Muriel's Wedding

Muriel's Wedding (Hogan, 1994, Aus). BRTN2, 22.35-0.20u.

“Mijn leven ziet eruit als een Abba-liedje”, zegt de 22-jarige hoofdpersoon ergens in Muriel's Wedding. Als ik me niet vergis, zegt ze het zonder ironie, op één van de weinige momenten van werkelijke tevredenheid die ze kent in deze merkwaardige, campy tragikomedie.

Meestal voelt Muriel zich 'stom, dik en waardeloos'. Dat is haar ook grondig ingepeperd door haar barse vader, een gefrustreerd, frauduleus, op macht belust gemeenteraadslid van het onbeduidende Australische badplaatsje Porpoise Spit.

Muriel (Toni Collette) is een kind van haar vader: ze houdt anderen èn zichzelf voor de gek en verwart Abba met het leven zelf. In een poging haar uitzichtloze ouderlijk huis, haar onbeduidende geboortestadje èn zichzelf te ontvluchten, vestigt ze zich in Sydney. Daar droomt ze van een nieuw bestaan en van de zegeningen die een huwelijk zouden brengen: respect en een nieuwe naam.

Hunkerend bekijkt ze een video-opname van Diane's sprookjeshuwelijk. Ook zelf schopt ze het tot zo'n Assepoester-bruid, zij het dat het hier een schijn-huwelijk betreft met een Zuid-Afrikaanse top-atleet die om een Australisch paspoort verlegen zit. Uiteraard doorziet Muriel op de valreep haar leugens en dwaalsporen en ontwikkelt zij iets als een gevoel van eigenwaarde.

Op het eerste gezicht lijkt Muriel's Wedding een nogal karikaturale, melige, oppervlakkige en schreeuwerig aangeklede tragikomedie. Onder die behaagzieke oppervlakte verraadt debuterend scenarist-regisseur P.J. Hogan echter enkele talenten die soms aan de vroege Jane Campion doen denken. Hij betoont zich niet alleen een uitzonderlijk puntig verteller, hij blijkt ook de kunst van het overdrijven redelijk onder de knie te hebben. Terwijl de ene bizarre hyperbool op de andere wordt gestapeld behoudt de film een zekere aannemelijkheid.

Het scenario pakt flink uit. Muriels hartsvriendin krijgt kanker en haar moeder pleegt zelfmoord. En toch werd Muriel's Wedding geen smakeloze smartlap. Hogan hanteert zijn zware, dramatische geschut bijna achteloos, zonder het te bagatelliseren en zonder het larmoyant te exploiteren. Typisch zo'n film die eigenzinniger is, en minder oppervlakkig, dan hij er uitziet.

Op grond van zijn talenten mogen we Hogan met een schuin oog in de gaten houden. Hij zal vast nog eens een echt geslaagde film maken.