Daling van werkloosheid stagneert

ROTTERDAM, 18 SEPT. De daling van de werkloosheid in Nederland stagneert. Het aantal geregistreerde werklozen is in de periode juni-augustus uitgekomen op 386.000, na correctie voor seizoeninvloeden.

Dat blijkt uit cijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) gisteren heeft gepubliceerd. De correctie voor seizoensinvloeden is nodig omdat de werkloosheid in de zomermaanden altijd lager is dan in de rest van het jaar.

Zonder correctie telt het CBS over de laatste drie maanden gemiddeld 379.000 geregistreerde werklozen, wat neerkomt op 5,7 procent van de beroepsbevolking. Dat aantal ligt fractioneel hoger dan in de voorgaande maanden.

In vergelijking met dezelfde periode vorig jaar is de werkloosheid in Nederland nog wel sterk gedaald: toen zaten 54.000 mensen meer zonder werk. Geregistreerde werklozen zijn mensen zonder werk of met werk van minder dan twaalf uur per week die bij een arbeidsbureau staan ingeschreven en die direct beschikbaar zijn voor een baan van ten minste twaalf uur per week.

Begin dit jaar nam het aantal werklozen in Nederland nog in hoog tempo af. Aan de forse daling van de werkloosheid, die begin 1995 inzette, is in het voorjaar echter een einde gekomen. In twee jaar tijd daalde het aantal werklozen in Nederland van 486.000 tot 440.000. De laatste maanden blijft de werkloosheid stabiel, ondanks de verdere groei van de economie en de groei van de werkgelegenheid. Nieuwe banen komen vooral ten goede aan schoolverlaters en herintredende vrouwen en niet aan mensen die al langer werkloos zijn.

Opvallend is dat het verschil in werkloosheid tussen mannen en vrouwen steeds meer toeneemt. Uit de cijfers van het CBS blijkt dat 4,8 procent van de mannelijke beroepsbevolking zonder baan zit, terwijl het bij vrouwen om 7,1 procent gaat. In de jaren 1989 tot en met 1994 bedroeg het verschil in werkloosheidspercentage tussen mannen en vrouwen ruim een procentpunt. In 1995 en 1996 liep dat verschil al op tot bijna twee procentpunten. Warschijnlijk slagen mannen er eerder dan vrouwen in om bij een aantrekkende arbeidsmarkt weer aan de slag te komen.

De geregistreerde werkloosheidscijfers zijn gebaseerd op een steekproefonderzoek en hebben daardoor een onnauwkeurigheidsmarge. Alleen uit grote veranderingen en uit veranderingen die zich gedurende een langere periode voortdurend aftekenen mogen volgens het CBS conclusies worden getrokken over de tendens van de werkloosheid.