Onverschillige blote heren

Voorstelling: Uit de pakken van en door Dik Boutkan, Cas Enklaar, Martin van Poppel. Gezien: 18/9 De Brakke Grond Amsterdam. Aldaar t/m 25/9, daarna elders t/m 1/11. Inl: (020) 668 26 07.

Uit de pakken heet de voorstelling en die titel belooft niets te veel: de acteurs gaan uit de kleren, al direct de eerste minuut. Terwijl Martin van Poppel de volumeknop van de muziekinstallatie hoog draait trekken Cas Enklaar en Dik Boutkan om beurten een kledingstuk uit. Het is een uitdagende verleidingsscène, maar als de mannen eenmaal piemelnaakt tegenover elkaar staan slaat hun opwinding plotseling om in totale desinteresse. Ze hebben alle belangstelling voor elkaar verloren.

Ze delen hetzelfde huis, deze twee nichten die de veertig al ruimschoots zijn gepasseerd, maar ze doen alsof ze lucht voor elkaar zijn. Zwijgend gaan ze ieder hun gang temidden van de bende die ze om zich heen hebben verzameld: bijeengeraapt meubilair, twee smoezelige stretchers, hoopjes kleren en een provisorisch ingerichte keuken met een overvloed aan etenswaar.

Een deel daarvan wordt ook daadwerkelijk gesneden, gewassen, gekookt, gebraden, afgegoten en tenslotte opgegeten. We zien toe hoe Enklaar (in trainingsbroek en T-shirt) en Boutkan (aanvankelijk met alleen oranje sportkousen aan) allebei op een eigen gasstel hun maaltje bereiden. Enklaar nuttigt deze alleen aan een tafeltje; Boutkan vraagt Martin van Poppel bij hem aan te schuiven en kwebbelt half verstaanbaar over de kapper, zijn boxershort en andere huiselijke ditjes en datjes.

Dit klinkt alledaags en onbenullig en dat is het ook. De voorstelling heeft geen vorm en geen inhoud, het is alles even wezenloos. Als ik het goed begrijp is het de makers daar juist om te doen. Ze houden niet de schijn op - ze noemen elkaar bij hun eigen voornaam -, ze zijn wie ze zijn, 'mannen die onder alle omstandigheden in staat zijn niets te doen, mannen die allang geen behoefte meer hebben aan geloof, hoop en zeker niet aan liefde', aldus een summiere toelichting op de voorstelling.

Vandaar dat Dik Boutkan Enklaar op achteloze toon kan uitmaken voor 'salon-SS'er', iemand die hard en gevoelloos is, zonder dat Enklaar daarbij een spier vertrekt. Hun onverschilligheid heeft hen onschendbaar gemaakt. Niets doet er nog toe, niets raakt hen, alleen voor hondjes en poezen lopen ze warm (Boutkan) of slechts voor dingen (Enklaar). Als ze aan het slot bij elkaar op de stretcher kruipen en in elkaars armen luisteren naar een wals van Strauss doen ze dat met een blik die duidelijk maakt dat alles nog veel erger had kunnen zijn. Uit de pakken is al met al geen verheffend schouwspel en wat je ermee aanmoet weet ik niet. Erg opwindend is het allemaal niet of het moest de schaamteloosheid zijn waarmee de mannen zich in zo'n realistische vertoning bloot geven, maar uiteindelijk blijkt dat toch niet meer dan een pose die ze afschudden zodra ze met een buiging afscheid nemen van het publiek.