Antillianen in Den Helder willen 'lollen'

In Den Helder durven postbodes de beruchte Falgabuurt niet meer alleen in. De politie houdt werkloze Antilliaanse jongeren verantwoordelijk voor overlast. Maar die willen juist post ontvangen, en werk: 'Als je in Den Helder niet werkt, lig je eruit'.

DEN HELDER, 25 SEPT.Charlie, Juni en Larry, drie werkloze Antilliaanse twintigers, zitten aan het begin van de avond voor een open garage in de Volkerakstraat in Den Helder. Dan komt ineens van vooraan uit de straat een hard geluid dichterbij. Larry steekt zijn vinger omhoog. “Moet je nou eens horen”, roept hij boven het oorverdovende geluid uit. Twee blanke jongens rijden op een off-the-road-motor met een defecte uitlaat tot drie keer toe vol gas door de straat. “Dit is pas overlast”, roept Larry. Zijn broer Charlie glimlacht: “En wij krijgen hier de schuld van.”

De Falgabuurt in Den Helder is in opspraak. Crimineel en intimiderend gedrag van sommigen, gewelddadige berovingen, geluid- en drugsoverlast, steek- en schietincidenten. Volgens de politie en de burgemeester is een groep van enkele tientallen Antilliaanse jongeren hiervoor verantwoordelijk. Postbodes van de PTT voelen zich zo bedreigd, dat ze niet alleen meer de Volkerakstraat in durven. Twee keer is in de afgelopen tijd een postbode met een mes bedreigd, aldus de PTT. De Falgabuurt hoort met de wijk Hoogvliet in Rotterdam en de flat Kraayenest in de Amsterdamse Bijlmer tot de bekendere plekken die problemen hebben met Antilliaanse jongeren.

Charlie (25), met lang rastahaar, vindt het allemaal overdreven. Misschien hebben bewoners die klagen over geluidsoverlast wel eens gelijk. Hij en zijn vrienden luisteren buiten graag naar muziek. En ze rijden af en toe op het achterwiel van hun scooter door de straat. “Antillianen houden nu eenmaal van showen. We willen laten zien dat we goed op een scooter kunnen rijden of laten horen dat we de mooiste Antilliaanse muziek hebben.” Maar drugsdeals, geweld en berovingen? Volgens Charlie valt het allemaal mee. “De Zeedijk in Amsterdam is veel erger.” Juni gelooft er ook niets van dat buurtgenoten postbodes bedreigen. “Wij willen toch graag onze post krijgen. We kijken wel uit.”

Den Helder (60.000 inwoners) heeft een Antilliaanse gemeenschap van 1.500 tot 2.000 mensen. Een groot deel van hen woont in een van de flats in de Falgabuurt. De flats, gebouwd in de jaren zestig, zijn goedkoop (vanaf vierhonderd gulden huur per maand) en gehorig. Antillianen kregen de laatste jaren bij hun komst naar Den Helder vooral in de 'Falga' een woning toegewezen wegens de leegstand daar. Velen zijn werkloos en hangen rond op straat of rijden op hun scooters door de buurt. “Nederlanders houden er van bij elkaar een kopje koffie te drinken, wij leven nu eenmaal graag buiten. We lollen met mekaar”, zegt Charlie. “In de zomer kun je alles verwachten van Antillianen”, roept Larry. Als het binnenkort wat kouder wordt, is het snel afgelopen, verzekeren ze.

Voor burgemeester W. Hoekzema van Den Helder zijn de problemen aanleiding geweest er bij het kabinet op aan te dringen maatregelen te nemen om te voorkomen dat jongeren zonder perspectief van de Antillen naar Nederland komen. De Antilliaanse regering moet volgens hem meer doen om de jongeren daar kansen te bieden. “De Falgabuurt dreigt onleefbaar te worden”, zegt Hoekzema. Een delegatie uit Den Helder merkte onlangs bij een bezoek aan de Antillen op, dat jongeren daar nog steeds een ideaalbeeld hebben van Nederland.

