Verrückt, Schumacher geeft het initiatief uit handen

Jacques Villeneuve won gisteren op de Nürburgring in Duitsland de Grote Prijs van Luxemburg. Hij nam de leiding in de strijd om de wereldtitel over van Michael Schumacher, die al in de tweede ronde uitviel.

NÜRBURG, 29 SEPT. “Michael is out.” Met deze woorden stelde de teamleiding van Williams-Renault Jacques Villeneuve gisteren op de hoogte van het uitvallen van Michael Schumacher in de tweede ronde van de GP van Luxemburg. De race was nog maar een paar minuten oud. “Oh, thanks”, sprak de Canadese coureur opgelucht in zijn microfoontje. In de race om de wereldtitel had Villeneuve een zorg minder.

Op de Nürburgring zette de 26-jarige coureur uit Quebec zijn achterstand van één punt op zijn Duitse rivaal om in een voorsprong van negen punten. De kans dat Schumacher het vijftigjarig jubileum van Ferrari opluistert met de eerste wereldtitel voor het bedrijf in achttien jaar (Jody Scheckter 1979), is volgens Ferrari-teambaas Jean Todt nog slechts een mathematische.

Vooraf stond de GP van Luxemburg, dat zelf niet over een geschikt circuit beschikt en daarom uitweek naar de belendende Nürburgring, in het teken van de tweestrijd Schumacher-Villeneuve. De spanning was hoog opgelopen nadat Villeneuve vorige week de GP van Oostenrijk won en Schumacher daarmee tot één punt naderde. Zaterdag al ging het in de kwalificatietraining mis met de Duitser. De kopman van Ferrari kwam niet verder dan een vijfde startplaats, een positie die hem noodlottig zou worden.

Villeneuve, die vorig jaar op de Nürburgring zijn eerste GP won, was blij dat hij voor zijn grootste concurrent Schumacher van start kon gaan, als tweede achter de Fin Mika Hakkinen. “Je kunt hier bijna niet inhalen, dus komt het aan op de start en de pitstops”, zei Villeneuve daags voor de race. Vorige week was hij nog een dag naar Silverstone gegaan om zijn start te oefenen. Ook deed de Canadees extra krachttraining. “Ik wilde mezelf achteraf niet kunnen verwijten dat ik iets achterwege had gelaten.”

Gisteren werd weer duidelijk hoe cruciaal een goede start kan zijn. De Italiaan Giancarlo Fisichella (Jordan-Peugeot) raakte bij het insturen van de eerste bocht een stukje van de baan, doordat zijn teamgenoot Ralf Schumacher hem geen ruimte gunde. Fisichella kon alleen maar naar links en raakte daarbij de wagen van Schumi II. De Duitser knalde op zijn beurt bovenop zijn broer, werd door Michael geschept en vloog de grindbak in. Met Fisichella strandde hij daar. Michael reed via de grindbak weer de baan op, maar de voorste wielophanging van zijn Ferrari had toen al onherstelbare schade opgelopen.

In de tweede ronde werd het er niet beter op toen Schumacher de chicane miste en rechtdoor over de curbstones hobbelde. In plaats van de achtervolging in te zetten op Villeneuve, reed hij de pitstraat in en stapte hij gedesillusioneerd uit. “Er steigt aus”, riep een Duitse tv-commentator vertwijfeld. “Verrückt”, vervolgde de man zijn reportage.

Tweevoudig wereldkampioen Schumacher had voor eigen publiek een feest willen maken van zijn honderdste Grand Prix. Zelfs bondskanselier Helmut Kohl was erbij om met zijn massieve gestalte het jubileum kleur te geven. Een kwartier voor de start drukten de kampioen van de Duitse eenwording en de tweevoudige wereldkampioen Formule I elkaar op de grid de hand. Nadat het licht voor de 22 coureurs op groen was gegaan, ging het voor Schumacher al na een paar honderd meter mis. Er was zelfs sprake van een klein familiedrama. Schumacher relativeerde: “Dat is Formule I. Kan gebeuren.”

Hakkinen zette voor het eerst sinds 1955 weer een Mercedes op pole position. In de kwalificatietraining was Hakkinen er op het nippertje in geslaagd Villeneuve achter zich te houden, zodat hij gisteren op zijn 29ste verjaardag vanuit de beste positie mocht vertrekken. De Fin was 43 ronden op weg naar zijn eerste zege. Tot zover het goede nieuws, want toen begaf de motor van zijn McLaren-Mercedes het. Een ronde eerder had ploeggenoot David Coulthard zijn motor opgeblazen, de enige die gisteren bij hem in de buurt kon blijven. Nummer drie Villeneuve, die tijdens de race geen seconde aan een zege had gedacht, nam de koppositie dankbaar over. “Hun auto's vlogen werkelijk over de baan”, zei Villeneuve. “Als ze niet uitgevallen waren, zouden ze ons vandaag verslagen hebben.” Snel zijn de Mercedes-krachtbronnen wel, maar ze laten aan betrouwbaarheid nog te wensen over.

De betrouwbaarste motor was gisteren die van Renault. De eerste vier plaatsen waren voor wagens met een motor van deze fabrikant, die zich na dit seizoen terugtrekt uit de Formule I. Slechts tien van de 22 auto's haalden de finish. Jos Verstappen was de laatste van de twaalf uitvallers. In ronde 50 gaf zijn motor de geest en belandde hij in de grindbak.

Ook Villeneuve was bang dat hij zich bij de uitvallers zou scharen. In de eerste bocht raakte Frentzen met zijn voorwiel een achterwiel van Villeneuve. Bij de aanrijding schoot een hand van Frentzen van het stuur en schakelde hij per ongeluk de motor uit. Voordat hij in de gaten had wat er gebeurde en de motor weer draaide, was hij teruggevallen naar de achterhoede van het rennersveld. Toch werd Frentzen nog derde.

Villeneuve hoorde sinds de chaos in de eerste bocht “rare geluiden die ik anders nooit hoor”. De angst om door pech uit te vallen vergezelde de koele Canadees na die Castrol S-bocht totdat hij de zwart-wit geblokte vlag passeerde, 67 ronden lang. Met nog twee races te gaan, de GP van Japan (12 oktober) en de GP van Europa in Jerez (26 oktober), heeft Villeneuve de titelkansen in eigen hand. “Michael en Ferrari voelen zich na vandaag niet zo prettig. Dat is voor mij een psychologisch voordeel.”