Zuid-Afrika eert Biko 20 jaar na zijn dood

President Mandela kwam gisteren de geschiedenis rechtzetten in Oos-Londen, provincie Oost-Kaap, waar Steve Bantu Biko eind jaren zestig, begin zeventig de leider was van de Black Consciousness beweging.

JOHANNESBURG, 13 SEPT. De John Vorster Brug in de Zuid-Afrikaanse havenstad Oos-Londen is gisteren in aanwezigheid van president Nelson Mandela van naam veranderd en vernoemd naar Steve Biko. Mandela onthulde verder een standbeeld van Biko, die precies twintig jaar geleden in een politiecel stierf. Deze week werden ook de eerste hoorzittingen gehouden voor de Waarheidscommissie over Biko.

President Mandela kwam de geschiedenis rechtzetten in Oos-Londen, provincie Oost-Kaap, waar Steve Bantu Biko eind jaren zestig, begin zeventig de charismatische, leider was van de radicale Black Consciousness beweging. De man van de harde lijn John Vorster was premier op het moment dat Biko door geweld om het leven kwam. Het is de eerste maal dat een vrijheidsstrijder tegen de apartheid in Zuid-Afrika op deze manier wordt vereerd. Mandela noemde Biko gisteren “een van de grootste zonen van de natie” en zei “helaas nooit de eer” te hebben gehad” hem te ontmoeten - in 1963, ruim voordat Biko bekendheid kreeg door zijn politieke rol, belandde Mandela in de gevangenis waar hij de volgende 27 jaar zou vertoeven. “Biko leerde ons dat zwart bewustzijn een houding en een manier van leven was”, aldus Mandela, “en die les hebben we vandaag nog steeds bij voortduring nodig.”

De Britse popzanger Peter Gabriel zong na de woorden van Mandela zijn lied Biko Biko. Een vroegere vriend van Biko memoreerde een van zijn gevleugelde uitdrukkingen: “Het is beter te sterven voor een idee dat zal voortleven, dan te leven voor een idee dat zal sterven.”

Eerder deze week had in Port Elizabeth, een andere havenstad in de Oost-Kaap, een tweedaagse hoorzitting plaats van de Waarheids- en Verzoeningscommissie (WVC) over de toedracht van Biko's dood in 1977. Vijf voormalige politieagenten, die eind vorig jaar al in het openbaar hun schuld bekenden aan de dood van Biko, zetten woensdag en donderdag voor de commissie de omstandigheden uiteen hoe zij Biko destijds martelden en - volgens hun verklaring onopzettelijk - doodden.

Een van de agenten, Daantjie Siebert, zei dat hij destijds veelvuldig contact had met premier Vorster (inmiddels overleden) en dat deze hem op het hart drukte dat aan het geweld en de acties tegen de apartheid hardhandig een einde diende te worden gemaakt omdat “het imago van Zuid-Afrika in het buitenland werd geschaad.” Steve Bantu (bantu is volk in de Xhosa-taal) Biko vormde in die dagen door zijn felle acties en zijn natuurlijke leiderschap een van de grootste bedreigingen van het regime. Het bewind slaagde er maar niet in, zoals bij Mandela en Sisulu wel was gelukt, voldoende argumenten te verzamelen om hem permanent op te sluiten.

Op 6 september 1977 werd Biko voor de zoveelste maal opgepakt en voor verhoor overgebracht naar Port Elizabeth. Het toenmalig hoofd van de ondervraging, Harold Snyman, beschreef deze week waar de ondervraging op de morgen van die dag “mis” ging. “Siebert begon Biko te onderwerpen aan een kruisverhoor. Maar het was duidelijk dat hij niet mee wilde werken, hij was in een slechte bui, agressief. Hij wilde telkens gaan zitten op een stoel. Siebert schreeuwde tegen hem dat hij moest gaan staan en pakte hem bij zijn kleren. Biko wilde Siebert slaan, maar miste. Jacobus Beneke (een andere agent) ramde daarna Biko met zijn schouder en ze wankelden naar de muur.” Volgens Snyman besprongen ook de andere twee agenten Biko en sloegen hem met een stalen pijp. In de schermutseling botste Biko met zijn hoofd tegen de muur. Biko was na de klap volkomen murw, de agenten klonken hem met handboeien vast aan een metalen rooster en lieten hem aan zijn lot over.

Dagenlang zweefde Biko tussen leven en dood, medische verzorging werd hem onthouden. In de nacht van 11 op 12 september 1977 besloot men hem naar het 1.100 kilometer noordelijker gelegen Pretoria te brengen, per auto. Biko werd naakt in een bestelbusje gegooid. Hij overleed enige uren na aankomst in de hoofdstad aan hersenletsel.

De vijf politieagenten die de dood van Biko veroorzaakten - en daarvoor amnestie hebben aangevraagd - hadden zichtbaar moeite hun verhaal te vertellen. Destijds bagatelliseerden de apartheidsautoriteiten het incident met Biko; minister van Justitie Jimmy Kruger zei voor een vergenoegd blank parlement dat Biko's dood hem “volkomen koud liet”. Maar nu, in het nieuwe Zuid-Afrika, moet de waarheid boven tafel komen. En van de voorwaarden voor het kwijtschelden van straf is namelijk dat de uitvoerders van politiek gemotiveerde schendingen van de mensenrechten uit de tijd van de apartheid de waarheid dienen te vertellen.

De advocaat van de familie Biko, George Bizos, legde op de hoorzitting de politieagenten het vuur na aan de schenen. Hij geloofde niet dat Biko ten gevolge van een klap tegen de muur om het leven kwam, maar meent dat hij werd afgemaakt door de agenten. De 69-jarige Harold Snyman kromp ineen onder het spervuur van vragen door de advocaat en vroeg op zeker moment aan de commissievoorzitter om genade. “Ik ben patiënt en een oude man”, zei hij. In de geest van waarheid en verzoening maakte Snyman zijn excuses aan de weduwe en de twee zoons van Biko en vroeg hun om vergiffenis.

Gisteren had, uit respect voor Biko, geen hoorzitting van de Waarheidscommissie plaats. Pas op 8 december zal de zitting worden hervat. Nelson Mandela bezwoer gisteren dat de waarheid over de dood van Biko uit zal komen. “De halve waarheden van de ondervragers kunnen en mogen de schuld van de commandanten en de politieke leiders die de orders gaven niet verbergen”, zo zei Mandela.