Franse discussie over hasj weer aangezwengeld

PARIJS, 24 SEPT. In Frankrijk is de discussie over legalisering van soft drugs weer opgelaaid. En opnieuw speelt Nederland er een rol in, maar nu tegelijk als afschrikwekkend en interessant voorbeeld.

Volgens president Chirac komt 90 procent van alle in Frankrijk ingevoerde drugs uit Nederland, dat hij aanduidt als “het zwarte punt” in de Europese strijd tegen drugshandel. Tijdens een werkbezoek aan de stad Troyes eiste het Franse staatshoofd opnieuw verandering van het Nederlandse drugsbeleid. Volgens hem “begint Duitsland er zich ook serieus over op te winden”. De Nederlandse houding is volgens de president “volstrekt incompatibel met de wil een Europese Unie te construeren die een minimum aan harmonisatie vraagt”.

Chirac sprak in een geheel andere toonsoort dan de landelijke discussie die de laatste dagen is opgelaaid naar aanleiding van de bekentenis van de Franse minister van Milieuzaken, Dominique Voynet, arts-anesthesiste van beroep. In een vraaggesprek gaf zij toe wel eens hasj te hebben gerookt en voorstander van legalisering te zijn.

Daarop heeft zich een stroom politici van rechts gemeld om haar in scherpe bewoordingen te veroordelen of haar aftreden te eisen. Philippe de Villiers, die ter rechter zijde van Chiracs neogaullisten opereert en zich opwerpt als verdediger is van nationale en familiewaarden, zei: “Dat mevrouw Voynet hash rookt moet zij weten, maar dat zij het hardop zegt is een slecht voorbeeld voor onze jeugd.”

Oud-ministers van Gezondheid Elisabeth Hubert en Hervé Gaymard hebben zich op medische gronden verzet tegen het pleidooi voor tolerantie van marihuana-gebruik. “Hasj-gebruik leidt tot gebruik van hard drugs”, zeggen zij stellig, zich baserend op wetenschappelijke rapporten. Niet alle, want de belangrijkste nationale commissie van de laatste jaren, die onder voorzitterschap van professor Henrion, concludeerde tot onderscheid tussen hard en soft drugs. Uit onderzoek blijkt dat zeven miljoen Fransen hasj hebben gerookt, incidenteel of vaker.

Afgelopen weekeinde kreeg minister Voynet steun van de minister van Justitie, Elisabeth Guigou (Parti Socialiste). Die zei: “Het is geen drama om hasj te roken, zolang het maar geen gewoonte wordt.” Volgens haar is het nuttiger de jeugd te vertellen welke drugs direct verslavend werken, en welke op termijn dat risico meebrengen. Over 'soft drugs uit het wetboek van strafrecht' sprak ze zich nog niet uit.

Premier Jospin houdt zich tot nu toe stil over de zaak. Tijdens de verkiezingscampagne bekende hij wel eens een joint te hebben gerookt. Ook de huidige minister van Volksgezondheid, Bernard Kouchner, in '76 medeondertekenaar van het (pro-hasj) 'Appel du 18 joints', heeft zich nog niet in de discussie gemengd.