisseling van twee Mossad-agenten met Canadese paspoorten die hebben geprobeerd Khaled Meshal te vergiftigen, tegen sjeik Yassin. In de Jordaanse pers zijn gisteren berichten verschenen dat Israel na de arrestatie van de 'Canadezen' zelfs tegengif naar Amman heeft gestuurd om de in levensgevaar verkerende Khaled Meshal te redden.

De Mossad is voor de Mukhabarat, de Jordaanse binnenlandse veiligheidsdienst, geen onbekende. Beide organisaties werken al sedert de jaren zeventig, na de 'zwarte september-maand' (de Palestijnse opstand), samen tegen Palestijnse terreur. Dat Mossad-agenten kennelijk tot actie op Jordaans gebied zijn overgegaan en zich hebben laten pakken, is een blunder die zowel koning Hussein als premier Netanyahu in grote verlegenheid heeft gebracht. Om de woede van Hamas in Jordanië af te kopen zou de Jordaanse vorst de vrijlating van sjeik Yassin door Israel hebben bedongen.

In elk geval is Israel volkomen onverwachts af van zoals een commentator van radio Israel vanmorgen zei de “hete aardappel Yassin”. Deze oprichter en geestelijk leider van Hamas is niet alleen verlamd maar ook bijna blind, en hij zou er zo slecht aan toe zijn dat voor zijn dood in een Israelische gevangenis werd gevreesd. Wraak, het handelsmerk van Hamas, zou dan zeker niet zijn uitgebleven. Dat argument wordt vanmorgen door het bureau van Netanyahu gehanteerd om de vrijlating van de stichter van Hamas als een onderdeel van de strijd tegen de terreur te rechtvaardigen.

Talloze malen heeft Hamas in pamfletten de vrijlating van sjeik Yassin geëist. Ontvoering van Israelische soldaten was één van de middelen die Hamas gebruikte om de regering in Jeruzalem onder druk te zetten. De premiers Rabin en Peres hebben de beslissing tot vrijlating echter met het oog op de te verwachten negatieve reactie van de publieke opinie niet durven nemen. Premier Netanyahu heeft als uitgesproken nationalist met een felle anti-terroristenretoriek meer politieke vrijheid dan zijn voorgangers om beslissingen zoals de vrijlating van sjeik Yassin te nemen. Hoewel deze vrijlating niets met het vredesproces heeft te maken, bewijst Netanyahu hiermee wel dat hij ook ten aanzien van de Palestijnen en Syriërs concessies kan doen die voor Rabin en Peres gezien het politieke klimaat in Israel moeilijk haalbaar waren.

Sjeik Ahmed Yassin is een produkt van de Israelische bezettingspolitiek. Hij kreeg als geestelijk leider en volgeling van de Moslimbroederschap van de Israelische bezetter in Gaza in de jaren tachtig betrekkelijke vrijheid van handelen als tegenwicht voor de invloed van Arafats Palestijnse Bevrijdings Organisatie. Israel speelde toen de islam tegen de seculiere PLO uit. Vanuit de moskeeën organiseerde sjeik Yassin een uitgebreid netwerk van sociale, medische en educatieve hulp aan de Palestijnse bevolking. Daaruit ontwikkelde zich de Hamas-structuur, die na het uitbreken van de intifadah, de Palestijnse volksopstand, in december 1987 in Gaza een uiterst effectief netwerk voor het handhaven van de opstand bleek te zijn. Het is nooit duidelijk geworden in hoeverre sjeik Yassin ook invloed uitoefent op Ezzedin al-Qassem, de militaire vleugel van Hamas.

Intussen is het Palestijnse Gezag van Yasser Arafat woedend over de als “deportatie” gebrandmerkte vrijlating, waarin zij niet is gekend maar waarin koning Hussein een hoofdrol heeft gespeeld. “Er was geen enkel contact over de vrijlating tussen Israel en de PLO”, aldus Ahmed Abdel Rahman, topadviseur van Arafat in Gaza. “De PLO is de vertegenwoordiger van het Palestijnse volk, niet koning Hussein. Waarom wisten wij van niets?” De PLO heeft nog niet bij Netanyahu geprotesteerd; “daarvoor is het nog te vroeg”, aldus Abdel Rahman.

Palestijnse bronnen uit de omgeving van Arafat spreken van een “samenzwering tegen Arafat” en van een “cover-up voor wat de Mossad in Jordanië heeft uitgevoerd”.

Bij Hamas daarentegen is men blij. “Het is een positieve stap op weg naar de vrijlating van de andere 3.500 Hamas-gevangenen in Israel, van wie er 800 tot levenslang zijn veroordeeld”, aldus Ismail Abu Shanab, tweede man van Hamas in Gaza.

“Als Yassins vrijlating, zoals de mensen zeggen, een ruilhandel is tussen Israel en de koning om de twee 'Canadezen' vrij te krijgen, dan verwerp ik dat”, aldus Shanab. “Maar dan nog dank ik de koning voor zijn inspanningen. Dat de koning en niet Arafat het geregeld heeft, maakt voor mij niets uit. De Jordaniërs zijn onze broeders.”