'De vijand blijft altijd dezelfde'

BRO, 13 SEPT. Voor het postkantoor van de stad Bijeljina staat 's ochtends een lange rij gepensioneerde Serviërs te wachten. De verkiezingscampagne is weliswaar donderdagochtend om zeven uur afgesloten, maar 's avonds had TV-Pale een verheugende mededeling. Tegen een achtergrond van glanzende bankbiljetten meldde de omroepster: “Morgen worden de pensioenen uitbetaald.” Ook leraren konden na meer dan een half jaar weer eens een maandsalaris tegemoet zien.

“Ze betalen onze pensioenen van juni uit”, zegt Bose PopoviEÉc, een verzekeringsagente in ruste. Wat ze denkt van deze vrijgevigheid van de Servische autoriteiten? Ze haalt haar schouders op. “Natuurlijk krijgen we ons geld een dag voor de verkiezingen. Dat is het enige waar de democratie hier goed voor is. Voor mijn pensioen wil ik wel in de rij staan. Maar ik weet niet of ik dit weekeinde in de rij ga staan om op die dieven te stemmen.”

Driemaal zijn de verkiezingen in Bosnië uitgesteld na massale onregelmatigheden in de kiezersregistratie, maar een jaar na de oorspronkelijke datum is het dan zover. Bosnië mag dit weekeinde stemmen voor nieuwe gemeenteraden. Bijna overal staat de uitslag bij voorbaat vast: een klinkende overwinning voor de nationalistische partijen die hun kiezers vijf jaar geleden de oorlog in hebben gemanoeuvreerd. In het Kroatische deel van het land wint de HDZ, bij de Moslims de SDA, bij de Serviërs de SDS - al kan de huidige politieke verdeeldheid daar nog voor verrassingen zorgen. Niettemin heeft de SDS van ex-president KaradEÉc een dynamische campagne gevoerd. Met de vertrouwde cadeautjes op de valreep en met een al even vertrouwde angstcampagne daarvoor. “De vijand blijft altijd dezelfde”, zo luidt haar leus.

'Etnisch gezuiverde' vluchtelingen stemmen bij deze verkiezingen voor de gemeente waar ze in de afgelopen jaren uit hun huizen zijn gedreven - of ze daar nu wonen of niet. En zo kan het gebeuren dat een stad in Servisch gebied een Moslim-burgemeester krijgt of een dorpje in Kroatisch gebied een Serviër. De belangrijkste twistappel is Bro, voor de oorlog een slaperig stadje aan de rivier in Noord-Bosnië met ongeveer 40.000 kiezers. Met name voor de Serviërs is de stad van levensbelang. Bro beheerst namelijk de nauwe 'Posavina-corridor', die de twee Servische territoria in Bosnië met elkaar verbindt. Aan de noordoever van de Sava ligt Kroatië, de zuidelijke buitenwijk Brod wordt door Moslims bewoond. De Servische strook daar tussenin is nauwelijks tien kilometer breed. Bij het vredesverdrag van Dayton was Bro het enige waarover men het niet eens werd. Besloten werd de kwestie te onderwerpen aan internationale arbitrage. Een definitief besluit is nog niet gevallen.

De Serviërs hebben in oorlog en vrede weinig nagelaten om Bro te behouden. Hele wijken zijn gereduceerd tot puinvelden, maar in elk huis waar nog twee of meer muren overeind staan zijn Servische vluchtelingen ondergebracht. Vorig jaar werden bovendien 31.000 Servische vluchtelingen die naar Joegoslavië waren uitgeweken, door de autoriteiten als kiezers van Bro ingeschreven. Dit soort kunstgrepen brachten de OVSE ertoe de Bosnische gemeenteraadsverkiezingen een jaar uit te stellen en een nieuw systeem van kiezersregistratie in te voeren.

