De Melkerettes

De 'witte werkster' heeft als een tornado door het kabinet geraasd. Tijdens de besprekingen over de begroting voor volgend jaar zorgde een voorstel van minister Melkert van Sociale Zaken voor uitbreiding van de 'faciliëring thuisservices' voor ruzie in de ministerraad. Het leidde tot een vinnig gevecht om de voorwaarden voor de gesubsidieerde werkster. Want niet iedereen in de Trêveszaal was overtuigd van de noodzaak om voor alle huishoudelijke klusjes in Nederland een subsidie beschikbaar te stellen.

Onder druk van zijn collega's heeft Melkert moeten inbinden met zijn Melkerettes voor de schoonmaak en kreeg hij niet de 100 miljoen die hij wilde. Hij haalde afgelopen weekeinde wel de politieke credits naar zich toe door het witte-werksterplan openbaar te maken en de toepassing ervan tot babysitters en autowassers op te rekken. Zo'n handigheidje via de media is Melkert wel toevertrouwd.

Maar in het kabinet is afgesproken dat studenten of mensen zonder uitkering die wat wil bijverdienen, niet voor de regeling in aanmerking komen. De subsidie geldt alleen voor langdurig werklozen die in dienst zijn van een geregistreerd bedrijf en die eenvoudige werkzaamheden waarvoor geen specifieke vaardigheden zijn vereist “in en om het huis bij particulieren” verrichten. Dus wel schoonmaakwerkzaamheden, maar geen klein tuinonderhoud. Dat moest worden geschrapt, besloot de ministerraad. Hoveniers, die bang waren voor verdringing van hun tuinierswerk, kunnen opgelucht adem halen.

Het moet een wonderlijke discussie zijn geweest in de ministerraad over de modaliteiten van de witte-werksterregeling. Want in hoeveel ministeriële huishoudens zou wel eens een hulp in dienst zijn geweest waarvoor géén belastingen en sociale premies werden afgedragen - een 'zwarte werkster' zogezegd? Zou één van de aanwezigen er aan hebben herinnerd dat president Clinton in 1994 de benoeming van drie ministers (defensie en twee keer justitie) onder druk van het Congres moest intrekken omdat zij verzuimd hadden premies te betalen voor hun werkster respectievelijk kinderoppassen?

Nederland heeft witte illegalen en zwarte werksters die gewit worden door een banenplan.

De minister van Sociale Zaken grossiert in banenplannen (Melkert I t/m IV, Jeugdwerkgarantieplan, Sociale Werkvoorziening, Banenpool) die, als ze allemaal worden ingevuld, 200.000 gesubsidieerde arbeidsplaatsen moeten opleveren. In de praktijk wil het met die invulling niet zo lukken, maar dat weerhoudt Melkert niet van daadkracht bij zijn lange mars door de onderste regionen van de arbeidsmarkt. Het experiment Melkert-IV (de schoonmaakbranche) wordt volgend jaar omgezet in een structurele regeling. Volgens het kabinet zal deze regeling niets kosten, want tegenover de subsidie staat een besparing op een uitkering die wegvalt. Sterker nog, doordat premies en belastingen worden geheven, levert het zelfs geld op.

Hoe is dat mogelijk? De langdurig werkloze krijgt een baan van maximaal 32 uur per week via een geregistreerd uitzendbedrijf voor schoonmaakhulpen. Het uitzendbedrijf krijgt 19.000 gulden subsidie om de sociale lasten te betalen, de particuliere klant betaalt 17,50 per uur voor een schoonmaker/maakster met een SoFi-nummer en de staat houdt er geld aan over. Dat is nog eens een staaltje van voodoo-economie.

Bij de 'witte werksters' is sprake van grensverlegging in de werkverschaffing aan de onderkant van de samenleving. Hoewel het wordt gepresenteerd als een 'linkse' vorm van sociaal beleid, is het de capitulatie voor de individualisering van de samenleving. Na de dienstverlening in de publieke sector, het onderhoud van openbare ruimtes, komt nu de private dienstverlening, het huishoudelijke onderhoud, voor gesubsidieerde banen in aanmerking. Het valt te rechtvaardigen dat langdurig werklozen ingezet worden voor arbeidsplaatsen als straatopzichters omdat daarmee een maatschappelijk belang is gediend. De gesubsidieerde schoonmaakhulp voor tweeverdieners is van een totaal andere orde. Daarmee wordt uitsluitend een particulier probleem opgelost.

Het ruzietje in het kabinet over de werksters is maar een kleinigheid bij de overigens prachtige begroting die minister Zalm (Financiën) op Prinsjesdag zal presenteren. Het kabinet is er in geslaagd om de doelstellingen uit het regeerakkoord van 1994 te overtreffen. De collectieve uitgavenquote (het beslag van de collectieve sector op de economie) is gedaald met maar liefst zes procentpunten. Het beslag dat de collectieve uitgaven op de economie leggen is in deze kabinetsperiode met zo'n veertig à vijftig miljard gulden verminderd. Volgens de definitie die geldt voor toelating tot de Economische en Monetaire Unie daalt het begrotingstekort van 3,7 procent (1994) naar 1,7 procent volgend jaar. De omvang van de staatsschuld zakt van tachtig naar zeventig procent van het bruto nationale product. Verdere dalingen liggen in het verschiet omdat is afgesproken extra belastinginkomsten in het nieuwe AOW-fonds te storten, dat meetelt voor de EMU-normen.

De lastenverlichting (zeventien miljard gulden) is bijna twee keer zo groot als bij het aantreden van het kabinet werd aangekondigd. En de inkomens aan de onderkant gaan volgend jaar omhoog, vooral voor AOW-ers.

De afspraak over de gesubsidieerde schoonmaakhulp vormt een illustratie dat de partijen in het paarse kabinet met een klemmend probleem nog steeds niet goed raad weten. De werkloosheid van laaggeschoolden aan de onderkant van de arbeidsmarkt blijft hardnekkig groot, ondanks de weelderige groei van het poldermodel. Maar de gekozen oplossing voor de 'thuisservices' leidt alleen maar tot de onweerstaanbare opmars van de Melkerettes in de keuken.