Beetje beweging in vergeten oorlog Soedan

Het moslim-fundamentalistische bewind in Khartoum en de Zuid-Soedanese verzetsbeweging hebben deze week besloten de drie jaar geleden afgebroken vredesonderhandelingen te hervatten. Komt het einde van een vrijwel vergeten oorlog naderbij?

UTRECHT, 26 SEPT. Meer dan een miljoen slachtoffers heeft de in 1983 begonnen oorlog in Soedan inmiddels gemaakt; toch leek ze onstuitbaar onderweg naar vergetelheid. Maar de laatste maanden zit er weer wat beweging in de oorlog van de zuidelijke, zwarte, christelijk/animistische verzetsbeweging tegen overheersing door het Arabische, islamitische noorden. In volgorde van tijd:

Eind vorig jaar, begin dit jaar: aanzienlijke successen van de belangrijkste zuidelijke rebellenbeweging SPLA tegen het regeringsleger. Met name dankzij de nu openlijke steun van buurlanden waaronder Ethiopië en Oeganda, en meer verhulde hulp van de Verenigde Staten, die alle van het fundamentalistische regime in Khartoum afwillen. SPLA-leider John Garang voorspelt een snelle val van de strategische zuidelijke garnizoensplaats Juba. Voor het eerst zijn er speculaties dat het SPLA, dat zich in 1995 heeft verbonden met de noordelijke oppositiebeweging NDA (Democratische Alliantie) van ex-premier Sadeq al-Mahdi, in staat zal zijn Khartoum in te nemen. Daarna wordt het stil rond het SPLA.

April: Zes kleinere zuidelijke verzetsgroepen, inclusief die van Garangs vroegere topmedewerker Riek Machar, lopen over naar de regering en sluiten een vredesakkoord, dat volgens Khartoum zo nodig eenvoudig kan worden uitgebreid tot het SPLA. Het akkoord omvat een overgangsperiode van vier jaar waarna de Zuidsoedanese bevolking in een referendum haar zelfbeschikkingsrecht zou kunnen uitoefenen, en garandeert fundamentele rechten en vrijheden. Het akkoord bezegelt in feite bestaande etnische tegenstellingen onder de zuiderlingen zelf.

Juli: De regering van president Omar Hassan al-Beshir herbevestigt de Verklaring van Beginselen die de basis vormde van in 1994 begonnen en vrijwel meteen vastgelopen onderhandelingen met het zuidelijk verzet. Khartoum had indertijd met name bezwaar tegen fundamentele paragrafen inzake scheiding van godsdienst en staat, en inzake zelfbeschikking voor Zuid-Soedan. Zelfbeschikking heeft het regime nu officieel geaccepteerd in de 'vrede van Khartoum'. De kwestie van scheiding van godsdienst en staat - dat wil zeggen afschaffing van het islamitische recht - die voor Khartoum onaanvaardbaar en voor de zuiderlingen een absoluut vereiste is, blijft echter in de lucht hangen.

Half september: Zegslieden in de Oegandese hoofdstad Kampala melden geruchten over pogingen van de Soedanese regering toenadering te zoeken tot Oeganda. Khartoum zou als tegenprestatie de steun aan het fundamentalistisch-christelijke Verzetsleger van de Heer hebben opgezegd.

21 september: Een zevende zuidelijke guerrillagroep, die van Lam Akol, loopt naar het bewind over. Volgens Riek Machar bewijst dit dat de 'vrede van Khartoum' alle zuiderlingen volledig bevredigt en alle problemen oplost.

22 september: Regering en SPLA kondigen in een gezamenlijk communiqué aan dat de vredesonderhandelingen van 1994 eind volgende maand worden hervat.

24 september: De VS maken bekend hun ambassadeur naar Khartoum terug te sturen, waaruit hij enkele maanden eerder om “veiligheidsredenen” was teruggehaald. “Maar dat betekent niet dat er verbetering komt in de relaties” met het Soedanese regime, aldus functionarissen in Washington. Volgens hen is het juist de bedoeling de pressie op het regime te versterken.

De Soedanese bevolking wil intussen vrede. “De mensen zijn het lawaai van de kanonnen beu”, zegt Teody Lotto, lid van een Soedanese vrouwenvredesgroep die voor de Vredesweek van Pax Christi in Nederland is. De niet-politieke en neutrale groep werkt vanuit Nairobi onder de vrouwen in Zuid-Soedan, in samenwerking met kerken en andere vrouwenorganisaties. Teody is daarom goed op de hoogte van de gevoelens onder hen: “Ze zijn de oorlog beu.” Ook veel soldaten zijn de strijd moe, ze weten alleen niet hoe ze eruit moeten komen. Maar of het nu vrede wordt? “Het is als een zwangere vrouw: we moeten afwachten wat zij baart.”

Een oppositiepoliticus uit Khartoum - “als mijn naam in de krant komt kan ik hier meteen als vluchteling blijven - verwijst waarschuwend naar het vredesakkoord dat de Soedanese regering met de overgelopen zuidelijke groepen heeft gesloten. “Het is een prettige droom. Maar dat akkoord is tot dusverre niet in daden omgezet. Voorlopig is het slechts een papieren vrede.” Hij meent daarnaast dat alle conflictpartijen bij het vredesoverleg moeten worden betrokken, dus ook het NDA van Sadeq al-Mahdi. De regering weigert echter met de noordelijke oppositie te praten.

Voor hem komt de hervatting van de vredesonderhandelingen niet als verrassing. De regering in Khartoum is internationaal volledig geïsoleerd, en de oorlog verslindt miljoenen, die nu aan de bevolking, ook die in het noorden, worden onthouden. Garang op zijn beurt kan het zich niet veroorloven te zeggen dat hij tégen een vredesproces is. Mogelijk is Garang ook minder sterk dan begin dit jaar werd aangenomen. Uiteindelijk bleek hij dit voorjaar niet in staat Juba in te nemen, en 'tactische terugtrekkingen' na aanvankelijke successen zijn codetaal voor nederlagen, aldus Teody. Zij onderstreept dat het SPLA wel overwinningen heeft geboekt, maar bij de gevechten met het regeringsleger ook veel manschappen heeft verloren.

De grote vraag is of Garang en zijn bondgenoten op dit moment werkelijk in vrede zijn geïnteresseerd, of denken dat het SPLA niet alleen in staat is de oorlog in het zuiden te winnen, maar zelfs tot Khartoum door te stoten. Zelf zei Garang gisteren op een persconferentie gewijd aan de komende vredesonderhandelingen: “Wij voeren de oorlog, en we hopen de oorlog militair te winnen. Ik kan alleen niet zeggen wanneer.”