Geen nader parlementair onderzoek Fokker

DEN HAAG, 25 SEPT. Er komt geen nader parlementair onderzoek naar de omstandigheden waaronder vliegtuigfabriek Fokker ten onder is gegaaan. Een aantal kleine oppositiepartijen en ook het CDA vroegen daar gisteren bij het afrondende debat over Fokker wel, om maar de coalitiepartijen zullen die voorstellen niet steunen. Zij vinden dat er voldoende informatie op tafel ligt, onder meer door het recente zeer kritische rapport van de Fokker-curatoren.

Minister Wijers (Economische Zaken) kreeg van vriend en vijand veel lof toegezwaaid over zijn inzet bij zijn vele reddingspogingen voor de vliegtuigbouwer, pogingen die per saldo allemaal mislukten doordat geen van de geïnteresseerde partijen uiteindelijk een echt bod uitbracht. Alleen het CDA had graag gezien dat de minister, met name bij het zogenoemde stand alone-scenario voor Fokker, “meer durf en visie” had getoond. Namens het CDA zei Kamerlid Leers dat de overheid het voortouw had moeten nemen toen deze reddingsvariant in maart vorig jaar aan de orde was. Wijers had toen nog eens 450 miljoen voor Fokker over, op voorwaarde dat er een sterke industriële partner zou zijn met een veelbelovend businessplan. Op het allerlaatste moment haakten de Nederlandse banken echter af. Wijers vermoed dat die houding werd ingegeven doordat het Zweedse Saab kort ervoor zijn belangstelling voor Fokker had laten varen waardoor alleen Stork overbleef. De medewerking van de financiële partijen was essentieel, zei Wijers. “Anders was een zelfstandig doorgaand Fokker geen 'stand alone', maar 'state alone' geworden. Wijers bedoelde daarmee dat de staat in dat geval 80 procent van het eigendom en de risico's van Fokker op zijn schouders had moeten nemen. “Dat is natuurlijk absoluut onaanvaardbaar.” Het zou volgens Wijers ook op weerstand hebben gestuit in Brussel.

De VVD-fractie in de Tweede Kamer ziet na het Fokkerdebacle eigenlijk het nut van steun aan individuele bedrijven niet langer in. “De overheid moet niet op de stoel van de ondernemer gaan zitten. We moeten af van de individuele bedrijfssteun”, zei het liberale Kamerlid H. Voûte. Zij baseerde haar negatieve oordeel op het feit dat de overheidssteun van zo'n miljard gulden aan Fokker niet effectief is gebleken. De ondergang van Fokker is volgens Voûte mede te wijten aan de bedrijfsleiding. Vooral in het management is onvoldoende gesaneerd.

Kamerlid W. van Gelder van de PvdA betoogde dat individuele bedrijfssteun in principe en onder voorwaarden mogelijk moet blijven. Enkele belangrijke voorwaarden zijn dat het bedrijf perspectief moet hebben en dat sprake is van een partner uit het bedrijfsleven indien de overheid de situatie niet helemaal kan overzien, aldus Van Gelder. Die criteria dateren overigens al van het vorige kabinet van PvdA en CDA. Minister Wijers komt, mede naar aanleiding van het kritische rapport van de Algemene Rekenkamer van dit voorjaar, binnenkort met een nota over het onderwerp. Wijers zegt “niet vies” te zijn van overheidssteun mits die is omkleed met voldoende voorwaarden. Hij noemde de operaties met NedCar en DAF als geslaagde voorbeelden.

Evenals Voûte uitte ook Van Gelder zich zeer kritisch over het management van Fokker: “Ik heb zelden zo'n ontluisterend rapport over een industrie gelezen als het curatorenrapport over Fokker.” Van Gelder bleef zich afvragen of de overheid de afgelopen jaren wel voldoende inzicht in de financiële positie van Fokker heeft gehad. Minister Wijers vond van wel, al erkende hij dat “alle aandeelhouders met een informatieprobleem zitten”. Dat gold ook bij Fokker ondanks het feit dat een hoge ambtenaar van Economische Zaken er als overheidscommissaris zat.