Nederland als EMU

Nederland is een mooi voorbeeld van een economische en monetaire unie. Wij hebben allemaal hetzelfde geld, hetzelfde economische beleid, dezelfde fiscus enzovoorts. Natuurlijk bestaan er lokale heffingen en belastingen die van plaats tot plaats verschillen, maar die hebben weinig te betekenen. Economisch en monetair gezien zijn wij een eenheid. Dat is voor ons vanzelfsprekend.

Toch is het lang niet altijd zo geweest. Vroeger bestonden er niet alleen op economisch, maar ook op monetair gebied grote verschillen. De gulden werd niet overal gebruikt. Je had ook ponden, marken, schellingen, schilden et cetera. In de zestiende eeuw werd de gulden algemeen ingevoerd als rekeneenheid, maar nog niet als betaalmiddel. De gulden was toen dus een soort ecu, maar nog geen euro. Dat kwam pas later. Ook de belastingen verschilden van gewest tot gewest. En de algemene middelen werden maar moeilijk bijeengebracht. In die tijd zou Groningen er niet voor hebben gevoeld bij te dragen aan de verlichting van de problemen van Limburg. Het gewestelijke belang stond voorop en niet het nationale.

Nu is dat allemaal anders en vinden wij het normaal dat het aardgas in Groningen en Drenthe wordt gewonnen, maar toch als bezit van alle Nederlanders wordt beschouwd. Omgekeerd is het ook zo dat, als een gebied of provincie in moeilijkheden raakt, de rest van Nederland bijspringt. Toen de mijnen in Limburg werden gesloten, werd dit gebied volgestopt met universiteiten en autowegen. Sterker nog, de Zuidlimburgse mijnen kregen onder hun nieuwe naam van DSM een aandeel in de winning van het aardgas uit het noorden.

Dit alles vinden wij vanzelfsprekend, maar helemaal vanzelfsprekend is het kennelijk ook weer niet, want als er extra-geld naar het noorden moet, wordt voorgesteld hiervoor de aardgasbaten te gebruiken, omdat dat gas daarvandaan komt. Na twee eeuwen eenheidsstaat bestaat dus kennelijk toch nog het gevoel dat wat in een bepaald gebied in de grond zit ook van dat gebied is.

Elders is het niet anders. Het Verenigd Koninkrijk beschikt over een belangrijk deel van het continentaal plat voor olie- en gaswinning. De opbrengst hiervan vloeit thans in de Groot-Britse staatskas. Maar het winningsgebied valt eigenlijk onder Schotland. Als Schotland een zelfstandig land was, waren de Schotten nu even rijk als de Noren. Zulke grote belangenverschillen kunnen bijdragen tot de versterking van het Schotse separatisme.

De Lega Nord in Italië is een mooi voorbeeld van hoe welvaartsverschillen een land kunnen verdelen. In België en Spanje zien wij hetzelfde verschijnsel. Het omgekeerde bestaat echter ook. Onder de Duitsers leeft kennelijk een zo sterk nationaal besef dat de West-Duitsers zonder al te luide protesten honderden miljarden marken pompen in de Oost-Duitse gebieden.

Economische en monetaire unies vinden wij dus vooral op het nationale vlak, maar nu wordt ook op Europese schaal over een dergelijke unie gesproken. Het gaat hier overigens om een veel beperkter project. De deelnemende landen zullen ook binnen de Unie een grote mate van zelfstandigheid behouden. Luxemburg kan een fiscaal paradijs blijven en Nederland een paradijs voor uitkeringstrekkers. Ook op andere gebieden blijft 'beleidsconcurrentie', zoals het zo fraai wordt genoemd, mogelijk. Waar het op dit moment allemaal alleen nog maar om gaat, is het geld. Dat is overigens belangrijk genoeg. Niemand immers ziet graag dat er met zijn geld wordt gerommeld. De vraag rijst dan ook waarom die monetaire unie er eigenlijk moet komen en waarom op deze manier.

De EMU is niet uit de lucht komen vallen. Er ging heel wat aan vooraf: kolen- en staalgemeenschap, gemeenschappelijke markt, acte unique et cetera. De economische en monetaire unie is de volgende stap. De naam suggereert dat het hier gaat om een economisch concept en dat is ook zo, maar het is een economisch concept met een politieke bedoeling. Die bedoeling is bekend. De Duitse eenwording heeft geleid tot een nog grotere invloed van Duitsland in Europa dan te voren al bestond. Het toch al labiele machtsevenwicht met Frankrijk is hierdoor geheel zoekgeraakt. De Franse economie was vóór 1989 al sterk afhankelijk van het beleid van de Bundesbank. Met een zozeer vergroot en versterkt Duitsland zou de Duitse dominantie overweldigend worden.

De oplossing was simpel: geef de Duitsers hun eenheid en de Fransen een Europese bank, die de plaats van de almachtige Bundesbank zal overnemen. De EMU is dus in zekere zin de prijs voor de Duitse eenheid. Het is echter een prijs die de Duitsers graag betalen, omdat zij het niet zozeer zien als een prijs als wel als een verzekeringspremie. Velen in Europa zijn bang voor Duitsland, maar het bangst zijn de Duitsers zelf. Vandaar hun behoefte aan zo'n verzekering.

Ook de Duitse solidariteit met Europa kent echter haar grenzen. De Duitse identiteit van na 1945 is voor een belangrijk deel gebaseerd op de Duitse welvaart en daarvan is de D-mark het symbool. Het onheil uit het Duitse verleden vóór 1945 daarentegen wordt voor een belangrijk deel toegeschreven aan de economische en monetaire rampen van vóór de oorlog. De D-mark moet dus worden veilig gesteld en daarom mag de euro niet zachter zijn dan de mark. Vandaar al die criteria en eisen van zoveel procent van dit en zoveel procent van dat.

De EMU is dus een Frans project, maar de criteria voor toetreding zijn een Duits concept. Ze zijn een poging om de euro te scheppen naar beeld en gelijkenis van de D-mark. De andere landen hebben tot taak zich hieraan aan te passen. Dat vraagt offers. Vandaar dat in zo veel landen wordt gezucht en gesteund over bezuinigingen en aanpassingen en dat er zoveel wordt geworsteld en gegoocheld met staatsschulden, pensioenkassen en dergelijke. Iedereen doet alles om te voldoen aan de Duitse eisen, maar het meest verbazingwekkende is natuurlijk dat de Duitsers zelf daar zo hun best voor moeten doen. Daar had niemand op gerekend. Het zal echter allemaal lukken, zij het misschien met wat politiek geweld en statistisch gesjoemel, om de simpele reden dat het moet lukken.

De vraag is dus niet of de monetaire unie er zal komen. De vraag is of die unie zal uitgroeien tot een echte economische en monetaire unie, die gebaseerd is op een gevoel van lotsverbondenheid, zoals thans op nationaal niveau bestaat. Het feit dat Nederland zijn bijdrage aan Brussel wil verlagen, desnoods door middel van een veto, wijst niet erg in die richting. Als zelfs nu nog, na een gezamenlijke geschiedenis van enkele eeuwen, het noorden des lands het gevoel heeft meer recht te hebben op de aardgasbaten dan de rest van Nederland, dan zal dat op Europees niveau zeker ook een kwestie van eeuwen zijn.

Lord of the Flies (Harry Hook, 1990, VS). Infantiele, niet met Peter Brooks versie uit 1963 te verwarren verfilming van William Goldings romandebuut uit 1954. RTL4, 0.05-1.40u.