Bariton Smits zingt het liefst romantisch

De Limburgse bariton Geert Smits (32) krijgt zondag de Nederlandse Muziek Prijs. De uitreiking sluit een studieperiode af, waarin hij les nam van zangers als Dietrich Fischer-Diskau en Robert Holl. 'Ik wil altijd opera en lied blijven combineren'.

AMSTERDAM, 12 SEPT. Als kind blies hij op de trompet bij de dorpsfanfare, nu staat hij in internationale opera- en concertzalen. Niet als trompettist maar als zanger. Bariton Geert Smits (32) krijgt zondag 14 september in het Amsterdamse Concertgebouw de Nederlandse Muziek Prijs uitgereikt, de hoogste staatsonderscheiding op het gebied van muziek. Voorafgaand aan de overhandiging door staatssecretaris Nuis zingt hij Mozart, Mahler en Ravel met het Radio Symfonie Orkest onder leiding van Kees Bakels.

Een dezer dagen verschijnt Smits' eerste solo-cd waarop hij, begeleid door zijn vaste pianist Hans Eijsackers, liederen van Schumann, Schubert en Brahms zingt, alle op teksten van Heinrich Heine. 'Live' is hij vanaf 4 oktober ook te horen in een kleine rol in Verdi's La Traviata in het Amsterdamse Muziektheater. “Mijn voorkeur gaat uit naar het romantische repertoire,” zegt Smits. “Moderne muziek is nog een wat onbekend terrein voor me, al sluit ik me er niet voor af. Ik heb voor het volgend seizoen aanbiedingen gehad voor twee moderne opera's in Nederland en Parijs en als dat uitkomt, zal ik daar zeker op ingaan. Ook een komische rol als Papageno in Die Zauberflöte zou ik graag doen, maar daar nemen ze meestal kleine beweeglijke types voor en ik ben 1 meter 94. Ik wil wel altijd opera en lied blijven combineren. Die twee disciplines houden je stem in evenwicht en helpen je genuanceerd te blijven zingen.”

De Nederlandse Muziek Prijs is ingesteld voor talentvolle jonge musici die een internationale solistencarrière nastreven. Kandidaten ondergaan een strenge selectieprocedure. Wie daardoor komt mag twee tot drie jaar lessen in het buitenland volgen en podiumervaring opdoen. Een jury beoordeelt in die periode of de kandidaat voldoende vorderingen heeft gemaakt. Tot de eerdere winnaars hoorden de alt Jard van Nes, bas-bariton Wout Oosterkamp, de pianist Ronald Brautigam en de harpistes Manja Smits en Godelieve Schrama .

Critici prijzen Smits om zijn fraaie timbre, zijn aangename présence op het podium en zijn vermogen om schijnbaar moeiteloos een fors volume te produceren. Hij heeft de Muziekprijs benut door aan internationale concoursen en audities mee te doen en lessen te nemen. De audities leverden hem onder meer een tournee op met dirigent John Eliot Gardiner. Hij studeerde opera bij internationale grootheden als Mikhail Eliasen van de opera in Philadelphia en Elio Battaglia in Turijn.

Voor het lied koos hij voor Dietrich Fischer-Diskau in Berlijn en Robert Holl bij Wenen. Vooral met Holl klikte het goed, Diskau was hem te formeel en afstandelijk. “Diskau is een echte heer, een legende. Het is moeilijk contact met hem te krijgen. Hij geeft een aantal keren per jaar les in blokken en is dan heel strikt. Je krijgt drie weken achter elkaar twee keer per week precies 40 minuten tijd. Dat vond ik te kort om echt verder te komen. Je hebt al zoveel tijd nodig om aan hem te wennen. Holl behandelt je als een collega en werkt veel ontspannener. We werkten een paar dagen achter elkaar en aten ook samen. Holl houdt eerst een verhaal over de tijd waarin een stuk is gecomponeerd, over de tekst, de componist. Je krijgt dan een idee van hoe je een lied moet aanpakken. En als je het iets anders interpreteerde dan hij, toonde hij respect voor je opvatting.”

Geert Smits werd in 1965 geboren in Helden onder Venlo. Zijn vader was woningstoffeerder, thuis werd niet aan muziek gedaan. “We hadden altijd geldproblemen, we zijn zelfs nooit met vakantie geweest,” vertelt hij. Toen hij elf was begon hij trompet te spelen in de fanfare. Een schoolvriend bracht hem in aanraking met klassieke muziek. “Zij hadden thuis een piano en dat wilde ik ook wel, maar mijn ouders konden dat niet betalen. Op mijn vijftiende heb ik met aardbeien plukken een oude rammelende piano verdiend en ben een beetje begonnen te spelen.”

Belangstelling voor zingen kreeg hij pas toen hij in Tilburg naar het conservatorium ging. Hij was begonnen met schoolmuziek maar stapte over op zang en studeerde in 1990 af als docerend musicus. Vervolgens haalde hij, in 1993, aan het Sweelinck conservatorium in Amsterdam het diploma uitvoerend musicus. In Amsterdam heeft hij les van Margreet Honig. “Ik heb een makkelijke stem. Hij klinkt altijd wel, maar dat wil niet zeggen dat het ook altijd goed wordt. Soms kosten bepaalde dingen je te veel kracht. Als je dat niet laat controleren kan zich dat na jaren wreken. Zo heeft Holl me geleerd hoe je een lange legatolijn in het middenregister licht kunt nemen, mét behoud van de glans op de stem en zonder dat de klank klein wordt.”

In juli heeft hij in Wenen de prijs van de Wiener en de Hamburger Staatsoper gewonnen en dat levert hem in beide operahuizen binnenkort 'behoorlijk grote' operarollen op, welke weet hij nog niet. Ook verder ziet de nabije toekomst er rooskleurig uit. Smits somt een hele serie optredens op: in opera's als Puccini's Tosca onder leiding van Riccardo Chailly, Les Dialogues des Carmélites van Poulenc, beide in het Muziektheater, La Favorita van Donizetti in de Vara-matinee, de Schubertiade in Rotterdam waarin ook Robert Holl optreedt en nog een aantal liedernavonden.

Hoe het daarna zal gaan, weet hij nog niet. “Ik kan maar twee jaar overzien. Mijn ideaal is om als freelancer twee of drie grote operaproducties per jaar te doen en daarnaast andere concerten, misschien de Matthäus Passion, want die zing ik ook graag. Ik wil ook voldoende tijd blijven vrijmaken voor mijn gezin, om tot rust te komen, te studeren en optredens goed voor te bereiden. Want om een operarol goed in je stem te krijgen moet je er ten minste een jaar mee bezig zijn.”