Gergjev ontkent kritiek

ROTTERDAM, 18 SEPT. De Russische dirigent Valeri Gergjev ontkent dat de Russische regering kritiek heeft op zijn benoeming tot vaste gastdirigent van de Metropolitan Opera in New York. “Ik heb afgelopen dinsdag in Moskou gesproken met president Jeltsin en premier Tsjernomirdin en toen is van kritiek niets gebleken,” aldus Gergjev. “De Russische regering heeft mij juist steun toegezegd voor de renovatie van de technische installaties van het Mariinski Theater in St. Petersburg.”

Een Russische regeringswoordvoerder zei eerder deze week in Moskou dat Gergjev over zijn werk in New York overleg had moeten plegen.

Gergjev is in St. Petersburg artistiek leider van het Mariinski Theater en chef-dirigent van de Kirov Opera, naast zijn werk als chef-dirigent in Rotterdam. In het Finse Mikkeli leidt hij nog een zomerfestival en elders treedt hij nog op als gastdirigent.

Valery Gergjev zegt dat de uitspraak van de regeringswoordvoerder is gebaseerd op “misverstanden en verkeerde berichtgeving in de Russische pers, die had begrepen dat ik weg zou gaan uit St. Petersburg.”

Gergjev zei dit vannacht tijdens een boottochtje op de Maas, nadat hij gisteravond in de Rotterdamse Schouwburg een zinderende generale repetitie had gedirigeerd van Strauss' opera Salome. Die voorstelling in de regie van Willy Decker gaat vrijdag in première in het tweede Gergjev Festival in Rotterdam, begeleid door het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Ook het koor en orkest van de Kirov Opera treden onder leiding van Gergjev op in zijn Rotterdamse festival.

Volgens Gergjev betekent zijn nieuwe baan als vaste gastdirigent van de Metropolitan Opera in New York dat hij daar per jaar twee series operavoorstellingen dirigeert, waaronder ook co-producties met de Kirov Opera.

Gergjev: “Ik werkte nu ook al af en toe in New York, dus dat maakt niet zoveel verschil. Misschien zal ik buiten St. Petersburg, Rotterdam en New York iets minder gastdirecties doen.”

Gergjev, de vaakst optredende topdirigent ter wereld, is ook druk bezig met het werven van geld voor zijn artistieke initiatieven. In Rusland bespeurt hij bij ondernemingen en banken een bereidheid om een deel van hun winsten te besteden aan sponsoring van cultuur. “Daarmee willen de Russische kapitalisten nu afkomen van hun imago van mafia en criminaliteit en zich respectabiliteit verschaffen,” zei de dirigent. “Een Russische bank heeft zich al bereid verklaard voorstellingen van de Metropolitan Opera in New York financieel te steunen.”

In Rotterdam maakt Gergjev nu al plannen voor de Gergjev Festivals in de jaren 2001 en 2002. Omdat de financiering daarvan voor een groot deel telkens opnieuw moet worden georganiseerd, maakt hij zich daarover zorgen. Vooral het presenteren van een operavoorstelling op topniveau - volgend jaar hoopt Gergjev op Wagners Tristan und Isolde - is in Rotterdam relatief duur omdat de nieuwe Rotterdamse Schouwburg zo klein is, waardoor de kassa-inkomsten gering zijn.

Gergjev is daarover vooral verbaasd omdat zoiets in het zeer welvarende Nederland eigenlijk niet nodig zou moeten zijn. Hij wil de noodzaak van die operavoorstellingen en van een grotere operazaal in Rotterdam graag bepleiten bij politici die daarover kunnen beslissen. “Ik praat met koningen, koninginnen en presidenten, dus waarom niet met leden van de Tweede Kamer en de Rotterdamse gemeenteraad? Ik wil in Rotterdam graag opera op het hoogste niveau dirigeren omdat dat goed is voor Rotterdam en voor het festival. Voor mezelf hoeft het niet, ik kan overal ter wereld opera dirigeren, waar ik maar wil.”