CDA-Arnhem kijkt op van Turkse leden

In drie maanden werden ruim vijftig Turken lid van het CDA in Arnhem: 'Hallo! Wij zijn de nieuwe leden.' Ze willen eén van hen zo snel mogelijk op de kieslijst hebben.

ARNHEM, 25 SEPT. Opmerkelijk is het wel ja, zegt W. Timmer, voorzitter van de Arnhemse CDA-raadsfractie. In de afgelopen drie maanden kreeg zijn partij-afdeling, die al jaren zo'n 300 leden telt, er opeens 52 bij. Allemaal Turken. Veertig schreven zich zelfs in eén week in. “Tijdens een vergadering onlangs - als er 20 man komen, is het veel - stonden er opeens 35 Turken voor mijn neus. 'Hallo! Wij zijn de nieuwe leden', zeiden ze. De eén spreekt redelijk Nederlands, de ander helemaal niet”, vertelt Timmer.

Hij weet wel voor wie ze zijn gekomen. Voor Adem Arslantas, een 34-jarige Turkse welzijnswerker die door die ledenvergadering kandidaat werd gesteld voor de kieslijst. “Dat Arslantas pas een half jaar lid is van het CDA en officieel geen kandidaat mag zijn, is problematisch”, zegt Timmer. “Maar er is hoop. We hebben de centrale partij gevraagd om ontheffing van de regel dat je een jaar lid moet zijn. Als hij die krijgt, maakt hij met 52 stemmen wel kans.” Timmer staat niet te juichen dat hij zoveel leden en kiezers erbij heeft, want “het kan ook stemmen kosten.” Maar argwanend is hij evenmin. Voorzichtig, eerder. “De overige leden moeten een beetje wennen aan het idee.”

Moe wordt Timmer van de suggestie in kranten dat zijn afdeling wordt geïnfiltreerd door de Turkse drugsmafia of een religieuze groepering. Hij begrijpt waar de scepsis vandaan komt. Het Arnhemse CDA heeft al eerder een Turks raadslid gehad, dat ook was gekozen door een groep nieuwe Turkse leden, die na zijn verkiezing prompt weer afhaakte. Een paar jaar geleden - “let wel, toen was hij geen raadslid meer” - bleek de man tijdens een schoolreisje van Nederlandse kinderen naar Turkije geld te hebben ingezameld voor het Turkse leger. Hij had gezegd dat het was bestemd voor weduwen en wezen.

Wat zoeken de Turkse leden bij zijn partij, volgens Timmer? Waarom juist het CDA, terwijl de PvdA al een Turks raadslid heeft? “Ik heb begrepen dat ze het liefst lid zijn van een partij die rekening houdt met godsdienst.” Veel heeft het CDA niet gedaan voor de ruim 6.000 Turken in Arnhem, erkent hij, en zijn campagnes heeft de partij nooit op hen gericht. “Onze interculturele groep, die de behoeften van minderheden in kaart brengt, gaat weleens naar Turkse bijeenkomsten. Maar dat is alles.”

Arslantas wil aandacht vragen voor kansarme jongeren, zegt hij met nadruk. “Turkse, maar ook Nederlandse. Ik sta voor het algemeen belang, niet alleen voor het Turkse.” Het CDA verkiest hij, omdat het een confessionele partij is en hij een moslim is. Hij ontkent dat hij de nieuwe leden heeft opgeroepen lid te worden. “Ik ken ze niet eens”. Hij bestrijdt ook dat hij door eén van de drie Arnhemse moskeeën, Cellimiye, is gevraagd zich te kandideren. Timmer denkt van wel, omdat bekend is dat die moskee een grotere ruimte wil. “Maar ook al zou dat zo zijn, onze partij staat voor iedereen open en Arslantas heeft een prima reputatie”, zegt Timmer. Na een brandstichting in de moskee, begin dit jaar, heeft de interculturele groep van het CDA een bezoek gebracht aan de moskee. “Daar komen die leden uit voort”, stelt Arslantas.

Een Turkse opbouwwerker van de Stichting Rijnstad, die anoniem wil blijven, moet een beetje lachen. “Ik vraag me af wanneer het CDA zijn naam verandert”, zegt hij. “Natuurlijk heeft de moskee, of Arslantas zelf, die leden aangespoord. Hij is geboren en getogen in de plattelandsregio Yozgat, zijn aanhang ook.” Volgens de opbouwwerker is het onmogelijk dat Turken van verschillende politieke Turkse richtingen samen eén kandidaat zouden steunen. Hij wijst aan welke Turkse politieke stromingen door elk van de drie Arnhemse moskeeën worden vertegenwoordigd: eén hoort bij Milli Gurus, de tweede zijn Süleymancilar en de derde hoort bij Cellimye. “De kandidaatstelling is een strategie, maar het hoeft niet per sé als een gevaarlijke infiltratie te worden gezien.”

Oudere Turken in Nederland zijn bovendien niet geïnteresseerd in Nederlandse politiek, zegt de opbouwwerker, alleen in Turkse aangelegenheden. De Turkse ambassadeur, B. Ilkin, bevestigt dit. “De eerste generatie en sommige tweede generatie-Turken die hier in hun jeugd zijn gekomen zitten met het hoofd nog in Turkije. Die ideeën zetten ze hier voort.” Als Turken politiek actief worden in Nederland, dan moeten ze dat doen als Nederlandse burgers, met het oog op integratie, vindt hij. “Ik bemoei me nooit met Nederlandse politieke kwesties, en laat me dus nooit uit over welke partij ze hier kunnen kiezen”, aldus Ilkin.

Oudere Turken zijn wel degelijk geïnteresserd in Nederlandse kwesties, zegt Arslantas. Hij bestrijdt dat de moskeeën door de Turkse politiek worden beïnvloed. “De meeste ouderen beheersen ook de Nederlandse taal.” Maar de oude Turkse mannen in zijn eigen ouderencentrum doen dat niet. De Turkse televisie staat aan, iemand leest een Turkse krant, de rest kaart. Van de tien mannen, spreekt er eén Nederlands - I. Zorlu.

Zorlu's verklaring voor de CDA-keuze is eenvoudig: “Ze hebben het geprobeerd in de jaren tachtig met de PvdA, maar die deed niets voor ons. Dus nu maar het CDA.” Ook hij weet dat de Nederlandse politiek de meeste oudere en veel tweede generatie Turken koud laat. “Niet alleen de moskeeën, ook de koffiehuizen zijn nog naar Turks-politieke richting verdeeld. Maar nu vertrouwen ze erop dat Arslantas zich zal inzetten voor een verbetering van hun levensstandaard. En een nieuwe moskee is mooi meegenomen.”