Gemakzucht

DE TELEFOON gaat. Een mevrouw aan de lijn die wil weten wat ik vind van het nieuwe literatuuronderwijs. Het gaat om een radioprogramma naar aanleiding van een artikel in Elsevier.

Enige tijd geleden heb ik op de Dag van het Literatuuronderwijs blijk gegeven van mijn ideeën die door lang niet alle leraren Nederlands worden gedeeld. Daar lig ik overigens niet van wakker, maar waar ik wel van wakker lig, is dat het u blijkbaar niet kan schelen. Krantenlezers stellen prijs op bijlagen over kunst en cultuur, maar rekenen het niet tot hun taak zich te bemoeien met de enige vorm van cultuuronderwijs die aan alle leerlingen in de hogere klassen van het Havo en VWO wordt gegeven. Het zijn in Nederland de leraren Nederlands die dat zelf mogen bepalen. Het resultaat: een enkel juweeltje, maar voor het overgrote deel ergerlijke, ondoordachte, door gemakzucht ingegeven middelmaat. Het zijn die paar juweeltjes die straks boos worden omdat ik dit durf te schrijven.

Literatuurgeschiedenis is voor het gros van de leerlingen het enige vak dat hen helpt een beeld te vormen van de geschiedenis van de Nederlandse en ook zo om en nabij de westerse cultuur door de eeuwen heen. Begrippen als middeleeuwen, renaissance, barok, classicisme en romantiek krijgen via dat vak inhoud. Omdat de ingang die is van geschreven teksten is het van belang dat leerlingen daar kennis van nemen.

De vakdidacticus Caroline Fisser van de Vrije Universiteit komt in Elsevier aan met met het eeuwige voorbeeld van het verplicht lezen van de Max Havelaar. ''Als je dan de film laat zien of een boek geeft dat hun meer aanstaat, heb je ook meer kans dat er iets blijft hangen.'' Moet ik nou mevrouw de vakdidacticus uitleggen waarom dat boek als tekst belangrijk is en dat er nog andere manieren zijn om leerlingen daar kennis van te laten nemen dan door ze te verplichten in hun eentje dat boek te lezen? De leerlingen voor de televisie neerzetten, hoe komt iemand daarbij? Erger nog: mevrouw Fisser staat hierin niet alleen. Heel wat leerlingen krijgen op die manier literatuuronderwijs. Allemaal van leraren die al lang blij zijn als er iets blijft hangen. Dan kun je ze net zo goed naar huis sturen. Van wat ze daar doen blijft ook altijd wel iets hangen.

Het doel van literatuuronderwijs is naast kennis laten maken met de geschreven geschiedenis van onze cultuur, plezier in lezen te ontwikkelen. Als leraren het daarover hebben, wordt dit vaak verwoord met 'uitgaan van de belangstelling van het kind'. Fisser verwoordt dit pedagogisch principe met een boek te geven dat de leerlingen aanstaat.

De taak van de school is onder meer leerlingen in kennis te brengen met zaken die ze anders niet hadden leren kennen, deuren te openen van kamers die ze anders nooit hadden betreden. Dat veel leerlingen hun leven lang geen dichtbundel ter hand zullen nemen is helemaal niet erg, maar dat ze niet weten dat zoiets bestaat, dat hen nooit is gewezen op wat voor een enkele leerling een openbaring zal zijn, vind ik verschrikkelijk. De betekenis van het onderwijs is niet leerlingen te laten doen wat hen aanstaat, maar kennis te laten nemen van zaken die ze op hun eigen houtje nooit hadden ontdekt.

Leraren Nederlands hebben het recht opgeëist dat iedere individuele leraar zelf de inhoud van het literatuuronderwijs mag bepalen. Dat deden ze al in hoge mate en straks mogen ze dat helemaal. Begaafde, slechte en middelmatige leraren, ze hebben allen hun reden totale vrijheid te bepleiten. Die reden heet eigenbelang. Het is tekenend voor de onverschilligheid van Nederlanders voor hun cultuur dat dit wordt geduld.