Daarna zijn in Bro nog vele subtiele en minder subtiele pogingen tot fraude gedaan, maar de kans blijft groot dat de Moslims een meerderheid krijgen in de gemeenteraad. Het is daarom van levensbelang dat iedere Serviër die kan stemmen, dit weekeinde ook zijn stem uitbrengt. Overal in Bro hangen nog de oude posters die Serviërs moesten aanzetten om zich als kiezer te laten registreren. “Geen dag wachten! Laat al het andere werk liggen! Al moeten we uren in de rij staan!”

Extremisten vindt men met name onder de ruim tienduizend Servische vluchtelingen die door de autoriteiten in Bro zijn samengedreven. Meer dan pionnen in een demografisch schaakspel zijn ze niet, maar ze steunen de SDS des te verbetener. “We hebben een jaar hard gewerkt om onze huizen hier bewoonbaar te maken. Dan kunnen ze niet van ons eisen dat we Bro gewoon weer verlaten en de huizen aan de Moslims geven”, zegt een ex-inwoonster van Sarajevo.

“Mobiele tnik genocide-eenheid”, heeft iemand op de muur van het bushokje in de wijk Klanac gekalkt. De invalide Serviër Zoran MitriEÉc heeft de verlaten bushalte tot “supermarkt” omgedoopt. Lauw bier voor twee dinar de halve liter en aanstekers, meer verkoopt hij niet. Hij had weinig keus toen hij vorig jaar met zijn hoogbejaarde ouders IlliaEÉs ontvluchtte toen deze buitenwijk van Sarajevo aan de Moslims toeviel. “Ik werd in een truck gezet en ben in slaap gevallen. Toen ik wakker werd, waren we al bijna in Bro.” Daar kreeg de familie MitriEÉc van de Servische autoriteiten een ruïne toegewezen, die min of meer bewoonbaar is gemaakt. Leven onder 'de Turken', dat nooit. “Als de Moslims hier winnen, vertrek ik. Ik heb die Turken nooit iets gedaan, maar zij hebben ons huis in IlliaEÉs zomaar kapot geschoten.”

In de zuidelijke Moslimwijk Brod is de toon gematigder. Hier herstellen onder bescherming van de vredesmacht SFOR zo'n 250 Moslimgezinnen hun oude huizen. Zij hebben ook reden tot wrok. Tot begin januari werkten ze overdag aan het herstel van hun huizen en bliezen Servische extremisten 's nachts diezelfde huizen op. Nu hebben de Amerikaanse SFOR-troepen de zaak onder controle. “Fanatici heb je overal”, zegt burgemeester Salih HasiviEÉc. Zijn huis is klaar, hij metselt aan zijn schuur. Aan de overkant van de straat staan drie witte containers, de stemlokalen waar de oude Moslimbewoners van Bro morgen hun stem uitbrengen. Want het was te riskant hen in Bro zelf te laten stemmen.

HasiviEÉc: “Ik ben een optimist. Een half jaar geleden wilden de Serviërs niet eens met ons praten en werden onze huizen opgeblazen. Nu komen oude Servische vrienden stiekem bij mij op bezoek. Ik denk dat ik binnenkort weer gewoon boodschappen kan doen in Bro.”

Vlade helpt hem hopen. Deze Servische huisschilder en amateur-historicus brengt de meeste tijd tegenwoordig door in Café Central. Eigenlijk waardeert hij zijn oude Moslim-stadgenoten meer dan de Servische vluchtelingen die nu de stad met hem delen, zo bekent hij. “De Serviërs in Bro zijn van oudsher gematigd. Dankzij de vluchtelingen is dit nu een van de fanatiekste steden van Bosnië geworden. Dat is tegennatuurlijk.” In de verkiezingen heeft hij geen vertrouwen. “Stel dat de Moslims hier winnen, wat dan? Moeten SFOR de Moslim-burgemeester dan elke dag per tank naar het stadhuis rijden? Als de Amerikanen deze knoop kunnen ontwarren, verdient Clinton de Nobelprijs. Maar het wordt na dit weekeinde alleen nog maar ingewikkelder, vrees ik.”