Groei Nederlandse economie

De Nederlandse economie groeit volgend jaar met 3,8 procent. Dat is een half procentpunt meer dan de groei in dit jaar.

Nederland is de afgelopen vier jaar beduidend rijker geworden: het bruto binnenlands product (bbp) per Nederlander ligt volgend jaar tien procent hoger dan in 1994.

Volgend jaar wordt de grootste bijdrage aan de groei geleverd door de export (2,0 procent); 1,3 procent komt voor rekening van de consumptie en de investeringen leveren een bijdrage van 0,5 procent.

De export stijgt volgend jaar met 8,5 procent, het hoogste percentage in deze kabinetsperiode.

Met name vanuit Europa trekt de vraag naar Nederlandse goederen aan. De import van goederen neemt met 6,5 procent toe. De stijging van de koopkracht komt tot uiting in de consumptie, die volgend jaar, naar wordt voorzien, zal toenemen met 2,5 procent.

De economische groei leidt tot een stijging van de werkgelegenheid met 133.000 banen. In deze kabinetsperiode is de werkgelegenheid toegenomen met 465.000 banen.

De werkloze beroepsbevolking is gedaald naar 400.000. Dat is 150.000 minder dan in 1994.

Het aantal personen met een werkloosheidsuitkering is gedaald van 777.000 naar 700.000.

Veel mensen met een WW-uitkering, zoals werklozen die ouder zijn dan 57,5 jaar en werklozen die een opleiding volgen, worden niet gerekend tot de werkloze beroepsbevolking, omdat zij niet actief op zoek zijn naar een baan.

De verhouding tussen het aantal uitkeringsgerechtigden en het aantal werkenden is verbeterd.

In 1994 moesten 100 werkenden nog zorgen voor 83 inactieven, volgend jaar zal dat zijn gedaald naar 76 inactieven.