Kamer eist uitleg Ritzen over diploma's

ROTTERDAM, 26 SEPT. Een meerderheid van PvdA, D66, VVD en CDA in de Tweede Kamer wil dat minister Ritzen (Onderwijs) “zo snel mogelijk opheldering geeft” over de betrouwbaarheid van rendementcijfers die hogescholen en universiteiten verstrekken.

Gisteren bleek dat deze cijfers, die aangeven hoeveel studenten afstuderen per opleiding, misleidend zijn omdat ze onvergelijkbaar zijn. Ze worden verschillend berekend door universiteiten, faculteiten en studierichtingen. Deze uitkomst staat op gespannen voet met een motie die de Tweede Kamer in 1995 aannam. Die droeg Ritzen op te zorgen voor vergelijkbare en betrouwbare rendementcijfers. Kamerlid Van Gelder (PvdA): “Kennelijk is daar niets van terecht gekomen. Dit kan zo niet.” Bakker (D66) wil een uniforme, wettelijk verplichte rekenmethode. Cornielje (VVD): “Voor de kwaliteit op de lange termijn moeten instellingen hun feitelijke prestaties onder ogen durven zien.”

Ritzen zal de komende dagen uitzoeken hoe onbetrouwbaar de rendementscijfers zijn, zo meldt zijn woordvoerder. De bewindsman laat weten waarde te hechten aan rendementscijfers, omdat schoolverlaters goed voorgelicht moeten kunnen kiezen. Verder hecht hij aan betrouwbare cijfers omdat hij universiteiten vanaf 1999 wil uitbetalen voornamelijk op basis van het aantal afgestudeerden.

Intussen is de vereniging van universiteiten VSNU bezig de richtlijn voor de berekening van het rendement, te “verfijnen”. Een woordvoerder: “Onze richtlijn laat nog teveel ruimte voor verschillende interpretaties van cijfers.” Verder werkt de HBO-Raad - die geen richtlijn heeft - namens de hogescholen aan een registratiesysteem.

Sommige opleidingen rekenen de studenten die tijdens het propedeusejaar afhaken niet mee bij de becijfering van het studierendement. De ene faculteit neemt 'instromers' met een HBO-diploma, die het universitaire propedeusejaar mogen overslaan, mee in de berekeningen. Daardoor komt het propedeuse-rendement hoger uit dan bij andere opleidingen. Ook wordt vaak de 'gemiddelde studieduur' van de afgestudeerden gemeld, waardoor uitvallers buiten beschouwing blijven.