'De regering moet waarmaken dat ze regeert'; Jaap de Hoop Scheffer over het 'grijze' kabinet-Kok

Ondanks de 'mooie begroting' van het paarse kabinet heeft CDA-fractieleider Jaap de Hoop Scheffer veel kritiek op de coalitie. “Ik mis een visie op de financiële stabiliteit op langere termijn.”

Hij is genereus voor het kabinet. En schaamt zich daar niet voor. “Ik ben geen man van zure druiven. Dit is een mooie begroting. Mensen gaan er op vooruit. Ik denk dat je ook als oppositie moet zeggen: 'Dat is prima, dat is mooi'. Maar vergeet niet hoe dit kabinet profiteert van de inspanningen van de kabinetten-Lubbers.”

Oppositieleider Jaap de Hoop Scheffer staat voor een krachtproef. Deze week moet hij zich in een rechtstreekse confrontatie met premier Kok bewijzen, het CDA een positie geven en de paarse coalitie onder druk zetten. Voor de opvolger van Enneüs Heerma is het speelkwartier voorbij. Hij moet een geloofwaardig alternatief presenteren voor de 'droombegroting' van het kabinet.

In zijn royale werkkamer in een verder stil Kamergebouw is hij de zaterdag voor Prinsjesdag nog voorzichtig. Zichtbaar onwennig jongleert hij met financieel-economische grootheden als balanced budget, tax credits en tekortreductie. Het alternatief komt er, maar hoe het er precies uit ziet, houdt hij angstvallig geheim. “Nee, over de dekking zeg ik niks, die houd ik achter de haag van mijn tanden.”

De jonge leider van het CDA schetst wel enkele lijnen die zijn partij in het volgende maand verschijnende verkiezingsprogramma uitzet. Hij neemt tegelijk enkele voorschotjes op de verkiezingen van volgend jaar. Dus worden de algemene beschouwingen ook een gevecht met Grote Woorden. De Hoop Scheffer ziet een 'grijs kabinet', 'witte vlekken' in het beleid en 'vluchtgedrag' van de fractieleiders.

Waarom schuift het CDA niet gewoon aan bij deze 'mooie' begroting?

“Dit kabinet kan terugkijken op een plezierige zeiltocht, doordat het weer mooi was. Men heeft niet met zwaar weer hoeven reven. Ik vind dat men met deze economische meewind meer had moeten doen aan, bijvoorbeeld, het begrotingstekort. Het begrotingstekort voor de Economische en Monetaire Unie gaat volgend jaar naar 1,7 procent van het bruto binnenlands product. Maar het beleidsrelevante tekort komt op 2,3 procent, terwijl dat in 1996 nog 2,0 procent was. Als je dan bedenkt dat het kabinet-Lubbers III in tijden van laagconjunctuur dit tekort meer omlaag wist te krijgen, dan denk ik dat er een kans is gemist.”

In april ging u nog uit van 'near balance', ofwel nul tot één procent. Hoeveel moet het tekort volgens u in 1998 worden?

“We zijn nog druk aan het rekenen. Aan het eind van de volgende periode moet het tekort in ieder geval op 1 procent uitkomen. Wij houden nadrukkelijk rekening met de mogelijkheid van slecht weer na al die mooie jaren. Het kabinet doet dat onvoldoende. Ik mis een visie op de financiële stabiliteit op langere termijn. Het volgende kabinet heeft volgens de CPB-ramingen tot het eind van de zittingsperiode ongeveer 5,6 miljard te besteden aan nieuw beleid. Als je dan jaarlijks al 1,5 miljard gulden in het AOW-fonds stort, dan raak je snel in de knoop.”

Wat zet het CDA daar dan tegenover?

“Wij komen met een agenda 98-plus, waarin de woorden 'kwaliteit' en 'cohesie' van de samenleving centraal staan. Minister Borst heeft onze eerdere tegenbegroting voor volksgezondheid overgenomen en gaat nu wat doen aan de wachtlijsten in de thuiszorg. Dat is een reden tot vreugde, maar er moet meer gebeuren voor de kwaliteit op lange termijn.”

Het aanpakken van de auto, zoals binnen uw partij is gesuggereerd?

“Daarin moeten we een balans vinden. Het wordt zeker geen autootje pesten met verhogingen voor elke automobilist. Vlakbij een vakantiehuisje in Brabant, waar wij vaak naar toe gaan, woont een apothekersassistente in een landelijke omgeving. Die kan niet met de bus of de trein naar de dokterspraktijk waar zij werkt, die gaat met de auto. Buiten de Randstad, waar het openbaar vervoer dunner is, is de auto gewoon nodig. Daarentegen moet je de automobilist die bij de grote steden per se wil rijden tijdens de spits, confronteren met de kosten van het ritje. Het verminderen van het autoverkeer vergt ook investeringen in het openbaar vervoer, zoals een ringlijn in de Randstad en nu eindelijk eens de Zuiderzee-spoorlijn, van Almere/Lelystad via Heerenveen naar Groningen en misschien ook naar Duitsland en Scandinavië. Dat is de basisvoorwaarde voor de economische ontwikkeling van het noorden. Mainport Schiphol staat wat ons betreft nog steeds, met de toevoeging Brainport: we moeten niet de sjouwer van Europa worden, maar toegevoegde waarde leveren.”

