Verder met paars

DE ALGEMENE POLITIEKE beschouwingen die de afgelopen twee dagen in de Tweede Kamer zijn gehouden hebben het karakter van een verplicht nummer nauwelijks weten te ontstijgen. Volgend voorjaar zijn er verkiezingen, maar de meeste hoofdrolspelers in de Kamer gaven daar in hun optreden weinig blijk van.

Geheel in lijn met de voorgaande jaren werden de op Prinsjesdag gepresenteerde kabinetsvoornemens verbaal doorgeploegd. De belangrijkste opgave leek daarbij dat er toch vooral geen beleidsterrein werd vergeten. Het voorlopige netto-resultaat is dat een vanuit de Tweede Kamer gekomen wensenlijst van in totaal 285 miljoen gulden redelijke kans heeft te worden gehonoreerd. Op een begroting van ruim 200 miljard gulden is een amendering van een dergelijke omvang (ruim 1 promille) voor een kabinet uiterst overzichtelijk.

Het was dus een weinig opwindend debat. Maar soms kan een non-gebeurtenis ook veelbetekenend zijn. Dat was bij deze algemene beschouwingen zeker het geval. De politieke conclusie is dat een voortzetting van de paarse coalitie na de verkiezingen van mei volgend jaar een al bijna vaststaand gegeven is. Na de alom bejubelde 'droombegroting' mag dat misschien weinig verrassend lijken, maar in het licht van de Nederlandse politieke traditie en de totstandkoming van het huidige kabinet is dit zeker niet zo.

HET IS WEL degelijk van belang dat de coalitiepartners PvdA, VVD en D66 te kennen hebben gegeven het paarse kabinet tot inzet van de verkiezingen te zullen maken en hun samenwerking ook het liefst zouden willen continueren. Deze intentieverklaring betekent een breuk met de tot nu toe gebruikelijke houding van de meeste partijen om voor de verkiezingen geen expliciete voorkeur uit te spreken voor de wenselijke coalitie. Het zijn in het verleden met name de christen-democraten geweest die op deze manier vanuit het centrum hun machtspolitiek wisten te bedrijven. Op dit punt laat paars nu een hoopvolle politieke cultuurverandering zien. De kiezer weet straks iets beter waarvoor hij kiest.

De algemene beschouwingen hebben duidelijk gemaakt dat de prolongatie van de coalitie niet alleen een wens, maar ook een reële mogelijkheid is. Beide polen, PvdA en VVD, hebben hun verschillen van opvatting geëtaleerd maar geen blokkades opgeworpen. Blijft de economie zich in opgaande lijn bewegen dan zullen de geschilpunten kunnen worden overbrugd. Vooralsnog is het de vraag of de coalitie na de verkiezingen licht- dan wel donkerpaars zal zijn gekleurd.

EEN LICHTPUNT in het debat was ten slotte dat de paarse coalitie in de toekomst meer rekening zal moeten houden met de oppositie. De nieuwe leider van het CDA, De Hoop Scheffer, heeft zich laten zien als een gewiekst en scherp debater. In tijden van brede programmatische consensus, moet een oppositiepartij het van die eigenschappen hebben. Paars betekende drie jaar geleden het breken met de vanzelfsprekendheid van de macht van het CDA. Maar nu paars zelf een vanzelfsprekendheid lijkt te worden is een goede tegenmacht een eerste vereiste. De nieuwe CDA-leider kan daarvoor zorgen.