Domme kruistocht tegen wiet

Zembla: Werken op Wiet, Ned.3, 20.52u.

'Wiet vernietigt meer dan je lief is', zou het motto kunnen zijn bij de documentaire 'werken op wiet'. Daniel, zo te zien een schat van een jongen die zich ogenschijnlijk goed kan redden met zijn jointjes, wordt als eerste ten tonele gevoerd als wiet-slachtoffer. Hij is door zijn moeder het huis uitgezet.

“Wanneer merkte u dat er iets aan de hand was?”, vraagt de interviewer aan de moeder van Daniel. “Toen hij me ging ontwijken”, antwoordt ze. Ze heeft haar zoon verbannen want ze moest “aan haar andere kinderen denken”. Daniel blowt ondertussen, zij het wat beheerster dan vroeger, rustig door. Iedere dag, na het werk rookt hij. 'Twee à drie halen' geven hem rust. Dan gaat hij schaken of een eindje lopen.

'Cannabis geeft een roes en is verslavend', aldus een deskundoloog. Wat voor soort verslaving hij bedoelt, geestelijk danwel lichamelijk, is niet duidelijk, maar dreigend klinkt het wel.

'De gebruikers worden steeds jonger en het worden er steeds meer', zegt een andere deskundoloog. Twaalf procent van de brugklassers zou al cannabis gebruiken. Of kinderen nu aan de hasj gaan of aan de alcohol, geruststellend klinkt dat niet. Maar bestaat die twaalf procent uit problematische gebruikers of uit experimenteerders?

Om een cannabisverslaving in beeld te brengen volgt Zembla de keurig geklede, 42-jarige werkploegleider Evert Scholten naar zijn rijtjeshuis. Daar zet Evert in de keuken de verfstripper aan en vertelt dat hij al 26 jaar aan de hasj is. Behalve op vakantie, dan rookt hij niet.

Vervolgens richt hij het hete lucht-pistool op de wietkorrels in zijn zelfgemaakte waterpijp en inhaleert 'zuivere THC'. Een paar trekjes brengen hem weer tot rust, zegt hij. Het moet gezegd, het is een scene die met 'Koos Koets' in de hoofdrol, niet kan worden verbeterd. Maar wat leert de kijker hiervan over de gevaren van cannabis?

Deskundoloog drie zegt te weten dat werknemers in bus-, metro- en overslagbedrijven tijdens hun werk stoned zijn. Vervolgens zien we een vrachtwagenchauffeur die tijdens het rijden een joint rookt. Dat maakt hem “veel gemoedelijker” en dus een stuk minder 'bumperig', zegt hij en dat lijkt gezien het gevaarte dat hij bestuurt een hele geruststelling. Maar, aldus de deskundoloog, er zijn al enkele dodelijke ongelukken geweest door cannabisgebruik tijdens het werk.

Mensen worden niet alleen minder agressief na een blowtje, ze kunnen klaarblijkelijk ook niet meer alert reageren. Cannabis kan, naar het zich laat aanzien, bij onoordeelkundig gebruik net zo gevaarlijk zijn als alcohol. De kijker gaapt en denkt 'waarom moet ik dit allemaal weten?'

Hoeveel mensen nemen niet dagelijks, op daartoe geëigende plekken, vier tot zes glazen wijn of bier tot zich? Wie van hen zou met drinken willen stoppen? Wat is er heerlijker dan na het werk alleen, met partner of vrienden een glaasje weg te drinken? Alcohol kan, ook al in kleine hoeveelheden, een roes geven, zeker. Maar zijn de dagelijkse drinkers alcoholverslaafd te noemen? Als het aan de Zembla-deskundologen ligt wel. Dat maakt deze documentaire zo dom en eenzijdig. Natuurlijk moeten mensen leren zich te beheersen wanneer ze genotmiddelen gebruiken. Doen ze dat niet dan krijg je ongelukken. Maar daarmee zijn die middelen nog niet verwerpelijk.

'Werken op wiet' is onwetenschappelijk, tendentieus en oppervlakkig. Het enige wat deze docu de moeite van het zien waard maakt zijn de scènes met Evert en zijn vrouw. Vooral het onverwachte gebruik van de verfstripper is aardig. Wat die Evert met zijn verfstripper en waterpijpje doet lijkt mij wel iets, zou ik zo denken wanneer ik zestien was en 'Werken op wiet' zag.

Wel zorgen natuurlijk dat mijn moeder niks merkt.