Aangrijpende Medea op de cafévloer

Voorstelling: Medea van Euripides door Theatergroep Aluin. Vertaling: Gerard Koolschijn; regie: Erik Snel; spelers: Dennis Coenen, Maaike van der Meer en Marcel Roelfsema. Gezien 19/9 Theater Kikker, Utrecht. Te zien t/m 26/9 aldaar; 4/10 Vestzaktheater, Enschede; 15/10 O42, Nijmgen. Tournee t/m 5/11. Inl.: 030-2723092.

Het koor, aldoor weer is het koor in Griekse tragedies een toetsteen voor regisseurs. Welke vorm te kiezen? Vaak zitten de koorleden tussen het publiek, om aan te geven dat wij, de toeschouwers, het zijn die de dramatische handeling becommentariëren. Of ze staan ergens hoog op het achtertoneel, figuren die op de armzalige mensen en hun trieste handelen neerkijken en ook dichter bij de goden zijn. Toch is de strekking van het koor eenvoudig: het koor deelt niet mee in de handeling - in dit opzicht heeft zijn passiviteit een tragische betekenis - maar plaatst de handeling op hoger niveau. Het koor kan troosten, het leed temperen, maar niets verrichten tegen alle rampspoed.

Zoveel mogelijkheden in de vormgeving, en nog is de fantasie niet uitgeput. De voorstelling die het gezelschap Aluin uit Utrecht geeft van Euripides' Medea, in de vertaling van Gerard Koolschijn, is van een uitzonderlijke intensiteit en vindingrijkheid. Plaats van handeling is een cafévloer, met rechts een bar. Een woedende, verdrietige vrouw strompelt binnen, ze heeft zwarte tranensporen over haar wangen geschminkt. Haar man, Jason, is overspelig met een andere vrouw, een koningsdochter. Maar zij, Medea, heeft hem op de troon geholpen. Haar besluit staat vast: ik ga zijn zoons doden, bovendien zijn nieuwe bruid en haar vader, koning Creon. Ze drinkt wijn aan de bar, zwikkend op haar enkels, smart en opstandigheid trillen in haar gezicht.

De twee mannen naast haar, de eerste laconiek, de ander ziet een buitenkansje, zeggen hoofdschuddend: “Niet doen, niet doen, dat geeft rampen. Doe maar niet.” Zo gaat dat, in cafés. Wildvreemden, buitenstaanders dus, geven kortstondige troost. In de regie van Erik Snel vormen die mannen het koor. Hun kalmte wakkert Medea's woede aan. Desondanks schenken zij haar wijn bij. Zo ironisch is een troostende houding.

In de scherpe vertaling van Koolschijn spelen de drie acteurs een onthutsende, aangrijpende Medea. In één sterke beweging drijft de tragedie ons voort naar het slot. Muziek - house, Billy Holiday, een requiem - markeren de scènes en de bijpassende sentimenten. De twee mannen, het koor dus, spelen in een dubbelrol ook de lafhartige ontrouwe Jason, koning Creon en een onvruchtbare lapzwans wiens dichtgesnoerde 'wijnzak' door Medea daadkrachtig wordt ontknoopt. De enige die trouw aan zichzelf blijft, is Medea. Haar wraak is groot, want ze wenst niet als voetveeg behandeld te worden. Doordat elk sentiment is gebannen - we zien geen onschuldige kindertjes - ligt het brandpunt van de voorstelling in haar rol. Nooit eerder zag ik zo duidelijk dat Medea géén wrede moordenares is maar een vrouw die voor haar eer en rechten opkomt. Hoe gruwelijk haar daad ook is, Medea is elke seconde geloofwaardig in haar versmading, waartegen ze zich teweerstelt.

De drie acteurs bespelen elk een eigen register, waardoor zij de tragedie van telkens andere kant spiegelen. De ene speler, Dennis Coenen, is laconiek, redeneerziek en onaanraakbaar. Marcel Roelfsema daarentegen toont gevoelens, vooral de in drank verstikte dronkemansemoties. Maaike van der Meer als Medea excelleert in de spaarzame kaalslag van de toneelruimte. Haar kracht is de manier waarop ze ontgoocheling in de liefde uitbeeldt; ooit had Jason haar trouw beloofd, en hij heeft die belofte geschonden. Dat hij daarvoor moet boeten, is geheel volgens de wet van de logica. Eigenlijk is haar daad teugelloos, maar doordat zij haar doel met wiskundige precisie nastreeft, groeit Medea boven zichzelf uit. Zij overstijgt de menselijke maat. Dat is een weergaloze visie op haar rol en op de klassieke tragedie. Hier krijgt vertroosting door wraak een verontrustende dimensie; want er is geen sprake van spijt!