Geluidsgrenzen lijken in Den Haag niet absoluut

In politiek Den Haag rijst twijfel over de vraag hoe rigoureus de geluidsnormen voor het vliegtuiglawaai op Schiphol gehanteerd moeten worden. Over en weer worden signalen afgegeven.

DEN HAAG, 17 SEPT. Dit jaar wordt een historisch jaar voor de Nederlandse luchtvaart, zo voorspelde P. Rosenmöller, fractievoorzitter van GroenLinks in de Tweede Kamer, enkele weken geleden. Hij verwacht dat een meerderheid in de Tweede Kamer niet bestand zal zijn tegen de hartstochtelijke pleidooien van het bedrijfsleven om coulanter om te gaan met de wettelijke geluidsgrenzen die twee jaar geleden door de politiek zijn vastgesteld.

Of zijn voorspelling uitkomt moet nog blijken, maar de afgelopen weken waren er in ieder geval signalen dat kabinet en Tweede Kamer gevoelig zijn voor de argumenten van de luchtvaartbranche. Onder leiding van KLM en Schiphol voert de luchtvaartbranche de lobby in politiek Den Haag verder op.

President-directeur H. Smits van Schiphol zei afgelopen weekeinde dat Kamer en kabinet zich moeten afvragen of de geluidsgrenzen wel zo rigoureus gehandhaafd moeten worden. Hij vindt dat de overschrijdingen van de geluidszones in geen verhouding staan tot de grote schade die vluchtbeperkingen met zich mee brengen. Smits noemde het eerder al “wrang” dat ingrijpende maatregelen nodig zijn, terwijl de luchthaven dit jaar ruim onder het maximum van 15.000 zwaar gehinderde woningen blijft. Slechts op enkele van de honderden meetpunten rond Schiphol dreigen tijdens de piekuren de toegestane geluidsnormen overschreden te worden.

Het bedrijfsleven stelt dat de maatregelen die de luchthaven heeft aangekondigd om binnen de wettelijke geluidsnormen te blijven, ernstige gevolgen hebben voor hun bedrijfsvoering en slecht zijn voor de veiligheid en het milieu. In een 'brandbrief' aan minister Jorritsma (Verkeer en Waterstaat) schreven de buitenlandse luchtvaartmaatschappijen dat als gevolg van de geluidsmaatregelen vaak niet de beste en veiligste start- of landingsbaan kan worden gebruikt.

Vliegtuigen zullen langer dan nu het geval is moeten rondcirkelen in parkeerbanen. Dat leidt tot meer brandstofgebruik en meer luchtvervuiling, zo stellen zij. Door de capaciteit van de luchthaven tijdens piekuren te beperken, zal volgens de maatschappijen een sneeuwbaleffect ontstaan. Vertragingen, gemiste aansluitingen en gedwongen overnachtingen zullen van Schiphol een “klant-onvriendelijke” luchthaven maken.

De protesten van het bedrijfsleven sorteren hun effect op de politiek. PvdA, CDA, VVD en D66 houden vast aan hun opvatting dat de geluidsoverlast niet mag toenemen, maar wel wordt geopperd dat er wellicht iets te doen is aan de 'inflexibiliteit' van de geluidszones. Minister Jorritsma liet via haar woordvoerder weten dat “de baten voor het milieu aanzienlijk moeten zijn” om de invoering van de strenge maatregelen te rechtvaardigen.

Dat de geluidsgrenzen door de politiek flexibel worden geïnterpreteerd, bleek al enkele weken geleden toen minister Jorritsma zich gedwongen zag het aantal nachtvluchten op de luchthaven te beperken. Dit jaar heeft Schiphol zijn 'geluidsruimte' voor de nachtelijke uren namelijk al verbruikt.

De coalitiepartners VVD, PvdA en D66 lieten weten grote moeite te hebben met het overschrijden van de geluidsgrenzen. Maar de economische gevolgen van nog strengere maatregelen wegen zwaarder voor deze partijen. “Wij willen de gedeeltelijke sluiting van Schiphol niet voor onze rekening nemen”, zei het Tweede-Kamerlid Van 't Riet (D66).

De coalitiepartijen lieten wel weten dat de overschrijding van de norm tevens de laatste moet zijn. De komende jaren moet Schiphol zich wel aan de geluidsgrenzen houden. Rosenmöller (GroenLinks) liet blijken weinig vertrouwen te hebben in deze ferme woorden van de coalitie. Volgens hem sluiten de paarse partijen sinds de geluidsgrenzen voor Schiphol in 1995 zijn vastgesteld voortdurend hun ogen voor de snelle groeicijfers van het vliegverkeer. Rosenmöller vreest “precedentwerking”, nu de politiek gedoogt dat de geluidsgrenzen voor Schiphol overschreden worden. “Waarom is de geluidsgrens niet net zo belangrijk als de grens voor het financieringstekort”, vroeg hij zich af en gaf vervolgens zelf een antwoord: “De begrenzing van het financieringstekort is veel belangrijker voor de politiek dan milieugrenzen.”