Rechts is in Frankrijk machtelozer dan ooit

Nog steeds rouwt rechts in Frankrijk over zijn verkiezingsnederlaag. Men heeft altijd een natuurlijke aanspraak op de macht gehad. De verwijten aan Jacques Chirac, die de Kamerverkiezingen onnodig een jaar vervroegde en verloor, zijn dan ook nog niet verdwenen.

PARIJS, 23 SEPT. Jacques Chirac heeft 1 juni niet alleen zijn gok - vervroegde Kamerverkiezingen - verloren, maar ook zijn achterban. Na vier maanden mokken en kibbelen is het verval zo ver gegaan dat zijn eigen RPR-partij vanmorgen moest verklaren nog steeds gehecht te zijn aan de president.

De voorbeelden van deze vervreemding verdringen zich. Zaterdag nog kwam een aantal groten uit het rechtse kamp bijeen, oud-premier Balladur, de nieuwe RPR-voorzitter Séguin, oud-minister Léotard om enkelen te noemen. Om te doen wat zij al maanden in kleiner wordende zaaltjes doen: wonden likken en piekeren over de toekomst. Voor oppositie voeren hebben zij nauwelijks tijd.

Maar wat het nieuws maakte na die beraadslagingen van zaterdag was het feit dat de naam Chirac een dag lang niet was gevallen. In ieder politiek stelsel zou dat koel aandoen wanneer je eigen voorman president is. In Frankrijk was het schokkend. De traditie wil dat centrum-rechts, en zeker de neo-gaullistische partijgenoten van Jacques Chirac plegen te spreken in termen van dienstbaarheid aan de president. Om daarna over het probleem in kwestie iets te zeggen.

Politiek in Frankrijk is altijd mannetjes-politiek. Er treden betrekkelijk weinig vrouwen in op, maar ook relatief weinig principes. Franse politici hebben wel hun oriëntatie, hun redeneertrant over maatschappijvragen, maar die worden beleefd en behandeld om emblematische figuren. Voor rechts is de grootste onder de politieke monumenten nog steeds Charles de Gaulle, de generaal die Frankrijks eer in de Tweede Wereldoorlog redde en het land later zijn plaats in de eredivisie van de wereldpolitiek teruggaf.

Jacques Chirac, die zich graag als zijn poltieke erfgenaam ziet, heeft sinds hij in 1995 na een kansloos lijkende campagne het presidentschap veroverde een woelige bestuurspraktijk uitgeoefend. Twee regeringen-Juppé brachten verbaal een harde bezuinigingspolitiek, die de kiezers zwaar frustreerde omdat Chirac een sociale campagne had gevoerd. Daarmee nam hij zijn socialistische tegenstander Jospin de wind uit de zeilen.

Nu is Juppé afgedankt en is de voormalige rechtse meerderheid in het parlement tot een verpletterde minderheid teruggebracht. Die minderheid is machtelozer dan nodig: Lionel Jospin, de man die Frankrijk nu in werkelijkheid regeert, moet een vrolijke verzameling splinterpartijen aan boord houden om zijn linkse coalitie te laten voortbestaan. Vooral de communisten en de Groenen roeren zich dagelijks. En ook de hobbyisten in zijn eigen socialistische partij laten dagelijks speelgoed liggen voor de oppositie.

Maar de RPR en de UDF hebben er geen oog voor. Alleen als de regering vraagt om een tegenwoord (350.000 overheidsbanen voor jongeren, het schrappen van steeds meer defensieprogramma's, het gemodder met de non-privatisering van Air France) komen de half-verdoofde oud-ministers even naar de microfoon. Zonder enige overtuigingskracht of hoop op aandacht. De collectieve rouw heeft allen nog in een ferme greep.

Rechts heeft in Frankrijk, meer dan waar ook, altijd een natuurlijke aanspraak op de macht gehad. Des te harder zijn de verwijten aan Jacques Chirac, die onnodig de Kamerverkiezingen een jaar vervroegde. Sommigen (niet alleen oud-premier Alain Juppé) hadden hem dat aangeraden, maar niemand erkent dat nu meer. De analyses in eigen kring graven diep met titels als 'Welke toekomst voor het gaullisme?' of 'Rechts: De verleiding tot zelfmoord'. Edouard Balladur is maar een boek gaan schrijven over 'Het karakter van Frankrijk', een mysterie dat hij steviger zou willen aanpakken dan toen hij zelf premier was ('93-'95).

Jacques Chirac heeft zich gisteren voor het eerst maar weer eens overgegeven aan aan zijn liefste hobby: campagne voeren. Dit keer voor niets in het bijzonder, gewoon om de mensen er aan te herinneren dat hij bestaat en president is. Hij ging naar de zeer gemiddelde stad Troyes (waar de jonge burgemeester vriend en medewerker is) om een HTS te openen en handen te schudden. Een landelijke enquête sprak intussen boekdelen: aardige, spontane man, hoeft niet weg, maar moet zich in 2002 niet herkiesbaar stellen.

Terwijl sommigen ter rechter zijde de grondwet willen wijzigen, houden de meesten groten-zonder-onmiddellijke-roeping zich ledig met het hervormen of hernoemen van hun politieke formatie. En Chiracs eigen RPR heeft oud-Kamervoorzitter Philippe Séguin aan het hoofd gekozen. Het laatste wat Chirac wilde. Daarom beleeft hij een dubbele 'cohabitatie': met een regering van de andere politieke richting, en een partij die hem voorlopig het liefst vergeet. Het was ongekend druk zondag op het Elysée, tijdens de open monumentendagen.