Fysicus met twee levens

Abraham Pais: A Tale of Two Continents - A Physicist's Life in a Turbulent World. Oxford University Press, 511 blz. ƒ 91,25 Abraham Pais is een gerespecteerd fysicus die pionierde op het terrein van de elementaire deeltjes, maar het grote publiek kent hem vooral als de biograaf van Einstein en Bohr. Als voorlopig sluitstuk van zijn schrijverschap beschrijft Pais in A tale of two continents zijn eigen leven. Het resultaat is een onevenwichtig boek waarin indringende getuigenissen en oppervlakkige impressies elkaar afwisselen.

Pais, zoon van Portugees-joodse ouders, groeide op in het vooroorlogse Amsterdam. Hij was actief in de zionistische beweging maar nooit overwoog hij naar Israel te emigreren: liever verkeerde hij in het centrum van de wetenschap. In 1937 zei hij de Gemeente Universiteit vaarwel om in Utrecht theoretische natuurkunde te gaan studeren bij George Uhlenbeck. Op 9juli 1941 promoveerde hij bij Leon Rosenfeld, vijf dagen voor de Duitsers joden uitsloten.

De herinneringen aan de oorlog vormen het indrukwekkendste deel van het boek. Pais dook in 1943 onder. In afzondering werkte hij aan een nieuwe benadering van een taai natuurkundig probleem. Als klankbord fungeerde de Leidse hoogleraar Kramers, die eens per week langs kwam. Hij was het die Duitslands grootste fysicus Werner Heisenberg in 1945 een brief stuurde toen Pais door de Gestapo was opgepakt. Een vriendin toog met een kopie naar een hoge nazi in Amsterdam, waarop deze naar de gevangenis aan de Weteringschans belde: 'Hast du einen Jude Pais dort? Lass ihn gehen.'

Na de oorlog vertrok Pais via Kopenhagen, waar hij een half jaar met Niels Bohr samenwerkte, naar Amerika. Op het Institute for Advanced Study in Princeton hielp hij de stroom nieuwe elementaire deeltjes in kaart brengen die in de steeds krachtiger versnellers opdoken. A tale of two continents staat vol herinneringen aan Einstein, Bohr, Pauli, Dirac, Gell Mann en andere sleutelfiguren van de naoorlogse natuurkunde. Gell Mann overigens in de rol van dilettant die Pais ervan beschuldigde ideeën van hem te hebben gestolen. Oppenheimer wordt geportretteerd als een charismatisch wetenschapper met een hang naar macht, opgesloten in een rampzalig huwelijk. Zijn ondergang in de McCarthy-periode was de directe aanleiding voor Pais om het Amerikaanse staatsburgerschap aan te nemen: als buitenlands gast voelde hij zich gehinderd zijn mond open te doen, als Amerikaan kon hij tenminste onbekommerd kritiek leveren.

In de jaren tachtig nam Pais' carrière een verrassende wending toen hij zich ontpopte als succesauteur. Naar aanleiding van het Einstein-centennial in 1979 zette hij zich aan een groot artikel over Einstein en de quantumtheorie, drie jaar later gevolgd door een volledige wetenschappelijke biografie: Subtle is the Lord... Van dat boek zijn nu 250.000 exemplaren verkocht en het is in tien talen vertaald. In 1986 verscheen Inward Bound, over de geschiedenis van de moderne deeltjesfysica, vijf jaar later gevolgd door de biografie Niels Bohr's Times. In 1994 volgde nog Einstein lived here, een bundel losstaande Einstein-stukken voor de leek, maar met dat boek leek Pais vooral zijn bureau te willen opruimen.

A tale of two continents bevat rake observaties maar tegelijk is Pais' aanpak vatbaar voor kritiek. Om te beginnen is het boek te dik. Dat komt omdat Pais het ene na het andere reisverslag vol onbenullige waarnemingen inlast (het vliegveld op Tahiti is flink stoffig) en naast persoonlijke belevenissen ook hoofdstukken opneemt over de bezetting van Nederland en de jodenvervolging in het algemeen - aftreksels van het werk van anderen. Zo lezen we dat de ergste vernietigingskampen in Polen stonden, dat de Nederlanders dapper vochten, dat de cartoons van de New Yorker vroeger beter waren en dat de home run die Bobby Thomson in 1951 tegen de Dodgers sloeg in de geschiedenis van het Amerikaanse baseball zijn weerga niet kent.

Over het privé-leven worden we selectief ingelicht, niet ongebruikelijk in een autobiografie. We vernemen dat Pais na de oorlog in analyse ging, en dat het hielp, maar verdere reflectie blijft achterwege. Zo terughoudend als Pais is over zijn eerste huwelijk met Lila - terloops merkt hij op dat ze geestelijk instabiel was en dat zijn affectie voor haar niet los gezien kan worden van zijn genegenheid voor zijn in Sobibor omgekomen zus Annie - zo gul is hij met informatie over zijn derde vrouw Ida, een Deens antropologe. Nergens komt deze onbalans sterker naar voren dan in het fotokatern: wel familiekiekjes van zoon Joshua, nergens een plaatje van diens moeder Lila. Graag hadden we meer van van deze mysterieuze vrouw vernomen - en daarmee van Pais.

Een laatste bezwaar geldt de fysica in het boek. Naarmate A tale of two continents vordert, doet Pais steeds minder moeite de niet-ingewijde lezer bij de les te houden. Zijn finest hour, het theoretisch ontrafelen in 1955 van de kwestie van de gemengde kaonen (deeltjes die bij botsingen in versnellers worden geproduceerd en quantummechanisch gezien een combinatie blijken van meerdere vormen), blijft zo grotendeels in de lucht hangen. Voor iemand die in zijn benardste ogenblikken steun vond bij de natuurkunde, is dat een gemiste kans.