'Plenum steunt rapporten partij van China'

Het besluit tot vervolging van de van corruptie verdachte voormalige partijchef van de communistische partij in Peking, werpt nieuw licht op de onderhuidse spanningen binnen het huidige leiderschap in China. Twee dagen voor het begin van het vijftiende partijcongres zetten geruchten de toon.

PEKING, 10 SEPT. “In een stad in China pleegt de bekende loco-burgemeester He Qichang zelfmoord (...) Dat was het gevolg van een grote corruptiezaak (...) Alle corrupte functionarissen werden opgepakt en de partijsecretaris, die zijn collega's in bescherming had genomen, werd gedwongen af te treden.” Zo begint de roman 'Tian Nu', 'De toorn des hemels', van een anonieme Chinese auteur. Chinese lezers weten direct waar de auteur over spreekt. Die stad in China is Peking, de loco-burgemeester die zelfmoord pleegt, heet in werkelijk Wang Baosen en de partijsecretaris die aftreedt, is Chen Xitong.

Gisteren heeft het centrale comité van de communistische partij, tijdens de laatste bijeenkomst voorafgaand aan het vijftiende partijcongres, besloten Chen over te dragen aan de Chinese justitie. Zijn vermeende aandeel in het grootste corruptieschandaal uit de geschiedenis van de communistische partij, waarbij in totaal 4,4 miljard gulden gemoeid zou zijn, heeft het prestige van de communistische partij “ernstig in diskrediet gebracht”, aldus de officiële Chinese media vandaag. “In een atmosfeer van democratie en solidariteit” zouden volgens het Chinese persbureau Nieuw China, tijdens het vierdaagse plenum dat gisteren werd beëindigd, “tal van belangrijke beslissingen” zijn genomen. Zo ook over het lot van Chen.

Maar wat precies met het politiek zwaargewicht Chen moest worden gedaan, heeft de gemoederen in de politieke top in Peking ruim twee jaar beziggehouden. Chen Xitong werd in september 1995 van zijn functie als partijsecretaris ontheven waarna niets meer over hem werd vernomen. Van 'solidariteit' was geen sprake geweest. Kenmerkend derhalve was het antwoord dat het centrale leiderschap heeft gegeven op het boek van de anonieme schrijver, waarin het hele schandaal, inclusief het falen van Peking de corruptie in zijn eigen geledingen uit te bannen, fijntjes uit de doeken wordt gedaan. Het boek werd afgelopen zomer, zes maanden nadat het was verschenen, verbannen uit de Chinese boekwinkels.

'De toorn des hemels' werd tot ergernis van Peking door een hongerig publiek, moe van het gortdroge aanbod dat doorgaans in de winkels ligt, verslonden. Immers, de anonieme schrijver bracht op smakelijke wijze onder woorden wat door velen in China al jaren wordt gedacht. Het centrale leiderschap belooft sinds het begin van een nationale campagne die zes jaar geleden door president Jiang Zemin werd geïnitieerd, dat maatregelen worden genomen tegen corrupte overheidsfunctionarissen. Maar door de slepende voortgang van de zaak rond Chen Xitong nemen weinigen die belofte serieus.

De anonieme schrijver eindigt in zijn boek dan ook met de woorden van Chen Hu, een ambtenaar van het anticorruptiebureau. Chen wandelt, nadat het corruptieschandaal uitgebreid aan het licht is gekomen, samen met een collega zijn kantoor uit en staart naar de zich samenpakkende wolken van een naderend onweer. “Het weerlicht, maar het regent niet”, zegt Chen tegen zijn collega. Hij antwoordt dat het hier misschien “de woede van de hemel” betreft. Maar Chen concludeert dat alleen woede niet genoeg is, “We hebben regen nodig”, zegt hij.

Een vrijgevestigde socioloog uit Peking, die het boek heeft gelezen, citeert het einde. “Het drukt precies uit wat met de Chinese politiek aan de hand is”, zegt hij. “De bliksem en de donder symboliseren de vele beloften die ons keer op keer worden toegebruld door de centrale overheid. De regen staat voor de resultaten, en die blijven uit.”

Maar nu Chen Xitong vervolgd zal worden door de Chinese justitie, is iets van de alom bestaande scepsis in China jegens het huidige leiderschap weggenomen. De beslissing omtrent Chen was dan ook een van de weinige concrete resultaten van het zevende plenum van het veertiende partijcongres, dat gisteren werd beëindigd. Verder echter blonk de Chinese berichtgeving aangaande het congres uit in klassieke communistische vaagheid.

Bijna alle Chinese dagbladen maakten vandaag onder de kop 'Plenum steunt rapporten van de communistische partij van China', melding van “de aanname van een communiqué”. Over de inhoud evenwel werd geen woord gezegd. Voorts schreven de kranten dat formeel was besloten dat het vijftiende partijcongres vrijdag zal worden geopend - iets dat eind augustus al door dezelfde officiële media was vermeld.

Volgens enkele kritische politicologen in Peking wijst de weinig concrete berichtgeving op het ontbreken van algehele consensus binnen het centraal comité van de partij. Over een groot aantal cruciale onderwerpen zoals oplossingen voor China's noodlijdende staatssector en de politieke bereidheid voor de gedeeltelijke of complete privatisering van de staatsbedrijven bestaat grote onenigheid. Dat geldt ook voor beslissingen aangaande de verdeling van relevante posities binnen de partijtop. Doorgaans wordt in de zomer, wanneer het hoogste beslissingsorgaan van de partij, het zeven man sterke politburo, bijeenkomt in de badplaats Beidaihe, bepaald wie al dan niet wordt toegelaten of moet verdwijnen uit het politburo, het centraal comité van de partij, de centrale militaire commissie of de commissie voor discipline en inspectie. Jiang Zemin evenwel zou hebben gezegd dat niets mis is met het uitstellen van belangrijke beslissingen.

Het publiek onderwijl houdt zich, voor zover het in politiek is geïnteresseerd, bezig met het traditionele genoegen van het interpreteren van de vele geruchten die de ronde doen. Het geruchtencircuit is van oudsher een van de instrumenten geweest van communistische partijstrijd in China. Familieleden van invloedrijke partijleiders brachten, wanneer zij dat nodig achtten voor het behoud van de posities van die leiders in hun familie, opzettelijk geruchten in de wereld over haat en nijd in de partijtop. Achteraf is dan ook dikwijls gebleken dat die geruchten correct waren.

Jiang Zemin echter blijkt niet geïnteresseerd in dergelijke verouderde instrumenten en tracht narigheid te voorkomen. In opdracht van Jiang ging begin deze week een in het Volksdagblad gepubliceerde waarschuwing de deur uit, die oproept tot het bestrijden van roddels en geruchten. “Het onderzoeken, geloven en verspreiden van roddels is een liberale tendens die zeer schadelijk is. Het ondermijnt het vertrouwen van het volk en veroorzaakt chaos onder de kaderleden”, aldus het dagblad.