Klacht over weigeren personeel met dialect

LEEUWARDEN, 22 SEPT. De Fryske Akademy dient een klacht in bij minister Sorgdrager (Justitie) wegens discriminatie van Nederlandstaligen met een regionaal accent door de KLM. Bij het aannemen van sollicitanten zouden inwoners van Friesland, Groningen, Drenthe, Overijssel, Zeeland en Gelderland die een accent hebben, om die reden worden afgewezen.

Aanleiding vormt het afwijzen van een 21-jarige sollicitante uit de Achterhoek in juni van dit jaar wegens haar Twentse tongval. Volgens de Frysk Nasjonale Partij (FNP) is sprake van taaldiscrimatie en schending van de rechten van de mens. De Friese partij vroeg de KLM in juni in een brief al om opheldering.

Volgens de KLM is een regionale tongval geen probleem, mits die niet te geprononceerd is. De verstaanbaarheid voor cabinepersoneel staat voorop, aldus de luchtvaartmaatschappij in antwoord op de brief van de FNP. “Het cabinepersoneel van KLM Cityhopper is afkomstig uit alle regio's van Nederland”, zo staat in de brief. “In de contacten met de passagiers dient ieder lid van de cabinebemanning echter wel voor iedereen die Nederlands spreekt goed verstaanbaar te zijn.” De FNP gaat echter niet akkoord met dit antwoord. In een tweede brief aan de KLM schrijft FNP-fractievoorzitter J. van der Baan dat de KLM haar “discriminatoire aannamebeleid” niet ontkent en dat dit beleid gewijzigd moet worden. Als de KLM hiertoe niet bereid is, aldus Van der Baan, zal de kwestie worden voorgelegd aan het bureau taaldiscriminatie in Leeuwarden. Van der Baan: “Dit beleid is in strijd met het anti-discriminatieartikel in de grondwet.”

In de brief van directeur L. Jansma van de Fryske Akademy, die mede ondertekend is door J. Daan, oud-hoofd van de afdeling dialectologie van het P.J. Meertens Instituut, wordt minister Sorgdrager opgeroepen een eind te maken aan de taaldiscriminatie. De brief is gestuurd aan alle Provinciale Staten in Nederland, omdat de zaak, aldus Jansma en Daan, van “nationaal belang” is. Ze wijzen er onder meer op dat de zachte 'g' van de Limburgers geen probleem vormt en dat dit samenhangt met “het accent van enkele prominente bewindslieden' door de “Nederlands-Vlaamse samenwerking”.