Rem op groei leveranciers van thuiszorg

DEN HAAG, 23 SEPT. Minister Borst en staatssecretaris Terpstra (Volksgezondheid en Welzijn) zetten een rem op de groei van het aantal leveranciers van thuiszorg. Binnenkort zullen ze daartoe “een uiterst stringente” regeling publiceren, zo schrijven ze in de periodieke rapportage over de thuiszorg.

De maatregel vloeit voort uit de beslissing om de 'marktwerking' in de thuiszorg te bevriezen. Thuiszorg is de verpleging en verzorging die patiënten thuis krijgen in plaats van in een zieken-, verzorgings- of verpleeghuis.

Enkele tientallen bestaande aanbieders van thuiszorg krijgen van minister en staatssecretaris enig soelaas. Ze verwachten dat deze leveranciers volgend jaar nog steeds maar een deel van het hulppakket - zoals alleen gezinszorg of alleen kraamhulp - zullen aanbieden in plaats van het voorgeschreven integrale pakket thuiszorg.

Om het gewenste brede aanbod mogelijk te maken, is samenwerking of fusies van een groot aantal leveranciers nodig, constateren de bewindslieden. Daarvan bespeuren ze nog weinig, en ze voelen zich daardoor “voor het blok gezet”. Eigenlijk zouden op 1 januari deze bedrijven moeten worden gesloten, maar gezien de gevolgen voor patiënten en werknemers krijgen ze een jaar respijt. Als ze op 1 januari 1999 nog niet het integrale pakket thuiszorg leveren moeten ze sluiten, aldus Borst en Terpstra. Ze vinden dat er in de begroting voor 1999 geld moet worden gereserveerd “voor de begeleiding van de feitelijke bedrijfsbeëindiging”.

Verder schrijven minister en staatssecretaris dat ze het bedrag van 93 miljoen gulden, dat in 1998 extra voor de thuiszorg beschikbaar is, niet evenredig over alle instellingen willen verdelen. Het grootste deel gaat naar de thuiszorg in regio's waar het aantal bedden in verpleeghuizen en verzorgingshuizen het schaarst is. Ook wordt het geld gebruikt voor compensatie van de gevolgen van het gelijktrekken van de tarieven voor de gezinsverzorging. “Daardoor kunnen er instellingen zijn die volgend jaar onevenredig zullen groeien terwijl andere er niets bijkrijgen”, aldus de bewindslieden.