Brazilië ziet Bouterse liever niet meer komen

NEW YORK, 25 SEPT. Brazilië heeft de Surinaamse ex-legerleider Desi Bouterse duidelijk laten weten dat hij de Braziliaanse regering niet in verlegenheid moet brengen door het land te bezoeken. Dat heeft minister Van Mierlo (Buitenlandse Zaken) te horen gekregen van zijn Braziliaanse collega L. Lambreia. Zij spraken elkaar in New York in het hoofdkwartier van de Verenigde Naties.

Volgens Van Mierlo zal een wandeling van Bouterse op het strand van Rio of waar dan ook in Brazilië niet lang duren.

Minister Lambreia heeft nog eens uitgelegd dat het Braziliaanse Hof uiteindelijk beslist over de uitlevering van verdachte en gezochte personen. Maar volgens Van Mierlo is de Braziliaanse regering al een hele weg gegaan, nadat Bouterse eerder dit jaar nog als afgezant van de regering-Wijdenbosch de officiële gast was van Brazilië.

Van Mierlo: “Brazilië wil een zichtbare rol op het terrein van de wereldrechtsorde spelen. Daarnaast wil het goede betrekkingen met zijn noordelijke buurman. Die mix leidt tot een situatie die niet altijd even helder is.”

Volgend voorjaar gaat Van Mierlo opnieuw naar Brazilië. Er wordt rekening gehouden met de mogelijkheid dat ook kroonprins Willem-Alexander dan meegaat. Het Nederlandse bedrijfsleven moet zich beter presenteren in Latijns-Amerika, meent Buitenlandse Zaken. Al eerder is geopperd dat Willem-Alexander een grotere rol op zich neemt om economische missies tot een succes te maken.

In de Verenigde Naties was er gistermiddag nog een bijeenkomst van de 'Vrienden van de Snelle Reactiemacht'. Nederland heeft drie jaar geleden gemeld dat het tweeduizend militairen paraat had voor een VN-brigade. Die manschappen zouden onmiddellijk uitgestuurd kunnen worden om in het kader van de VN mee te helpen conflicten te beheersen.

De leden van de Veiligheidsraad, met Amerika voorop, voelen echter niets voor zo'n eigen legertje van de Verenigde Naties. Heel weinig landen zijn bereid mee te betalen aan de training, legering, opleiding en uitrusting van zo'n brigade. De kosten bedragen honderd miljoen gulden per jaar. Bovendien beschikken de Verenigde Naties niet over transportmiddelen om zo'n brigade waar dan ook ter wereld snel te kunnen inzetten.

Heel moeizaam worden er in de Verenigde Naties nu voorbereidingen getroffen om een hoofdkwartier voor toekomstige vredesacties op te zetten. Het gaat daarbij om circa zestig stafofficieren die snel aanwezig kunnen zijn bij oplopende conflicten. De acht miljoen gulden die dat per jaar kost, is nog lang niet bij elkaar gebracht.

Minister Van Mierlo heeft secretaris-generaal Kofi Annan van de VN voorgesteld de genereuze gift van Ted Turner (een miljard dollar in tien jaar tijd) ook te gebruiken voor vredesoperaties. Samen met Canada werkt Nederland werkt aan voorstellen voor een snel inzetbare strijdmacht. Maar de regering in Ottawa staat thans gereserveerder tegenover het oprichten van een VN-krijgsmacht dan eerder het geval was.

Landen in ontwikkeling zijn van mening, dat het geld voor zo'n snelle reactiemacht beter gebruikt kan worden om de oorzaken van een conflict, zoals armoede, honger en een stagnerende ontwikkeling, aan te pakken.

De 'Vrienden van een Snelle Reactiemacht' zijn van mening dat kordaat en vroeg optreden in een conflict erger kan voorkomen. Later zouden de VN-militairen dan samen met andere hulpverleners ter plekke de stabiliteit moeten vergroten die nodig is voor de wederopbouw.

Die benadering wint geen veld onder de leden van de Verenigde Naties. De grote landen willen zelf kunnen bepalen waar zij in VN-verband zullen optreden. Een snelle reactiemacht vinden zij niet nodig. Zij zien die als een uitholling van hun eigen macht.

De politieke steun voor Van Mierlo's initiatief van drie jaar geleden neemt af, ook al doordat de leden van de Verenigde Naties interne hervormingen van de wereldorganisatie op dit moment veel belangrijker vinden.