Van Mierlo had Zalm in EU moeten tegenhouden

Op het ministerie van Financiën doen ze het graag, uitrekenen wat Nederland aan Brussel betaalt en van Brussel ontvangt en vervolgens de computer gebruiken om de staatjes en de plaatjes te krijgen die illustreren hoe slecht Nederland in vergelijking met rijkere EU-landen behandeld wordt.

Wat dat betreft is het onder minister Zalm niet anders dan het onder minister Kok al was. Nieuw is dat in een klimaat van groeiende Euroscepsis die staatjes en plaatjes bij gebrek aan andere onderwerpen gebruikt kunnen worden om politieke tegenstellingen op te roepen. Aan Nederland aangedaan onrecht, daarmee moet te 'scoren' zijn.

Nieuw is ook dat onze minister van Financiën in Mondorf-les-Bains zijn Europese collega's hard heeft geconfronteerd met de onrechtvaardigheid van onze 'netto-bijdrage' en zelfs even dreigde met het laten ontsporen van de Europese trein. De collega van Buitenlandse Zaken heeft dat dreigement om desnoods de uitbreiding van de EU te blokkeren weliswaar van tafel gehaald, het kwaad blijft geschied. De opzet van de Europese Commissie om door het niet voorstellen van een verhoging van de voor de EU ter beschikking staande middelen - nu zo'n 1,27 procent van het Euro-BNP - rustig de uitbreiding naar Midden- en Oost-Europa ter hand te kunnen nemen, is duidelijk doorkruist. Nederland en Duitsland willen binnen die 1,27 procent meer geld terug. Spanje en anderen willen dat niet voor hun rekening nemen. Dat wordt dus mogelijk twee jaar - in 1999 moeten de financieringsbesluiten vallen - ruziën onder de vijftien en vervolgens tussen de vijftien en de toetredingskandidaten.

Het offensief van Zalm ontmoette in Mondorf-les-Bains weinig sympathie. Door collega's gebruikte termen als 'Dutch accounting' en 'fantasiecijfers' geven wel aan dat Nederland dat, als het om geld gaat toch al geen gunstige Europese reputatie heeft, op het punt van de 'netto-bijdrage' niet erg serieus genomen wordt. Dat komt omdat onze economie meer dan gemiddeld voordeel van het EU-lidmaatschap heeft en het begrip 'netto-bijdrage' alleen een contributie-relatie tussen Nederland en de EU suggereert en onvoldoende precies is om aan te kunnen geven hoe de lusten en de lasten van de Europese begroting over de lidstaten verdeeld zijn.

De opvatting dat onze economie aan Europa verdient is onomstreden. Op dat gebied deskundiger leden dan ik zullen zelfs wel aan kunnen tonen dat Financiën dankzij Europa meer belasting binnen krijgt dat het eraan afdraagt.

Als we los van de Europese begroting zoveel aan Europa verdienen is het niet onlogisch dat binnen de begroting het beeld minder positief is. De EU-begroting is een herverdelingsinstrument. Toch lijken enkele lidstaten die rijker zijn dan Nederland het binnen dezelfde begroting beter te doen dan Nederland. Dat stoort Financiën.

Hebben ze gelijk in Den Haag? Dat is de vraag. De uitgavenkant van de Europese begroting geeft niet precies aan wie van wat profiteert. De begrotingslijn 'Hulp aan Turkije' komt weliswaar ten goede aan Turkije maar evenzeer aan de West-Europese ondernemingen die deze subsidies gebruiken voor hun zaken. Geld uit het Structuurfonds voor Portugal zal in de begroting aan Portugal toegerekend worden, de firma in Nederland die voor de Portugezen twee drijvende bokken maakte komt in dat verhaal niet voor. Landbouwsubsidies in Nederland? 't Kan best Franse firma's betreffen die om monetaire redenen hun handel via Vlissingen laten lopen. Dan zijn er de landbouwheffingen en douanerechten waar Nederland een relatief zeer groot aandeel in heeft maar waarvan de regering zelf tot voor kort niet zeker was of die, zoals Financiën graag rekent, voor de volle 100 procent als 'last' voor Nederland moet worden beschouwd.

Dankzij het feit dat de huidige minister van Buitenlandse Zaken het verzet tegen die 100 procent gestaakt heeft, kon Zalm in Mondorf-les-Bains het voortouw nemen. En aangeven dat deze Europese belastingmiddelen - in Rotterdam geïnde douanerechten geven toegang tot de gehele Europese markt - door Financiën beschouwd worden als een last voor Nederland.

Die redenering gaat natuurlijk niet op voor goederen die, al dan niet na bewerking in ons land, naar elders in de EU worden geëxporteerd. Het is bekend dat onze export naar andere EU-landen in percentage van het BNP uitgedrukt groter is dan die van welk andere lidstaat ook. De douanerechten en de landbouwheffingen (in 1996 19 procent van de inkomsten van de EU) vormden ruim 36 procent van de Nederlandse afdracht.

Dat geeft wel aan dat Financiën zonder die douanerechten geen argumenten overhoudt voor de klaagzang over de onrechtvaardige behandeling van Nederland. Jammer dat de minister van Buitenlandse Zaken in een moment van onoplettendheid zijn collega van Financiën vrij spel heeft gegeven. Hij is de eerste die er de schadelijke gevolgen van zal ondervinden.

En wat doet Zalm na de door hem aangekondigde twee jaar strijd? De handhaving van het plafond van 1,27 procent heeft hij in Mondorf-les-Bains geaccepteerd, de inderdaad onrechtvaardige Britse bijdrageregeling blijft aan die 1,27 procent gekoppeld.

Geprobeerd zal moeten worden op de Structuurfondsen te bezuinigen. Dat zal betekenen dat Flevoland en een aantal andere gebieden die Europese regionale steun ontvangen, geen of minder hulp krijgen.

En bezuinigen op de landbouwuitgaven? De Nederlandse melkveehouders vinden dat ze er in de Commissievoorstellen veel te bekaaid vanaf komen. Dat maakt andere door Nederland gewenste bezuinigingen, bijvoorbeeld op granen, moeilijker. Ministers van Landbouw hebben zich trouwens in de EU van hun collega's van Financiën nooit erg veel aangetrokken.

Het meest waarschijnlijke resultaat van de operatie Mondorf-les-Bains is dat onze minister van Buitenlandse Zaken blijvende schade heeft opgelopen, diens collega van Financiën twee jaar lang zijn kop tegen de muur mag slaan en Nederland een 'I want my money back'-reputatie krijgt zonder dat we daar financieel voor schadeloos worden gesteld.