Jeltsin opent de jacht op Ruslands rijkste bankiers

President Jetltsin bepleitte afgelopen week meer staatsinvloed om de “uitwassen van de economie recht te trekken”. Hij opende daarmee de aanval op de schier ombeperkte macht van Ruslands rijkste bankiers.

MOSKOU, 27 SEPT. 'Roekeloos', zo omschreef het Russische zakenblad Kommersant Daily de aankondiging van president Jeltsin afgelopen woensdag dat 'de vrije markt plaats moet afstaan aan de staat'. Niet omdat een grotere greep van de staat op de her en der ontspoorde Russische economie een kwade zaak zou zijn, schrijft de krant, maar omdat Jeltsins speech in de Federatieraad (de Russische Senaat) verkeerd begrepen en verkeerd uitgelegd kan worden.

Weliswaar had de president duidelijk gezegd dat van een terugkeer naar een commando-economie in de oude Sovjet-traditie geen sprake kon zijn. Maar niettemin leidde zijn betoog tot onrust en speculaties. Want Jeltsin zei ook: “Wat we nodig hebben is een nieuwe economische orde. “En die behoeft een sterke staat.” Tevens constateerde de president dat de vrije markt geen panacee is. Ook bestreed hij dat het meerendeel van de Russen het niet eens zou zijn met zijn economisch beleid.

De vraag werd dan ook onmiddellijk opgeworpen of Jeltsin met zijn rede geen rem op de economische hervormingen zette? Maar Izvestija merkte donderdag op dat Jeltsin “weinig substantieels” had gezegd over de ideologische koers die hij wil varen. “In elk beschaafd land gaan de regulerende werking van de markt en de staat hand in hand”, had hij gezegd. Misschien was zijn formulering wat onhandig, of juist heel gewiekst - daarover verschillen de meningen - maar Jeltsins toespraak ging in werkelijkheid over de inperking van de schier ongebreidelde macht van Ruslands rijkste bankiers.

De sleutelzin in zijn betoog was: “De staat zal niet toestaan dat de zakenwereld druk uitoefent op het beleid.” Een week eerder had Jeltsin 's lands machtigste tycoons in het Kremlin ontboden. Daar zaten ze, handen netjes gevouwen, een en al oor, aan de ovale tafel van de president. Het betrof de president-directeuren van Bank Menatep, Uneximbank, Inkombank, Media-Most, SBS-Agro en Alfa Bank. Dit was grotendeels het team dat vorig jaar in ruil voor belastingvoordelen en andere douceurtjes de herverkiezing van Jeltsin had gefinancierd. De grote afwezige was Boris Berezovski, van wie de boude bewering is dat hij en de zes anderen “de helft van de Russische economie beheersen”. Hij heeft ter bescherming van zijn zakenimperium een baan als raadgever van de president aanvaard.

Honderd minuten had Jeltsin nodig om de magnaten duidelijk te maken dat hun invloed binnen de Kremlinmuren had afgedaan. Dat ze zich voortaan moeten schikken naar de regels die de regering stelt en dat ze zich van kritiek moeten onthouden op met name name de twee jonge vice-premiers, Anatoli Tsjoebais en Boris Nemtsov. “Het moet afgelopen zijn met de publiekelijk aanvallen op Tsjoebais of Nemtsov', verklaarde Jeltsin na afloop van het onderhoud.

Aanleiding voor de kritiek was een bitter gevecht in de media dat afgelopen zomer losbarstte over de staatsverkoop van aandelen in twee mammoetconcerns: het telecombedrijf Sviazinvest en Norilsk Nikkel. Volgens Nemtsov gingen de aandelenpakketen bij een eerlijke verkoop naar de hoogste bieder (in beide gevallen de Uneximbank). “Dit is een breuk met het verleden. Dit is het einde van het zevenbankiersdom”, kondigde hij bij die gelegenheid aan, maar dat was een te voorbarige conclusie.

Als laagste bieders en slechte verliezers lanceerden Berezovski en Goesinski (van Media Most) een lastercampagne in de door hun gecontroleerde media tegen Nemtsov en Tsjoebais.

Zij waren het dan ook die de woorden van Jeltsin in de Federatieraad als eersten uitlegden: “De rode draad door de speech van de president is dat noch de banken noch hun kapitaal voortaan hun wil opleggen aan de staat of aan de mensen”, zei Nemtsov. En Tsjoebais voegde daar aan toe: “De regering, en niet de zakenwereld dient de instelling te zijn die de regels van het spel dicteert. De bankiers zelf houden zich momenteel stil en gedeisd - kennelijk conform de afspraak.

Jeltsins roep om een sterkere staat kan weliswaar op vele manieren uitgelegd worden, maar lijkt toch vooral gericht op het beperken van de uitwassen die het wilde kapitalisme Rusland de afgelopen jaren heeft gebracht. De Pravda verwelkomt Jeltsins “proclamatie van een nieuw economisch beleid” en citeert met instemming dat “banken en bedrijven de staat moeten dienen.”