Europese munt

De Amerikaanse bezorgdheid over het lot van het Europese muntstelsel is vertederend. Milton Friedman voegt zich in het koor van Amerikaanse wetenschappers en politici die op basis van een vergelijking tussen hun eigen land en Europa, tot de conclusie komen dat een Europese Monetaire Unie niet kan werken (NRC Handelsblad, 1 september).

Belangrijke argumenten daarbij zijn dat de arbeidsmobiliteit in de Europese Unie zeer laag is in vergelijking tot de VS en dat de Europese begroting veel geringer is dan de Amerikaanse. Europa zou daardoor de aanpassingsmechanismen missen die het wisselkoersinstrument (met de mogelijkheid van devaluatie) kan vervangen. Daarom zou de Europese Muntunie gedoemd zijn te mislukken.

Europa stelt dus tegenover veel geringere arbeidsmobiliteit en een bescheiden centrale begroting een steed beter sociaal overleg waardoor de vakbeweging bereid is tot loonmatiging en omvangrjke begrotingen op nationaal niveau die als buffer kunnen functioneren om tijdelijke schokken op te vangen. Daarom is er ook geen economische reden, waarom de Europese Muntunie zou moeten mislukken. Sterker nog, de Muntunie kan door haar oprichting met een klap de belangrijkste recente bron voor schokken, namelijk speculatieve valutaschommelingen op de interne markt van de Europese Unie wegnemen.

Niet alleen leidt de Muntunie tot monetaire stabiliteit binnen de Europese Unie, ook zal de euro door het grotere economische gewicht dat hij heeft een actievere rol in de wereld kunnen spelen. Dat is hoognodig, omdat monetaire instabiliteit (zoals het op en neer jojo-en van de dollar) grote gevolgen voor de economie heeft. De euro geeft de VS eindelijk een gesprekspartner waar zij rekening mee moet houden. Het echte gesprek over een op stabielere groei georiënteerde wereldeconomie kan ermee beginnen. Dat niet iedere Amerikaan daarop zit te wachten verbaast ons niets. Maar laten ze dan met iets beters komen dan dat de Europese Muntunie onmogelijk is.