Rechter geeft wanbetalers nog een kans

Justitie heeft onlangs per advertentie 2.200 verkeersovertreders opgeroepen. Zij moeten hun boete(s) betalen. Slechts twee van hen verschenen voor de kantonrechter in de Friese hoofdstad.

LEEUWARDEN, 12 SEPT. Toevallig had hij vorige maand een Algemeen Dagblad gekocht. Zijn oog viel op een paginagrote 'oproeping' van de griffier van het Leeuwarder kantongerecht aan ruim 2.200 wanbetalers. “Ik dacht: Laat ik eens bij de S kijken.” Tot zijn verrassing zag E.P. Salesia (44) uit Rotterdam zijn naam op de lijst staan. Hij reisde gistermiddag per trein naar de Friese hoofdstad af.

“Ik had hier een chaos verwacht”, zegt hij wat lacherig voor de zitting. “Nu blijk ik de enige die is komen opdagen.” Salesia, een zwarte baseball-pet achterstevoren op zijn hoofd, wil “een regeling treffen met justitie”. “En als er een celletje voor me is, ook prima, maar liever niet.” Veel geld heeft hij niet bij zich. “Alleen een tientje.” Ter plekke betalen om het dwangmiddel van gijzeling te ontlopen kan hij niet.

Slechts twee van de ruim 2.200 verkeersovertreders die een boete hadden openstaan, meldden zich bij het Leeuwarder kantongerecht. Maandelijks zullen ruim 2.500 verkeersovertreders die hun boetes niet betaalden, noch reageerden op de acceptgirokaart en aanmaningen van het Centraal Justitieel Incasso Bureau (CJIB), in een paginagrote advertentie worden opgeroepen om voor de Leeuwarder kantonrechter te verschijnen. Op 28 augustus verscheen de eerste. Tot juni van dit jaar werden ze nog afgedrukt in het Utrechts Nieuwsblad, omdat de vervolging toen nog ressorteerde onder het Utrechtse kantongerecht. Sinds de vestiging van het CJIB in Leeuwarden nam het Leeuwarder kantongerecht deze taak over. Komen de opgeroepenen niet opdagen, dan worden hun namen opgenomen in het opsporingsregister en hangt hen een week gevangenisstraf boven het hoofd. Althans, wanneer ze bij een politiecontrole tegen de lamp lopen.

Volgens officier van justitie mr. K. Bunk zullen jaarlijks 25.000 wanbetalers hun namen in de krant kunnen lezen. De eerste oproep leverde twintig à dertig betalingen op. Tien mensen zegden toe te zullen betalen. Van de 700 brieven die naar buitenlanders werden verstuurd, kwam een kwart retour. Een aantal reageerde overigens wel: de griffie ontving faxen uit Israel, Australië en de Verenigde Staten. Bunk vindt het niet erg dat er veel tijd, geld en energie wordt gestoken in het achterhalen van de wanbetalers. “Het recht moet zijn loop hebben. De geloofwaardigheid van de rechtshandhaving staat voorop.”

Salesia blijkt twee boetes van elk 225 gulden niet te hebben betaald. Hij kreeg een bekeuring voor een snelheidsovertreding op de N3 bij Papendrecht, waar hij zeventien kilometer te snel reed. “Een niet al te verschrikkelijke overtreding, maar u moet toch betalen”, zegt kantonrechter W. Hangelbroek als Salesia voor hem zit. “Ik kan op dit moment niks betalen”, antwoordt Salesia. Waarom hij niet reageerde op post en aanmaningen van het CJIB, wil de rechter weten. Salesia zegt al een jaar niet meer op het genoemde adres te wonen. De kantonrechter is onverbiddelijk: “Ik ga de officier van justitie toestemming geven u te gijzelen. U had een bekend adres, maar u reageerde niet. Maar wellicht geeft het CJIB u ruimte om alsnog te betalen zodat u hier niet in de boeien wordt geslagen.”

De tweede en laatste die zich gistermiddag meldde was R.O. Lourens (42). Hij moet nog twee boetes betalen: een van 187,50 gulden voor het over een busbaan rijden in 1995 in Krimpen aan de IJssel en een bedrag van 93,75 gulden wegens een snelheidsovertreding. Hij ontkent dat hij de post van het CJIB onder ogen heeft gekregen. “Had ik het gezien, dan had ik betaald”, zegt hij. De kantonrechter gelooft hem en wijst de vordering van gijzeling af. Lourens vraagt hoe hij kan betalen. In de zaal zit een dame van het CJIB met een geldkistje voor zich. Omdat hij geen contant geld bij zich heeft, zal hij zich bij de balie van het CJIB melden en zijn betaling regelen. Lourens ontloopt hiermee een gijzeling. Die is overigens niet bedoeld ter vervanging van de boete. Bunk: “Het is geen vervangende hechtenis, maar een prikkel om alsnog te betalen. Het gaat ons om het innen van het geld.”