Zapman

Ik rende dit weekeinde op een bospad. Het was op de Veluwe, vlakbij Speuld. Veel bomen. Ik kwam moeizaam vooruit, de bosgrond was rul. Maar het rook er heerlijk. Ver achter me hoorde ik een grasmaaier. Hoe kon dat nou, ik had toch nergens gras gezien? Het zou ook een kettingzaag kunnen zijn, zo'n apparaat waarmee ze bomen omzagen.

Het leek trouwens wel of dat lawaai steeds dichterbij kwam. We gingen toch niet beleven dat ik werd ingehaald door een kettingzaag? Ik keek om en zag over het bospad een motorcrosser naderen. Ik maakte me zo breed mogelijk. Ik kom uit de stad, er is nogal wat lawaai in de stad. Daar kan ik mee leven, zolang ik weet dat er in het bos geen lawaai is. En dat het er niet stinkt. Misschien is het typisch stedelijk om zo puriteins over het bos te denken.

De crosser moest van het pad af tussen de bomen door om me te passeren. Even leek hij zijn evenwicht te verliezen, maar hij herstelde zich. Ik schrok. Achterop zat een jongetje van een jaar of zeven, in een motorpak, helmpje op. Stel je voor dat zo'n kind eraf valt omdat de berijder vreemde capriolen moet uithalen om mij voorbij te komen. Een paar seconden lang waren de geuren van het bos verdwenen, het stonk naar uitlaatgassen.

Toen kwam er weer zo'n knetterend apparaat mijn kant op, nu niet van achteren maar van voren. Ik stapte opzij en gaf ruim baan, misschien zat daar ook een jongetje achterop. Ik rook weer uitlaatgassen. Deze keer wilde de stank niet binnen een paar seconden verdwijnen, het werd eerder erger. En stiller werd het er ook niet op. In de verte klonk een diep gebrom, dat aanzwol toen ik dichterbij kwam. Het had onweer kunnen zijn, als de hemel bewolkt was geweest. Of een houthakkerskamp. Maar het waren crossers, middenin het bos, honderden scheurden daar in het rond. Hun helmen kwamen net boven de wortels van de bomen uit, zo diep hadden ze de bosgrond al uitgesleten. Er stond een bord bij, op welke tijdstippen het van overheidswege was toegestaan om dat te doen. Woensdag mocht het een paar uurtjes. Vrijdag en zaterdag, meen ik. Zondags werd er in het bos niet geoefend. Dan gingen ze naar de wedstrijden.

Gisteren in Oss, motorcross met zijspan. Studio Sport liet zien hoe een Nederlandse combinatie won. Ik zag veel zand, en een paar bomen.