Joekes, Vader van Het Alternatief

“Ik denk dat ik vandaag een voetnoot in de parlementaire geschiedenis ben geworden”, zei Theo Joekes de avond van de 13e oktober 1965 tegen zijn echtgenote. De VVD'er had die dag in de Kamer namens zijn fractie een tegenbegroting ingediend, de eerste in de parlementaire geschiedenis. En inderdaad, sindsdien heet hij de Vader van de Tegenbegroting, ook al is dat min of meer toevallig.

Bij de algemene beschouwingen over de eerste begroting van het kabinet Cals/Vondeling presenteerde Joekes namens de VVD-fractie een uitgewerkt alternatief. De pers schreef al snel over het Plan-Joekes; in feite was het Kamerlid Johan Witteveen (VVD), de vorige minister van Financiën, de architect ervan. Maar zoals het gebruik in de VVD-fractie toen nog wilde, mocht Witteveen in zijn eerste jaar als Kamerlid niet het woord voeren op zijn eigen terrein. En zo werd Joekes en niet Witteveen de Vader van de Tegenbegroting.

Het was niet alleen uniek wat hij deed; het was ook bijzonder wat hem overkwam. Vanachter de regeringstafel onderwierpen ministers het jonge Kamerlid aan een stevige ondervraging. “Niet even een losse flodder, maar een trommelvuur”, zo zou Joekes zich later herinneren. Hij wist niet op alle vragen antwoord, maar bleef overeind, hoewel hij het spreekgestoelte “met knikkende knieën” verliet. Eén ding was wél onwrikbaar: het Plan-Joekes; in de Kamer speelde het een rol, in de media werd het een fenomeen. Het kabinet zou zelfs enkele bezuinigingsvoorstellen uit het VVD-plan overnemen. Niet in voldoende mate, want nauwelijks een jaar later bracht Joekes noch zijn fractieleider Edzo Toxopeus, maar KVP-fractieleider Norbert Schmelzer het geestverwante kabinet Cals/Vondeling ten val wegens onvoldoende bereidheid verder te bezuinigen.