Zelfbestuur Wales moet 'quangocratie' bestrijden

Na Schotland is het morgen de beurt aan Wales om in een referendum over beperkt zelfbestuur te beslissen. Alle parlementaire partijen in Wales zijn vóór, maar de bevolking aarzelt. In de hoofdstad Cardiff voelt men meer verwantschap met Londen dan met de plattelanders van hun eigen Penrhundeudraeth.

LONDEN, 17 SEPT. Ze branden geen tweede huizen van Engelse 'kolonisten' meer plat zoals ze in de jaren tachtig deden. Dat hoeft niet meer, zeggen ze in de pastorale valleien van Cymru, zoals Wales in het Welsh wordt genoemd. Ze hebben de slag gewonnen. Het Welsh is aan een onstuitbare opmars begonnen. De Engelsen zijn op het platteland van Wales op hun retour.

Rhyd is niet meer dan een gehucht, door het ruige nationale park Snowdonia omgeven. Veertien huizen, inclusief de kerk, een kapel en een school die tot riante woningen verbouwd zijn. Maar voor nationalisten is in Rhyd bijna twintig jaar geleden de victorie begonnen. Te lang al had de plattelandsbevolking lijdzaam moeten toezien hoe de mooiste, monumentale panden door welgestelde Engelsen werden opgekocht om als weekend- of zomerverblijf te dienen. Bewoners klaagden dat ze zich vreemden voelden in hun eigen natie, dat ze werden uitgelachen om hun 'kromme taaltje', dat hun cultuur werd ondermijnd.

De maat was vol toen heel Rhyd in het bezit van Engelsen bleek gekomen. Cymdeithas yr Iaith Gymraeg, het Genootschap voor de Taal van Wales, organiseerde protestmarsen door het dorp. De extremistische organisatie Meibion Glyndwr begon huizen van Engelse eigenaars in brand te steken. In heel Wales werden Britse bedrijven die als enige voertaal het Engels gebruikten, met nationalistische leuzen beklad.

Anno 1997 wonen in vijf van de veertien huizen in Rhyd weer mensen die geboren en getogen zijn in Wales. Aanslagen, een voorkeursbehandeling voor mensen uit Wales en de diepe recessie in het begin van de jaren negentig hebben het aantal tweede huizen van Engelsen op het platteland van Wales met bijna 25 procent doen dalen. Intussen maakt het Welsh een ongekende bloei door. Een kwart eeuw geleden werd de taal nog met de ondergang bedreigd, inmiddels spreekt weer 19 procent van de bevolking dagelijks Wels. Dat aandeel is bij jongeren nog veel hoger, omdat Welsh een verplicht onderdeel van het schoolprogramma vormt.

De Britse regering heeft de ontwikkeling van de taal sinds het begin van de jaren tachtig royaal gesteund om het opborrelende nationalisme in de kiem te smoren. Wales kreeg een omroep die uitsluitend uitzendt in het Welsh. En vier jaar geleden gaf een speciale Wet op de Taal van Wales aan het Welsh eenzelfde juridische en bestuurlijke status als het Engels. Dat betekent dat overheidspublicaties in principe tweetalig moeten zijn, net zoals de bewegwijzering, en dat debatten in gemeenteraden ook in het Welsh kunnen worden gevoerd.

Nationalisme in Wales heeft zich altijd toegespitst op de taal. Veel andere mogelijkheden hebben de bewoners van Wales ook niet om zich van de machtige Engelse buren te onderscheiden. Anders dan Schotland heeft Wales sinds de vroege Middeleeuwen historie en juridisch systeem met Engeland gemeen. Anders dan Schotland is Wales ook nooit een onafhankelijke natie geweest, ook niet voordat de wetten van 1536 en 1542 Engeland en Wales voorgoed aaneenklonken. Wales heeft het nooit verder dan tot prinsdom gebracht. Dat is het nog steeds.

Wales heeft ook de handicap dat het geen natuurlijke grens met Engeland heeft. Het kost meer tijd om van Cardiff naar Caernarfon in Noord-Wales te treinen dan naar Londen. De meeste bewoners van de hoofdstad voelen meer verwantschap met de Engelse stedelingen in Birmingham dan met de plattelanders van hun eigen Penrhundeudraeth.

Zolang taal en cultuur van het land maar gerespecteerd worden en de nieuwe Engelse rijken niet massaal neerstrijken in de landelijke gebieden, krijgt nationalisme in Wales nauwelijks voet aan de grond. Bij de laatste verkiezingen haalden de nationalisten van Plaid Cymru zo'n tien procent van de stemmen. Dat is minder dan de helft van het aandeel dat de Scottish National Party in Schotland kreeg.

Al bij een eerder referendum in 1979 bleek dat Wales niet naar grotere zelfstandigheid smacht. Van de 58,3 procent van de kiezers die zijn stem uitbracht, was twintig procent vóór beperkt zelfbestuur, tachtig procent tegen. Dat resultaat werd ook beïnvloed door sterke verdeeldheid over bestuurlijke decentralisatie binnen Labour, traditioneel de machtigste partij in Cymru. Eén van de aanvoerders van de campagne tegen zelfbestuur was Neil Kinnock, de latere leider van de Labourpartij.

Achttien jaar later lijkt niets de vorming van een eigen assemblée voor Wales meer in de weg te staan. Alle partijen die afgelopen mei in Wales parlementszetels haalden, steunen de decentralisatie: Labour, Plaid Cymru en de Liberaal Democraten. Anders dan in 1979 wordt Labour ook nauwelijks gehinderd door dissidenten. De enigen die zich keren tegen beperkt zelfbestuur zijn de Conservatieven, die Wales achttien jaar lang hebben geregeerd terwijl een meerderheid van de bevolking steeds op Labour stemde. Dezelfde Conservatieven die het beheer van eenderde van de staatsuitgaven in Wales aan zogeheten 'quango's' toevertrouwden, 'quasi-autonome non-gouvernementele organisaties' die veelal worden bestuurd door Conservatieven en zich aan elke democratische controle onttrekken. Decentralisatie moet een einde maken aan die 'quangocratie'.

Toch is het maar de vraag of Wales morgen voor beperkt zelfbestuur stemt. Opiniepeilingen laten zien dat voor- en tegenstanders elkaar aardig in evenwicht houden. De publieke reactie op de politieke campagnes grenst aan onverschilligheid.

Een assemblée in Wales krijgt veel minder vergaande bevoegdheden dan een parlement in Schotland. Tegenstanders vrezen dat de volksvertegenwoordiging in Cardiff niet meer wordt dan een 'praatclub', die politici aan goed betaalde baantjes helpt en als extra bestuurslaag alleen maar remmend werkt. Als Wales morgen toch kiest voor decentralisatie, is het met weinig geestdrift, om een reden die de Britse minister voor Wales, Ron Davies, telkens aanvoert: “Omdat Wales niet kan achterblijven bij de rest van het land. Anders is Wales straks nog de enige regio in het Verenigd Koninkrijk die vanuit Londen wordt bestuurd.”