Conflict over rol bij CAO; VU dreigt te breken met rest universiteiten

AMSTERDAM, 20 SEPT. De Vrije Universiteit (VU) in Amsterdam dreigt uit de Vereniging van Samenwerkende Nederlandse Universiteiten (VSNU) te stappen als deze vasthoudt aan een mandaat om CAO-onderhandelingen te voeren voor alle veertien universiteiten.

De VU wil zelf onderhandelen met de vakbonden over salaris en arbeidsvoorwaarden voor het personeel.

De VSNU is belangenbehartiger van alle universiteiten. Met het dreigement zet de VU de onderlinge samenwerking en de eensgezinde houding richting minister Ritzen (Onderwijs en Wetenschappen) op het spel. “Een gezamenlijk standpunt biedt natuurlijk altijd voordelen, maar het is niet dramatisch”, zegt J. Donner, lid van het college van bestuur van de VU.

De universiteit wil zelf CAO-onderhandelingen voeren omdat “wij anders tegen het werkgeverschap aankijken dan de anderen”. De openbare universiteiten hebben volgens Donner een meer ambtelijke cultuur die in striktere arbeidsvoorwaarden tot uitdrukking komt. Zo heeft de VU zich verzet tegen een vergoeding voor overwerk van deeltijdwerkers omdat het dan naar mening van Donner niet meer om deeltijdarbeid gaat. “Maar de openbare universiteiten denken daar anders over. Als wij een mandaat afgeven betekent dat vermoedelijk een ombuiging naar meer ambtelijke arbeidsvoorwaarden.”

De Vrije Universiteit voert al tien jaar zelfstandig CAO-onderhandelingen met de bonden, zegt Donner. “Wij hebben daarvoor vier mensen die inmiddels veel ervaring hebben. De VSNU heeft net één onderhandelaar aangesteld die weinig van de cultuur van de universiteiten afweet.” Hij vindt derhalve dat de VSNU nog geen “volwassen infrastructuur” heeft om moeilijke CAO-onderhandelingen te voeren.

VSNU-voorzitter R. Meijerink laat via zijn woordvoerder weten verrast te zijn over het feit dat Donner publiekelijk dreigt uit de vereniging te stappen. Verder wil hij niet reageren, omdat er met de universiteiten nog gesprekken worden gevoerd over het mandaat.

College-voorzitter Th. Stoelinga van de Katholieke Universiteit Nijmegen, eveneens een niet-openbare universiteit, zegt het in hoge mate onverstandig te vinden als de VU het dreigement uitvoert. “Voor de VSNU zie ik niet zoveel veranderen als een van de veertien eruit stapt, maar voor de VU wel. Daarmee komt ze zeer geïsoleerd te staan.” Zijn collega uit Maastricht, C. Dittrich, zou het wel een grote verzwakking van de positie van alle universiteiten vinden als de VU de samenwerking verbreekt. “Dat zou in niemands belang zijn”, zegt Dittrich. Beiden verwachten dat het niet zover zal komen en dat er over de invulling van het mandaat nog overeenstemming wordt bereikt.