Hoogleraar Rutten: 'Wegener Arcade op drijfzand gebouwd'

AMSTERDAM, 23 SEPT. Veel overnames en fusies in de media- en entertainmentindustrie van de afgelopen tien jaar, zoals Wegener Arcade, zijn op drijfzand gebouwd. Dat stelt de Rotterdamse hoogleraar P. Rutten in een TNO-rapport over de Nederlandse entertainmentindustrie. De beoogde synergie tussen verschillende activiteiten in de branche heeft niet plaatsgehad. Dat zei Rutten gisteren tijdens het eerste nationaal congres Entertainment '97.

“Wegener Arcade is heAÀt voorbeeld dat het met de synergie in de Nederlandse entertainmentindustrie nog niet wil lukken”, aldus Rutten. De combinatie van uitgever Wegener en Arcade, voornamelijk producent van verzamel-cd's, stamt uit 1995. Dit bedrijf bestaat volgens de hoogleraar in feite uit twee relatief los van elkaar opererende bedrijven waartussen nauwelijks synergetische verbanden bestaan.

“De integratie van dagbladuitgeverij, omroepactiviteiten en platenmaatschappij is problematisch. De partners lijken te lichtvoetig over deze problemen te zijn gestapt”, aldus Rutten. Succesproducten zijn volgens de onderzoeker nog niet aan de poging tot samenvoegen van activiteiten ontsproten. “Multimedia staat bij Wegener Arcade voor het gecombineerd verkopen van advertentieruimte.”

Volgens J. Houwert, bestuursvoorzitter van Wegener Arcade en spreker op het entertainmentcongres, is de tijd van fusies echter nog niet voorbij. “De schaalvergroting zet door, de markt is simpelweg niet groot genoeg. Die vergroot je door acquisities.” Rutten beaamt dat wel, maar ziet overnames en fusies meer op het gebied van gelijksoortige bedrijven, in plaats van binnen één segment. De totstandkoming van netwerken voor electronische distributie van entertainmentproducten zal spelers uit verschillende segmenten van de industrie naar elkaar toe drijven, meent de hoogleraar.

In dat veranderende landschap van distributie is juist synergie broodnodig, concludeert Rutten. De totstandkoming van de on-line netwerken waarover producten als concerten, muziek en tv-programma's verspreid kunnen worden, gebeurt buiten de entertainmentindustrie om. Het bij elkaar brengen van productie van entertainment en distributie als strategie zal volgens de hoogleraar op den duur onzinnig zijn omdat die twee juist van elkaar losgekoppeld gaan worden.

De entertainmentindustrie heeft alle kans nog om mee te gaan in het proces van digitalisering, meent Rutten, en verkeert zelfs in een machtspositie. Want het produceren en uitventen van de (creatieve) inhoud, het tv-programma of de muziek, zal volgens Rutten altijd een activiteit van de entertainmentindustrie blijven.

Beheerders van netwerken zullen die producten willen gebruiken om het gebruik van hun netwerk te promoten, stelt hij in het rapport. Omdat er sprake zal zijn van concurrentie tussen netwerkbeheerders zal de uiteindelijke positie van de entertainmentindustrie bepaald worden in een onderhandelingsproces waarbij zij over goede kaarten beschikt.

In het licht van de toekomstige ontwikkelingen zullen firma's als Wegener Arcade noodzakelijkerwijs een grondige herstructurering moeten ondergaan, zo meent Rutten. Zowel de verkoop van kranten als van verzamel-cd's stagneert, terwijl die samen goed zijn voor tweederde van de omzet.