Vrees voor paardenmiddelen van verzwakte ETA

De politieke eenheid in de strijd tegen de terreur van de ETA staat onder druk. Baskische nationalisten nemen afstand van de confrontatiepolitiek van de conservatieve regering.

SAN SEBASTIÁN, 30 SEPT. Het is rokerig in de oude binnenstad van San Sebastián. Tussen de brandende zakken huisvuil zoekt een vijftigtal jongens en meisjes - de oudsten rond de twintig - een goed heenkomen voor het peloton oproerbestrijders van de Ertzaintza. De lokale Baskische politie - met bivakmutsen onder hun rode helmen om herkenning te voorkomen - wordt van een ruime afstand bestookt met molotovcocktails. “Mercenarios (huurlingen)”, galmt het in de smalle straten. Verbaasde bezoekers van het filmfestival glibberen over het oliespoor dat de brandbommen op straat hebben achtergelaten.

Op een steenworp afstand van de bioscopen waar dit weekeinde het jaarlijkse filmfestval van San Sebastián werd afgesloten, protesteerden ETA-sympathisanten tegen de dood van twee leiders van een terreurcommando van de ETA die eerder in de week in Bilbao omkwamen in een vuurgevecht met de politie. De ontmanteling van het betreffende terreurcommando - na de schietpartij zijn veertien arrestaties verricht - geldt als een zware slag voor de ETA. De groep wordt alleen al dit jaar verantwoordelijk gehouden voor vijf doden en ettelijke bomaanslagen.

Uit de documentatie die door de politie in beslag werd genomen bleek dat het commando het bovendien gemunt had op de Baskische leider van de conservatieve regeringspartij Partido Popular en de president van de rechtbank van Bilbao. De politie-actie voorkwam dat zij een dezer dagen de lucht in vlogen met een autobom of op straat werden vermoord met het beruchte nekschot.

De schade van de rellen bleef de afgelopen dagen binnen de perken. Hier en daar werden wat huizen van burgemeesters en bankgebouwen met molotovcocktails in brand gestoken. Een bus met passagiers wist ternauwernood te ontsnappen aan een groep met knuppels gewapende jongeren en er werden vernielingen aangericht in een museum. Maar de toeristen konden ongestoord op de terrassen van de centrale Plaza de Constitución van San Sebastián blijven zitten terwijl de ETA-aanhang een goed heenkomen zocht in de talloze bars van de oude binnenstad.

Baskenland leeft tussen angst en hoop: de massale protesten deze zomer tegen de ETA-moord op het Baskische raadslid Miguel Angel Blanco en de recente politie-acties lijkt de ETA lamgeslagen te hebben. “Het is inderdaad opmerkelijk rustig”, zegt Maria Teresa Castells. Sinds 1968 drijft zij de boekhandel Lagun (Baskisch voor 'Kameraad') onder de bogen van de Plaza de Constitución. Tijdens de Franco-dictatuur was haar zaak de ontmoetingsplaats voor de tegenstanders van het regime en derhalve een gewild mikpunt van vernielingen door rechts-extremistische knokploegen. De afgelopen jaren waren het echter de ETA-jongeren die de ruiten van haar zaak insloegen, verfbommen naar binnen gooiden en de boeken in brand staken. Lagun weigerde mee te doen aan een van de proteststakingen die waren uitgeroepen om steun aan de ETA te betuigen. “Het afgelopen jaar werd de zaak meer dan twintig keer vernield”, zegt Castells, “Maar de afgelopen maanden is het rustig. We hopen dat er na deze zomer iets veranderd is.”

De rust is des te opmerkelijker omdat de voornemens van de politieke partijen om na de moord op Blanco een vuist te maken tegen de ETA en haar politieke arm, Herri Batasuna, onder aanhoudende druk staan. De Baskisch-nationalistische PNV, de grootste partij in Baskenland en doorslaggevend in de Baskische regioregering, beschuldigde de regering in Madrid de afgelopen week zelfs van het doorbreken van de consensus op dit gebied. Aanleiding was de video die door de Spaanse regering in het buitenland wordt verspreid. In de video wordt uitleg gegeven over het terroristische karakter van de ETA. De gebruikte beelden van de bloedige aanslagen schaden het toerisme in Baskenland en gooien alleen maar olie op het vuur, aldus de protesten.

Niet alleen de video stoorde de Baskische nationalisten: de PNV weigerde eveneens de begrotingsvoorstellen van de minderheidsregering van premier Aznar te steunen, nadat het kabinet had geweigerd de zeggenschap over een deel van het budget voor werklozensteun aan de Baskische regio over te dragen. Niettemin verbaasde PNV-leider Xavier Arzalluz vriend en vijand door het afgelopen weekeinde een voor zijn doen uiterst gematigde toon aan te slaan tijdens de jaarlijkse toogdag van zijn partij.

Normaal gesproken benut Arzalluz deze gelegenheid om heftig uit te varen tegen “hen uit Madrid” en andere gevaren die de Baskische natie bedreigen. Maar dit maal hield hij een gevolg van honderdduizend volgelingen voor dat de conservatieve regering van Aznar in de anderhalf jaar van haar bestaan meer bevoegdheden naar Baskenland had gesluisd dan de socialistische regeringen in de dertien voorgaande jaren.

Een breuk met de regering-Aznar wordt dan ook vooral gezien als een voorbereiding van de PNV op de regioverkiezingen die volgend jaar in Baskenland worden gehouden. De 'gematigde' Baskische nationalistische partij vreest de electorale invloed van minister van Binnenlandse Zaken Jaime Mayor Oreja, veruit de populairste minister in het kabinet-Aznar. Mayor Oreja, zelf een Bask, heeft tot dusver succes geboekt in zijn harde aanpak van de ETA en dat zou de PNV in Baskenland wel eens stemmen kunnen kosten.

Intussen groeit in Baskenland de vrees dat de verzwakte ETA zijn toevlucht zal zoeken in terroristische paardenmiddelen. Nu het grootste deel van de commando-structuur is opgerold zijn gerichte moordaanslagen immers steeds moeilijker uit te voeren.

De gedachte leeft niet in de laatste plaats in ETA-kringen zelf. “Deze regering wil helemaal niet onderhandelen”, moppert een oudere man, die op afstand heeft gevolgd hoe de politie de demonstranten de oude wijk van San Sebastián in heeft gejaagd. Zelf heeft hij een zoon in een Parijse gevangenis die veroordeeld is tot meer dan veertig jaar cel wegens lidmaatschap van een moordcommando van de ETA. “Deze regering dwingt de ETA gewoon om hetzelfde te gaan doen als de IRA: bomaanslagen op het publiek zonder waarschuwingen vooraf.”

Verwacht wordt dat het proces, volgende maand, tegen de top van Herri Batasuna (beschuldiging: medewerking aan een gewapende bende) de spanningen verder zal opdrijven. Het huwelijk van de jongste dochter van koning Juan Carlos en de opening van het nieuwe Guggenheim-museum in Bilbao zullen met omvangrijke veiligheidsmaatregelen gepaard gaan.