Onderwijsassistent op 30 pct scholen

DEN HAAG, 16 SEPT. Een op de vier basisscholen heeft het extra geld voor een onderwijsassistent in de laagste klassen niet of voor andere doeleinden gebruikt. Slechts eenderde heeft daadwerkelijk een onderwijsassistent aangenomen. De rest heeft het geld wel besteed aan de onderbouw, maar niet aan een onderwijsassistent.

Dit constateert de Onderwijsinspectie in het gisteren verschenen rapport 'De onderwijsassistent helpt'. Onderwijsassistenten staan de onderwijzers in groep 1 tot en met 4 van de basisschool terzijde. Ook begeleiden ze leerlingen die eenvoudige extra hulp nodig hebben. Van de scholen die de gelden nog niet of anders gebruikt hebben, heeft 44 procent de middelen opgepot en 40 procent het geld besteed aan het voorkomen van ontslagdreiging van al aangestelde leerkrachten. Nog eens zestien procent gebruikte het geld om andere onderwijsfuncties als een aparte gymleraar te betalen.

Een woordvoerder van het ministerie van Onderwijs laat weten niets te kunnen doen omdat de scholen vrij waren het geld naar eigen inzicht te besteden. “De gelden waren niet geoormerkt. Dat is jammer, want het geld was bedoeld om de leerkrachten in de volle klassen van de onderbouw te ontlasten.” Toch vindt staatssecretaris Netelenbos de situatie 'niet zorgwekkend'. De woordvoerder: “Onderwijsassistenten zijn slechts één manier voor kwaliteitsverbetering en klassenverkleining.”

Netelenbos verwacht dat scholen die het geld hebben opgepot wachten op een nieuwe bijdrage voor de klassenverkleining.