Concentratie

Deze week werd bekend dat de uitgeverijen Van Gennep en de Wereldbibliotheek in onderhandeling zijn over een mogelijke fusie. Hun plannen vormen een klein tegenoffensief om de voortschrijdende concernvorming in de uitgeverswereld het hoofd te bieden. De afgelopen tien, vijftien jaar is de ene na de andere literaire uitgeverij overgenomen door machtige uitgeefconcerns als de Weekbladpers Groep, Perscombinatie Meulenhoff (PCM) en Wolters Kluwer (waaronder de Veen uitgeversgroep valt).

Voor de uitgeverijen werd het steeds moeilijker om in hun eentje het hoofd boven water te houden en dus zochten ze hun heil onder de paraplu van de grote, kapitaalkrachtige holdings. Nijgh & Van Ditmar, Bert Bakker, Atheneum Polak & Van Gennep, Meulenhoff en het meest recent de Bezige Bij: allemaal werden ze overgenomen door de grote concerns.

Aan het woord 'overname' kleeft echter een vervelend luchtje in literair uitgeversland. Sommige uitgeverijen associëren het met het verlies van autonomie en zelfstandigheid. Daarom wilde Jaap Jansen met Van Gennep ook niet naar de Weekbladpers. 'Daar zou ik toch teveel van onze identiteit moeten inleveren.' En daarom benadrukt Joost Kat, directeur van de Wereldbibliotheek, ook dat het samengaan van zijn uitgeverij met Van Gennep géén overname is. 'Bij het woord overname denk ik aan integratie, of uitmelken, of het degraderen van een andere uitgeverij tot imprint.' Weliswaar heeft het verliesgevende Van Gennep de grotere, goed draaiende Wereldbibliotheek nodig om te kunnen blijven bestaan - en niet andersom - maar toch hameren Kat en Jansen erop dat de zelfstandigheid van Van Gennep gewaarborgd blijft.

Aanvankelijk werkte Van Gennep samen met de Bezige Bij, onder meer bij de verspreiding van de boeken. Zo'n twee jaar geleden besloten de twee uitgeverijen die samenwerking te verintensiveren op het gebied van administratie en commerciële verbintenissen. Die samenwerking leidde echter niet tot meer doelmatigheid en hoger rendement, aldus directeur Albert Voster van de Bezige Bij. Vervolgens richtte de Bij haar blik op de Weekbladpers Groep, de holding waar het onlangs naar overstapte.

Volgens Voster maakt het voor het inhoudelijke beleid, voor de 'eigengereidheid' van een literaire uitgeverij, niet zoveel uit of zij zich onder de paraplu van zo'n concern bevindt of niet. Maar dat is niet iedereen met hem eens. Er zijn ook uitgevers die vrezen dat juist die eigengereidheid binnen een grote holding onder druk komt te staan omdat ze daar aan hoge(re) rendementseisen moeten voldoen - en zich dus minder experimenten of 'moeilijke' boeken kunnen permitteren. Voster hierover: 'Voordeel van een holding als de Weekbladpers is dat de uitgeverijen daarbinnen elkaar kunnen steunen, zoals communicerende vaten. Wel is het zo dat er per concern verschillende maatstaven zijn voor winst. De verwantschap binnen de Weekbladpers bestaat er onder meer uit dat we niet met vreemd kapitaal werken. Dat is anders bij een concern met aandelen via de beurs. Dat moet niet alleen zichzelf overeind houden, maar ook de aandeelhouders tevreden stellen.' (wordt vervolgd)