Op de vuist

Valt er door de overheid iets te doen aan het straatgeweld, waar sinds de dood van Meindert Tjoelker, en eerder Joes Kloppenburg, de kranten mee volstaan? Een van de vele opiniestukken hield een pleidooi voor meer gezellige drukte op straat om daarin het geweld te delgen, een andere schrijver drong juist aan op meer stilte, omdat het oorverdovende lawaai in cafés en disco's, gecombineerd met veel drank, het publiek opzweept tot grensoverschrijdend gedrag. Van schreeuwers zitten de vuisten losser.

Beide oplossingen zijn volstrekt irreëel. De oproep tot meer goedaardige drukte klinkt in theorie veelbelovend, maar het publiek dat je daar voor nodig hebt, moeders met peuters in een buggy, bejaarden met boodschappentassen, huisvaders met hondjes, twaalfjarigen op skeelers, krijg je 's nachts om twaalf uur niet op de been. Die zitten thuis en de meesten slapen. Het nachtelijke uitgaansleven wordt per definitie gedomineerd door jongeren en door mensen zonder kinderen, niet door het Albert Cuypmarkt-publiek van zaterdagmiddag.

Ook het idee van meer stilte is niet te verwezenlijken. Harde muziek, lawaai en drank is juist wat de zogenaamde stappers aantrekt in de horeca. Die lui zijn er helemaal niet op uit om een goed gesprek te voeren en het is ook wel erg patroniserend om ze daartoe te willen opvoeden. Laat ze maar lallen.

Het lastige van straatgeweld is dat het telkens om incidenten gaat, waarbij de dingen uit de hand lopen zonder dat de betrokkenen die speciale afloop op het oog hadden. De moordenaars van Tjoelker (onder wie nota bene een huisvader) weten natuurlijk best dat ze niemand moeten doodschoppen en nu hebben ze spijt, maar het is te laat. Zelfs bezinning op de gevaren van woede helpt niet, zoals bleek toen een van de deelnemers aan de minuut stilte de dag daarop zelf iemand op straat in elkaar sloeg. Alleen al uit dat tweede incident kun je afleiden dat 'strengere straffen', waar ook hier en daar om geroepen wordt, niets zullen helpen. Tijdens aanvallen van razernij denken mensen niet aan de gevolgen.

Tegen incidenten kun je je slecht indekken. Als individu kun je je voornemen je nergens mee te bemoeien en altijd de andere kant op te kijken. Dit was de toon van veel ingezonden brievenschrijvers die bij straatgeweld betrokken waren geraakt, bijvoorbeeld omdat ze anderen tot de orde riepen, en dat lijkt in deze cultuur, waarin niemand zich nog door een willekeurige onbekende tot de orde laat roepen, de meest verstandige gedragslijn.

De enige manier om greep te krijgen op incidenten is om ze te concentreren in ruimte en tijd. In het geval van straatgeweld ligt de oplossing voor de hand: vaste sluitingstijden voor de cafés, doordeweeks om een uur, in het weekend om twee uur. Als argument voor niet-gereguleerde openingstijden van de horeca hoor je altijd dat het voor omwonenden prettiger is als beschonken personen zich gespatieerd door de nacht naar buiten begeven, dan wanneer er op een vast tijdstip een enorme vloedgolf tegelijk op straat rolt. Maar als ik in het uitgaanscentrum woonde, zou ik liever één keer door veel lawaai worden gestoord, dan de hele nacht door kleine uitbarstinkjes. Het is het verschil tussen een pleister ineens eraf scheuren of met kleine beetjes tegelijk.

Wie in een café zit, heeft de neiging te blijven zitten, omdat het zo gezellig is of omdat het misschien straks nog gezellig wordt. Strikte sluitingstijden zijn vervelend voor de cafébezoeker en worden als bevoogdend ervaren. Aan de andere kant is het vaak ook weer teveel moeite om naar een nachtcafé te gaan, als je om een of twee uur 's nachts tegen je zin buiten in de kou staat. Eigenlijk kun je dan net zo goed naar huis gaan.

Vaste sluitingstijden sturen veel mensen naar huis die anders waren blijven doordrinken. De diehards die er geen genoeg van krijgen, gaan naar de spaarzame nachtcafés. Het moet voor de politie makkelijk patrouilleren zijn in zo'n overzichtelijke situatie. Maar de belangen van de horeca zullen vast te sterk blijken voor zo'n regulering die de voordelen van drukte en stilte op straat met elkaar combineert.