Palestina; Zelfs ziekten zijn bang voor Yasser Arafat

GAZA, 27 SEPT. “Al heeft Arafat kanker, dan nog zal hij het zo goed verbergen dat wij er niet achterkomen.” Volgens een hoge functionaris van het Palestijnse Gezag heeft het weinig zin om te speculeren over Arafats mogelijke 'ziekte'. Toch doet iedereen het.

Vorige week, nadat de Palestijnse leider met hevig trillende lip in een Israelisch tv-programma was verschenen, schreven Israelische kranten dat hij een ernstige ziekte onder de leden had en dat de strijd om Arafats opvolging in alle hevigheid was losgebarsten. Daar kwam enige dagen later het bericht bij dat Arafat (68) in Egypte was flauwgevallen. Hij zou ruzie hebben gekregen met de minister van Buitenlandse Zaken van Qatar over de regionale Economische Conferentie die voor begin november in Doha op de agenda staat. Sommige Arabische landen willen de conferentie boycotten, omdat Israel er ook aan meedoet.

Arafat zou zich zo hebben opgewonden dat hij bewusteloos op de grond viel. Arafats woordvoerders hebben beide geruchten met klem ontkend.

Speculeren over de politieke toekomst komt niet alleen in Gaza, maar in het hele Midden-Oosten neer op speculeren over het leven na de dood van de leider. Autocratische presidenten, redeneert men, doen immers geen afstand van de troon - zij sterven, en dan begint een duistere strijd om de macht. Dat de meeste Arabische leiders geen opvolger hebben, smeert de geruchtenmachine als olie. Alle opties zijn open, ook voor de 'kandidaten' zelf, die permanent bezig zijn hun kansen op het toekomstige leiderschap te vergroten. Dat voedt de geruchten alleen maar meer. Ook de Palestijnen hebben de succession watch tot nationale sport verheven. Dat de “strijd om de opvolging in alle hevigheid is logebarsten”, zoals de Israelische pers schreef, hoeft dus niet op Arafats ziekte te duiden. Die strijd woedt, achter de schermen, altijd.

Twintig jaar geleden al fluisterden Arabieren dat de Syrische president Assad aan leukemie ging sterven. Ook de Jordaanse koning Hussein, die herhaaldelijk in Europa en Amerika is geopereerd, is al jaren het onderwerp van intense speculaties. In april ging in Kairo het verhaal dat Husseins spreekwoordelijke laatste uur was aangebroken. Hij zou een Britse journalist in Egypte met spoed hebben verzocht naar Amman te komen om zijn biografie te schrijven. De Brit woont echter nog steeds in kairo. Maar geen nood, er is alweer een nieuwe roddel: dat de koning op zoek zou zijn naar een andere opvolger dan kroonprins Hassan.

Arafats woordvoerders ontkenden niet alleen dat Arafat ziek was. Volgens adviseur Nabil Abu Rdeineh zijn de onheilsberichten zelfs bewust (door Israel) in de wereld geholpen “om Arafat en het Gezag te verzwakken”. Andere adviseurs wijzen erop dat Arafat onder hevige druk staat nu het vredesproces vastzit, en moe is.

Hij werkt hard, zeggen zij, en dat eist van een bijna zeventigjarige nu eenmaal zijn tol. Moeheid en zenuwen over hoe hij op de Israelische tv zou overkomen, zouden die trillende lip verklaren. Dat hij de ziekte van Parkinson zou hebben, wijzen zij lachend van de hand: “Arafat is zo sterk dat zelfs ziekten bang voor hem zijn.” Een hunner zegt: “Hij is niet onderuit gegaan in Egypte. Ineens stonden er zes Egyptische artsen voor zijn neus. Die zeiden tot zijn verbazing dat president Mubarak hen had opgedragen om hem in het ziekenhuis te onderzoeken. Mubarak had het gerucht gehoord, Arafat zelf nog niet.” Volgens hem hebben de zes artsen Arafat gezond verklaard en geadviseerd alle medicijnen die hij tot nog toe slikte, weg te gooien.

Wie Arafats lijfarts is, wordt geheim gehouden, waarschijnlijk om het uitlekken van informatie te voorkomen. Zelfs artsen in Gaza zeggen niet te weten wie Arafat onderzoekt en hem die pillen destijds voorschreef. Als er al pillen waren - want volgens ingewijden hebben zij in Arafats huis nooit een doosje of potje kunnen vinden. Men denkt dat Arafat verscheidene artsen heeft in het buitenland, onder wie wellicht een in Israel.

Ook Arafat zelf doet alles om te bewijzen dat hij voorlopig niet van plan is de Palestijnen als weeskinderen achter te laten. Hij vraagt iedereen lachend: “En, zie ik er goed ziek uit?” Hij verscheen deze week onaangekondigd in een museum-in-aanbouw in Gaza, en liet dat uitgebreid uitzenden op de televisie. Ook ging hij naar Hebron en Bethlehem om de Tsjechische president Havel te ontmoeten. Volgens een functionaris die hem gisteren onder vier ogen sprak, maakt Arafat grappen over de episode in Egypte. Hij noemt Arafat wel zwijgzamer dan anders. “Misschien is er toch iets. Ik ben niet er helemaal gerust op.”

Ook minister Nabil Sha'ath gaf deze week toe dat Arafat 'kwaaltjes' heeft. Welke, wilde hij niet zeggen. Terugkerende geruchten zijn hier dat Arafat een pigmentziekte heeft en een maagstoornis.

Daarom heeft hij een witte hand en eet hij geen vlees (behalve kippenborst). Maar ingewijden verzekeren dat die twee kwalen onder controle zijn. Arafat doet altijd na de lunch een middagslaapje, zeggen zij. Verder eet hij stipt op tijd: om negen uur een ontbijt van yoghurt met honing met zijn dochter Zahwa, om half twee lunch met een soepje dat hij tegenwoordig van huis laat komen, en om half elf 's avonds gekookte vis en komkommer. Alles wordt voorgeproefd.

Een oude grap in Gaza is dat Arafats buitenlandse gasten na een diner met hem in hun eigen hotel nog eens aan tafel gaan, omdat ze niet genoeg hebben gehad.

En een Palestijnse kok die Arafats maaltijden bereidt als hij in de Westelijke Jordaanoever is, zegt: “Hij heeft zo'n uitgekiend dieet dat hij de gezondste man van de wereld moet zijn.”