Van Mierlo: betere relatie met China

NEW YORK, 23 SEPT. China is bereid zonder voorwaarden vooraf de mensenrechtensituatie in het land met de vijftien landen van de Europese Unie te bespreken. Dat is gistermiddag gebleken tijdens een ontmoeting van een ministeriële delegatie van de Europese Unie met de Chinese minister van Buitenlandse Zaken, Qian Qichen, in New York. In oktober zullen de besprekingen tussen diplomaten van de EU, een vertegenwoordiger van de Europese Commissie en China beginnen.

Minister Van Mierlo (Buitenlandse Zaken) - lid van de zogeheten EU-trojka die het gesprek met de Chinese minister voerde - zei na afloop dat de bereidheid van China tot een dialoog ook van groot belang is voor de betrekkingen tussen Nederland en China. Volgens hem is de kou tussen de twee landen enigszins uit de lucht door deze nieuwe ontwikkeling.

China heeft dit voorjaar een handelsmissie en een bezoek van minister Wijers van Economische Zaken aan het land afgezegd. Ook werden onderhandelingen over Nederlandse investeringen bevroren. Dat gebeurde nadat Nederland als voorzitter van de Europese Unie een resolutie voorbereidde bij de Mensenrechtencommissie van de Verenigde Naties in Genève, waarin China werd veroordeeld. Uiteindelijk raakten de lidstaten van de Europese Unie verdeeld en sneuvelde het initiatief van de voorzitter.

Van Mierlo vindt het van groot belang dat nu ook in andere fora over de mensenrechtensituatie in China kan worden gesproken en de aandacht niet langer alleen op de opstelling van leden van de Europese Unie bij de jaarlijkse VN-conferentie in Genève komt te liggen. “Het herstelt de eenheid onder de Europeanen en de Chinezen tonen hiermee hun bereidheid zonder voorwaarden een debat aan te willen gaan”, aldus Van Mierlo.

Hij laat de Nederlandse Adviesraad Internationale Vraagstukken een advies opstellen over “de universaliteit van mensenrechten in relatie tot culturele diversiteit”. De bespreking van mensenrechten wordt volgens Van Mierlo bemoeilijkt door het feit dat de meeste Aziatische landen mensenrechten niet als zodanig verwerpen, maar deze wensen toe te passen in het licht van de plaatselijke context en van de eigen cultuur.