Het offensief van de glimlach

Het Lagerhuis, VARA's discussieprogramma op zaterdagavond, heeft voor het nieuwe seizoen de politicus-als-jurylid laten vallen. Ze waren door de voorraad heen, liet Paul Witteman weten. Aangezien Het Lagerhuis nog lang geen 150 uitzendingen achter de rug heeft, zal hij vooral bedoeld hebben dat de interessantste politici al allemaal zijn langs geweest.

Een maatregel om toe te juichen: minder politici op de buis, daar knapt een tv-avondje aardig van op. Ik heb er de afgelopen dagen weer te veel zien opdraven die weinig of niets te melden hadden. De nieuwe lijstaanvoerders van het CDA en D66, De Hoop Scheffer en Borst, maakten hun opwachting bij respectievelijk Witteman in Buitenhof en Fons de Poel in Netwerk. Het was verloren tijd.

Er werd veel geglimlacht, dat wel. Er wordt tegenwoordig in politieke vraaggesprekken onwaarschijnlijk veel geglimlacht, zowel door de gasten als door de gastheren en gastvrouwen. De kaken beginnen er stijf van te staan, ook van de kijker thuis, die geacht wordt mee te glimlachen.

Bij iemand als De Hoop Scheffer kunnen we zonder overdrijving van Het Offensief Van De Glimlach spreken. Dat was vroeger altijd een ernstig man die zijn best deed zo zakelijk mogelijk over te komen. Zijn media-adviseurs moeten gezegd hebben: “Jaap, kan het wat losser?” Sindsdien zit hij als een omgekeerd pak vanillevla (gezinsverpakking) in de studio: hij vloeit alle kanten op.

Het begon bij de ogen: De Olijke Blik. De laatste weken is daar de brede glimlach bijgekomen. De interviewer hoeft maar even een kiertje naar de luim te bieden, en bij Jaap scheurt de voorhang open.

Genoeg hete hangijzers in zo'n partij voor een boeiend gesprek: al die fractieleden die eruit gegooid worden, Bukman die als Kamervoorzitter moet opkrassen. Witteman informeerde herhaaldelijk in hoeverre zij onder druk zijn gezet. De Hoop Scheffer had die vragen verwacht en zijn reactie woord-voor-woord zó goed ingestudeerd dat hij het telkens moeiteloos kon opdreunen: “De Kamerleden hebben hun eigen afweging gemaakt.”

“Prima, Jaap”, zullen zijn adviseurs na afloop hebben gezegd, “maar je moet in zo'n geval iets meer variëren, anders gaat Witteman jennen.” En inderdaad, zo vilein is Witteman gelukkig wel.

Wat bij De Hoop Scheffer verder nog opviel, was het gebruik van de sportmetafoor. Ook dát is een oprukkend verschijnsel. Zo'n fractie is als 'een elftal dat in de juiste balans gebracht moet worden'. Nieuw bloed is goed, want 'de gebroeders De Boer hebben Danny Blind, maar nu ook Oliseh'.

Zou het omgekeerde ook wel eens gebeuren? Dat zo'n Morten Olsen tegen zijn jongens zegt: “De Hoop Scheffer heeft Hans Hillen, maar nu ook Jacques de Milliano?” En dat de spelers dan als één man opstaan en uitroepen: “Trainer, wij gaan ervoor”?

Mieke Sterk - als ik de metafoor nog even mag doorzetten - lijkt uit het veld gestuurd. Maar zolang ze nog niet in de kleedkamer zit (dit is de laatste keer, ik leg de bal nu weer bij Jaap de Hoop Scheffer), zal ze een bron van zorg zijn voor Wallage. Ze verkocht zich goed in Buitenhof. Geen hysterisch gescheld, zoals in dat Vrij Nederland-interview, maar meer de altruïstische lijn van voor-het-volk-en-door-het-volk.

“Doen ze wel eens aardig tegen elkaar in die PvdA-fractie?” vroeg Hubert Smeets lichtelijk onthutst. “Natuurlijk”, lachte Sterk (ook zij lachte veel) om vijf minuten later heel terloops te vertellen dat, als je een weekendje niet thuis was, er altijd een collega klaarstond 'om er met je portefeuille vandoor te gaan'.

“U was een talent”, zei Smeets nog, “en een talent moet gebracht worden.” “Een talent kan ook zijn eigen weg zoeken”, vond Sterk. Maar in Den Haag zijn al grotere talenten dan Mieke Sterk verdwaald.

Hoe zal het straks Els Borst vergaan? Zij heeft een groter probleem met haar presentatie dan menigeen in D66 bij haar benoeming beseft zal hebben. Tot dusver was zij in de tv-studio achter haar vriendelijke glimlach nogal stil en saai. Bij Fons de Poel was het gisteravond niet anders. De Poel keerde zijn hele blikken trommel met kokette lachjes en hoofdbuiginkjes om, maar het mocht niet baten. Nederland viel in slaap.