Onderzoek: 'menselijke BSE'; 'Bewijs' voor relatie BSE en hersenziekte

ROTTERDAM, 30 SEPT. Britse en Schotse onderzoekers hebben het hardst mogelijke bewijs geleverd voor het feit dat de gekke-koeienziekte (BSE) en de nieuwe vorm van de ziekte van Creutzfeldt-Jakob een en dezelfde oorzaak hebben. Hun resultaten verschijnen donderdag in het wetenschappelijk tijdschrift Nature.

“Ze leveren overtuigend bewijs”, schrijft de Britse wetenschapper Jeffrey Almond in een commentaar op het gepresenteerde onderzoek. “We kunnen de nieuwe vorm van Creutzfeldt-Jakob nu menselijke BSE noemen.” De Britten en de Schotten komen onafhankelijk van elkaar tot de conclusie dat de veroorzaker van BSE bij koeien, een prion-eiwit, identiek is aan de veroorzaker van de nieuwe vorm van Creutzfeldt-Jakob (nvCJ), waaraan tot op heden zeker 15 mensen zijn overleden. Ze ondersteunen daarmee het sterke vermoeden dat mensen besmet zijn geraakt met het ziekmakende prion via het eten van rundvlees van koeien met BSE. Dat vermoeden rees vorig jaar maart, toen de Britse regering meldde dat er een nieuwe vorm van CJ bij relatief jonge mensen was geconstateerd.

In de maanden daarna stapelden zich de bewijzen voor dit vermoeden langzaam op. Het nu gepresenteerde onderzoek is een verdere ondersteuning hiervoor. De Schotse wetenschappers gaan bij hun onderzoek uit van muizen die zijn geïnjecteerd met vermalen hersenweefsel van BSE-koeien. Deze muizen worden na zo'n 300 dagen ziek. Het ziekmakende prion-eiwit begint zich in verschillende hersenengebieden op te stapelen, hersencellen sterven af en laten gaten achter. De Schotten betitelen deze pathologie als het 'BSE-signatuur'.

Precies dezelfde signatuur vonden ze terug in hersenen van muizen die ze hadden geïnjecteerd met vermalen hersenweefsel van drie patiënten die waren overleden aan nvCJ. Daarnaast hadden ze muizen geïnjecteerd met vermalen hersenweefsel van zes patiënten die waren overleden aan de sporadische vorm van CJ die zich pas op latere leeftijd voordoet. Bij deze muizen vonden ze geen typisch BSE-signatuur. Na 600 dagen vertoonden de muizen nog geen klinische verschijnselen van een hersenaandoening.

Daarnaast injecteerden ze muizen met hersenweefsel van andere dieren - geiten, nerts en eland - die waren overleden aan een BSE-achtige ziekte. Ook zij ontwikkelden het typische BSE-signatuur in hun hersenen. De Schotten concluderen dat nvCJ, BSE, en de BSE-achtige ziekte bij andere dieren door dezelfde ziekteverwekker worden veroorzaakt.

De Britse wetenschappers deden proeven met genetisch gemanipuleerde muizen. Ze maken geen muizenprionen, maar menselijke prionen in hun hersenen. Deze muizen werden geïnjecteerd met vermalen hersenweefsel van BSE-koeien. Ook zij ontwikkelden een typisch BSE-signatuur. Datzelfde signatuur ontwikkelde zich bij genetisch gemanipuleerde muizen die waren geïnjecteerd met vermalen hersenweefsel van patiënten die aan nvCJ waren overleden. De onderzoekers konden aantonen dat hetzelfde type prion verantwoordelijk was voor de ziekte in beide groepen muizen. Ze zagen het signatuur niet terug bij de muizen die waren geïnjecteerd met hersenweefsel van patiënten die waren overleden aan de vanouds bekende variant van CJ, die zich op latere leeftijd uit.

Het is de sterkst mogelijke ondersteuning voor het vermoeden dat BSE en nvCJ door dezelfde ziekteverwekker worden veroorzaakt. Het ultieme experiment (mensen opzettelijk met hersenweefsel van BSE-koeien besmetten) is op ethische gronden natuurlijk onuitvoerbaar.