Voor de eenheid van Italië; Italianen de straat op tegen Lega Nord

ROME, 22 SEPT. Bijna een miljoen Italianen hebben zaterdag gedemonstreerd tegen de plannen van de separatistische partij Lega Nord om het rijke noorden van het land onafhankelijk te maken van de rest.

Het is voor het eerst dat er zoveel mensen de straat op zijn gegaan om de eenheid van Italië te verdedigen. De betoging was georganiseerd door de drie grote vakcentrales. Dat was voor sommigen een reden om zich ervan te distantiëren, omdat zij de vakbonden zien als een belemmering voor de modernisering van het land.

“Dit is het begin van de morele revolutie tegen het idee van afscheiding”, zei Massimo D'Alema, leider van de Democratische Partij van Links, in Venetië. Daar hadden de bonden tachtigduizend mensen op de been gebracht. Vorige week waren er tegen de vijftienduizend aanhangers van Lega-leider Umberto Bossi naar Venetië gekomen om daar de onafhankelijkheid uit te roepen van Padanië, zoals Bossi het noorden heeft omgedoopt.

President Oscar Luigi Scalfaro haakte later op de dag in op dit verschil. “In een democratie tellen de cijfers”, zei hij. “Tien personen die fluiten hebben niet hetzelfde gewicht als duizend die applaudisseren.”

Het hart van het protest was de Noord-Italiaanse stad Milaan. Hier liepen honderdduizenden mensen in vijf verschillende kleurige stoeten door de stad. Velen van hen droegen Italiaanse vlaggen mee, ongebruikelijk voor links, en slogans en spotprenten tegen Bossi. Volgens de vakbonden zijn in totaal een miljoen mensen gaan demonstreren tegen de Lega. De politie zei geen eigen schatting te kunnen geven.

“Wij zijn met honderdduizenden uit heel Italië gekomen met één doel: neen te zeggen tegen de verdeling van ons land”, zei Pietro Larizza, leider van de vakbond UIL. Zijn collega Sergio Cofferati, leider van de grootste bond van Italië, de CGIL, voegde daaraan toe: “De Lega is gewelddadig en oncontroleerbaar geworden en vormt een gevaar voor de nationale eenheid en voor de arbeiders.”

In hun toespraken spraken de drie vakbondsleiders overigens nauwelijks over de Lega en over de voedingsbodem voor deze partij, problemen als de inefficiëntie in het openbaar bestuur en de hoge belastingdruk. Zij onderstreepten vooral de centrale rol van de bonden en pleitten voor solidariteit tussen noord en zuid en voor maatregelen tegen werkloosheid. Bijna driekwart van hun toespraken ging over de onderhandelingen over herziening van het sociale stelsel die nu aan de gang zijn.

Ondanks de overweldigende opkomst heeft de toonzetting van de manifestatie iets van de kracht van het protest tegen de Lega weggenomen. Veel rechtse politici hebben zich niet achter de manifestatie geschaard omdat zij die teveel een vakbondszaak vonden. Ze verweten de vakbondsleiders Bossi als een voorwendsel te hebben gebruikt om hun kracht te laten zien en zichzelf sterker te maken als gesprekspartner in de sociale onderhandelingen.

“Het is juist om tegen afscheiding te demonstreren, maar de bonden hebben naar mijn mening weinig recht om dat te doen”, zei Gianfranco Fini, leider van de ex-neofascistische Nationale Alliantie. Hij bracht vorig jaar honderdduizend mensen op de been tegen de Lega.

Een ander punt van kritiek was dat de vakbonden in het algemeen dezelfde status quo verdedigen, in de vorm van sociaal bestel en arbeidsverhoudingen, waarover in het noorden zoveel onvrede bestaat, ook onder mensen die niets moeten hebben van het rauwe optreden van Bossi.

De Lega-leider zelf reageerde laconiek. “Als er een referendum over zelfbeschikking van Padanië wordt gehouden, zal zeventig procent daarvóór zijn”, zei hij. Zijn partij wil eind oktober 'verkiezingen' in het noorden houden.