“Kwaliteit is ook veiligheid, meer agenten op straat. We kunnen kijken of Dijkstal intussen heeft leren tellen, want in deze kabinetsperiode zouden er eerst 10.000 agenten bijkomen, toen werden het er 4.000 in het jaar 2000 en het zijn er in de deze begroting inmiddels 3.600. Veiligheid ook bij het huis, in het gezin; dus geen coffeeshops in de buurt van scholen, alsjeblieft.”

Hoe verhoudt deze agenda zich tot uw eerdere pleidooi voor bezitsvorming?

“Bezit is geen doel op zich, het gaat om verantwoordelijkheid in en voor de samenleving. Tot mijn genoegen zie ik dat de bezitsvorming onder werknemers door opties op aandelen in het eigen bedrijf zijn beslag krijgt.”

“Ik ben een voorstander van sparen voor het eigen huis. In Nederland moeten tweeverdieners veelal lang blijven werken om hun huis te kunnen blijven betalen. Bij jongeren gaat dat steeds meer met flex-contracten die er straks als eerste uitgaan als het economisch een beetje tegenzit. Dat geeft ook spanning op een gezin, als men met zijn tweeën moet blijven werken. We moeten het mogelijk maken dat mensen naast hun werk ook voor de kinderen kunnen zorgen.”

Wat vindt u ervan dat het kabinet het aangekondigde belastingplan voor de 21ste eeuw niet presenteert?

“Dat is teleurstellend, want ik had gehoopt dat het er zou zijn. Blijkbaar konden de PvdA en de VVD het er niet over eens worden. Ze hebben vermoedelijk geen onvoldragen vrucht naar buiten willen brengen. Ik heb overigens begrepen dat de secretaresse van Vermeend de Staatsdrukkerij op het laatste moment, toen het werkje al op de pers lag, heeft gebeld met de mededeling: 'De eenentwintigste eeuw gaat niet door'. Als je praat over een visie op de toekomst, dan hoort juist zo'n belastingherziening daar bij.”

“Ook de agenda 2000-plus van premier Kok is een losbladige agenda gebleven. Daar moet nog een kaftje omheen: wat gebeurt er de komende 20, 25 jaar met bijvoorbeeld de infrastructuur. Het kabinet moet wat ons betreft dit najaar de elementen voor bijvoorbeeld de luchtvaartlocaties voorleggen, en dat hoeven dan niet ook nog De Peel of oost-Groningen te zijn. De regering moet eens waarmaken dat ze regeert.”

De coalitie is druk bezig met de volgende periode. Terecht?

“De coalitiepartners praten volop over Paars-2, maar ze verzuimen nu te regeren. De fundamentele meningsverschillen over economie en milieu, de herziening van de sociale zekerheid en de uitwerking van een nieuw belastingstelsel worden niet opgelost. Ik zie veel witte vlekken in het beleid.”

Wiegel zei onlangs: 'Als je goed naar paars kijkt, zie je bont en blauw'.

“Ik zie vooral grijstinten. En ja, soms slaan ze elkaar bont en blauw. Ritzen loopt al met twee bulten rond: van Bolkestein mag hij geen minister meer worden en zijn eigen partij haalt de studiefinanciering onderuit. Het zal je maar gebeuren.”

Bolkestein spreekt een veto uit over Ritzen. Wallage pleit voor een kleinere Tweede Kamer. Wat vindt u ervan dat andere partijen nu al stellingen innemen voor de verkiezingen?

“Bolkestein heeft zijn uitspraken over Ritzen in een brief aan uw krant weer teruggenomen. Dat is typisch Bolkestein. Je zag het ook in het Kamerdebat over Bouterse: eerst hoog inzetten, tijdens het debat inbinden, en dan na afloop weer naar een hoge inzet als de tv-camera's de wandelgangen komen binnenrollen. Daar moeten uw collega's maar eens wat kritischer tegen optreden.”

“En dan Wallage die nu voorstellen doet om het parlement meer leeuw dan lam te laten zijn. Toen deze coalitie begon, zei hij nog: ministers die twee keer een fout maken, moeten weg. Als ik nu zie hoe ministers in deze kabinetsperiode aan hun stoel zijn blijven kleven, dat is in kabinetten met het CDA niet vertoond. Linschoten is een vent. Die heeft gezegd na een fundamenteel meningsverschil met de Kamer: ik ga weg. Alle anderen zijn blijven zitten. Dus als ik nu Wallage hoor praten over meer dualisme, dan zeg ik: 'De kritiek van uw fractie is als een ijsblokje in de zomer, het smelt zo weg in de zon'.”

U bent bij kiezers nauwelijks bekend als leider van het CDA. Slaapt u daar slecht van?

“Ik ben geen type dat snel in het kussen bijt. Ach, als heel vaak wordt geroepen dat je onbekend bent, word je vanzelf bekend.”