R. Pieters, voorzitter van het Overlegorgaan Caraïbische Nederlanders vindt dat Hoekzema, die ook voorzitter is van de VVD, over de rug van de Antillianen in Den Helder met het oog op de verkiezingen opnieuw een discussie wil over visumplicht. “Het is heel origineel van hem om het via de postbode te spelen. Maar het is zo doorzichtig.” Hij vermoedt ook dat Den Helder de publiciteit heeft gezocht om meer geld los te krijgen.

Om de overlast op korte termijn aan te pakken heeft de politie in Den Helder deze week mensen vrijgemaakt die extra zullen surveilleren. Er komt verder een wijkmeldpunt voor overlast. Een stuurgroep waarin de gemeente, de woningstichting, de welzijnsstichting en de buurthuizen zijn vertegenwoordigd, moet volgens Hoekzema een “intregale aanpak” voor de Falgabuurt gaan ontwikkelen. Verder worden er plannen gemaakt om de buurt te renoveren, waarbij onder meer de sloop van flats een optie is.

De buurt kreeg in 1991 nog de Hein Roethof-prijs voor het beste project op het gebied van voorkomen van criminaliteit. Onder de bewoners waren hiervoor toezichthouders gerecruteerd die korting kregen op hun flathuur. Maar de komst van veel Antilliaanse jongeren zonder opleiding heeft de buurt de laatste jaren weer in een negatieve spiraal gebracht. Zij trokken naar familie en vrienden van de al vrij grote Antilliaanse gemeenschap, die destijds naar Den Helder is getrokken omdat er werk was bij de marinebasis.

Directeur V. Pieterse van de welzijnstichting Triton: “Ze komen hier, kunnen geen werk vinden en zien andere Antillianen met dikke gouden ringen en grote auto's die het gemaakt hebben met criminele activiteiten. Daar kijk je dan tegen op.” De laatste jaren zijn enkele werkgelegenheidprojecten door subsidiestop beëindigd. Volgens Pieterse is dat mede de oorzaak van een groeiende negatieve sfeer bij de Antillianen. “Ze vinden dat wij niets doen. Ze zeggen: we willen werk, als je dat niet hebt moet je maar oprotten.”

Bij de garage van Charlie, Juni en Larry komt tegen achten een jongen in een oude Fiat Panda aangereden. Hij wil wat gereedschap lenen. Als hij de juiste steeksleutel heeft gevonden, valt zijn oog op de blanke vreemdeling. “Rot toch op”, roept hij waarbij hij een gouden hoektand ontbloot. Dreigend loopt hij heen en weer met de steeksleutel in zijn hand. “Wij Antillianen denken heel anders dan jullie blanken. Laat ons toch met rust.” Dan rijdt hij met zijn pruttelende Fiat weg. Charlie schudt zijn hoofd. “Ach, hij wil wat aandacht.”

Een paar straten verder belt even later de chauffeur van een bezorgdienst bij een flat aan. “In de Volkerakstraat en Grevelingenstraat kom ik niet meer”, zegt chauffeur A. Posdijk. Een paar weken geleden moest hij daar nog zijn, maar hij kon het goede huisnummer niet vinden. “Toen vroeg ik het aan een van die jongens en meteen had ik vijftien man om mijn auto heen staan. Ik vond dat heel bedreigend.” Hoewel er uiteindelijk niets gebeurde, weigert hij er voortaan 's avonds pakjes te bezorgen. “Ik laat dat mooi aan de ochtendbezorger over.”

Huisarts G. Dirks zegt nog wel de Falgabuurt in te durven gaan. “Maar echt prettig is het niet.” Den Helder is volgens hem een stad die de Antilliaanse jongeren weinig te bieden heeft. “Den Helder is een werkstad. Als je geen werk hebt, val je er buiten.”