Een waar voetbalorgasme breekt los

De voetbalhaters onder ons kunnen de borst natmaken. Een waar voetbalorgasme doortrekt vanavond en morgen de lendenen van het publieke omroepbestel.

Het begint vanavond op Nederland 3 met twee live-uitzendingen achter elkaar van de UEFA Cup-wedstrijden van Ajax en FC Twente, die omstreeks middernacht nog eens veertig minuten lang worden samengevat. Dat alles is kinderspel vergeleken bij wat ons morgen te wachten staat. Dan krijgen we eerst op Nederland 1 een rechtstreeks verslag van Juventus-Feyenoord, gevolgd door een samenvatting van PSV-Dynamo Kiev.

Ongeveer tegelijkertijd voltrekt zich op Nederland 2 het omgekeerde: een live-uitzending van PSV met daarna de samenvatting van Feyenoord. Tegen middernacht volgt op Nederland 2 dan nog een samenvatting van de overige wedstrijden - stel je voor dat we een doelpuntje in Reykjavik of Nemboelbekistan zouden mislopen.

Ik ben allerminst afkerig van een aardig potje voetbal, maar tien uur voetbal op twee achtereenvolgende avonden? En, let wel: geen wereldkampioenschap, maar simpele eerste ronden van bekervoetbal. Dat is waanzin. Daar is het publieke omroepbestel niet voor uitgevonden.

Het publieke bestel moet keuzes durven maken: deze wedstrijd vinden wij het belangrijkst en die zenden wij daarom uit. De rest wordt samengevat of doorverkocht aan de commerciële jongens. We zitten niet te wachten op een publiek bestel dat zich steeds meer ontpopt als de tegennatuurlijke opvolger van het gesneefde Sport7. Er moeten immers enorme bedragen worden betaald voor deze voetbaluitzendingen - geld waarmee de NOS en de omroepen veel andere, belangrijkere programma's zouden kunnen maken.

Binnen afzienbare tijd zal de voetbalbusiness zelfs zulke woekerbedragen eisen dat de NOS alsnog moet afhaken. Het is te hopen dat er dan nog wat over is van een publiek omroepbestel dat zichzelf heeft uitgehold.

“Dit is hét moment waarop de publieke omroep zijn slag kan slaan. De publieke omroep moet programma's leveren zonder zich iets van de kijkcijfers aan te trekken. Zet tegenover de rotzooi van de reality-tv een beetje kwaliteit, en de kijker begrijpt wat het nut van een publiek bestel is.”

Nu hoort u het ook eens van een ander: Henk Spaan in de Volkskrant. Spaan praatte met nauwelijks onderdrukt cynisme over zijn nieuwe bazen bij Veronica, die hem alleen om contractuele redenen nog handhaven. Spaan leest wel eens gedicht voor, hij draagt een bril en hij houdt niet van De Telegraaf - daar maak je bij Veronica geen vrienden mee.

Deze weken worstelt Spaan zich met zijn nieuwe programma Voetballen doe je zo door het seizoen heen. Het is geen slecht programma, maar het kan veel beter - ik begrijp echter uit het interview dat Spaan er de financiële middelen niet voor krijgt. “Met volwassen televisiemaken heeft dit niets van doen”, zegt hij.

Ziedaar de grote paradox van de sporthausse op tv: naarmate er meer geld gaat naar de dure live-verslaggeving, is er minder beschikbaar voor (kritische) achtergrondprogramma's over sport. Sport is bovendien handel geworden, en de omroepen - zowel de publieke als de commerciële - zijn niet van plan te veel te spuwen in de bron waaraan ze zich laven.

Daarom was het geen slecht idee van de VPRO op háár manier ook iets aan sport te gaan doen. Vorige week konden we de eerste aflevering zien van Sportpaleis De Jong, vernoemd naar de presentator, cabaretier Wilfried de Jong. Er zat één mooi onderwerp in: een interviewtje met oud-wielrenner Peter Post over diens blessures. (Ik heb nooit geweten dat je, als man zijnde, bijna kunt sterven aan een zitvlakblessure, genaamd 'de dubbele zak': een zak áchter de zak, om Post te citeren. Sindsdien zit ik niet meer zo lekker bij het tikken van deze stukjes.)

Voor het overige deden de onderwerpen (bij voorbeeld 'de linksbuiten') in Sportpaleis De Jong qua toon nogal denken aan met name de vroegere programma's van Spaan en Vermeegen. Mijn voorstel: zou de VPRO Spaan niet kunnen wegkopen bij Veronica? Met die Wilfried de Jong zal hij het best kunnen vinden.